C. ZEEUWSCH-VLAANDEREN.

In Zeeuwsch-Vlaanderen is een streek, die zich tusschen Axel, Zaamslag

en Hulst uitstrekt, waar het Axelsche costume gedragen wordt. Geen

meer bizarre, meer on-Hollandsche dracht dan deze, niettegenstaande

haar eigenlijke constructieve deelen zeer klaarblijkelijk van zuiver

Hollandsch-Zeeuwsche afkomst zijn.

Maar er zijn eenige details dermate in overdreven en geëccentueerd dat

het geheel, op het eerste gezicht, zeer exotisch aandoet, en wellicht

(als ik deze onderstelling wagen mag) is ontstaan onder den invloed

van de madonna-beelden met hun (zie bl. 54, 55) versieringen zooals

die in het nabije Vlaanderen-land in de Roomsche kerken, moge zijn

opgemerkt. Zooveel is zeker, dat den indruk die deze dracht maakt,

vooral als ze door kinderen en half-volwassenen gedragen wordt, die

van een uitheemsch-afgodbeeld maakt, wonderlijk van vorm en kleur,

maar in zeer hooge mate eigendommelijk en zeer zeker van bijzondere

werking op de aesthetische verbeelding.

Deze dracht wordt in die streek nog zeer veel gedragen. De

mannen-dracht is tot de gebruikelijke zwarte boeren-kleedij

teruggebracht, maar die der vrouwen en kinderen is des te

rijker. De algemeene constructie van dit costume komt overeen

met het Zuid-Bevelandsche, dat is, het bestaat uit eenige rokken,

(keuzen) waarvan de onderste twee van baai zijn, dan één van _moiré_,

en daarover een van zwart satijn of fransch _merinos_.

Het bovenlijf is gekleed in het mouw-lijfje, waarvan de korte, even

boven de ellebogen eindigende mouwen, geboord zijn met kant.

Dan volgt de bekende beuk en de doek.

De bijzonderheid bij deze dracht ligt hoofdzakelijk in de zeer rijke

_koralen-versiering_ aan den hals, die op de beuk, zoowel van voren als

van achter is aangebracht. (Zie bl. 54, 55, 56.) Bovendien is de doek,

die steeds van gebloemde, gekleurde zijde is, op zeer eigenaardige

wijze met groote punten op de schouders opgeplooid. Deze punten,

die naast het hoofd naar boven steken, worden in de doek gehouden

door stijfpapieren opvulsels. Daarbij komt, dat de boezelaar eveneens

van kleurige gebloemde zijde is, en bovendien van voren in de taille

een groote strik van breede zijden linten, rijk met kleurige bloemen

versierd, gedragen wordt. (Zie bl. 54, 56.)

Voeg daarbij de koralen ketting met gouden slot (van voren) en

eenige gouden kettingen en broches (spelden) waarvan de voornaamste

de groote zijden strik in de taille vasthecht. Het geheel krijgt

daardoor dat zeer rijke, kleurige en zonderlinge uiterlijk wat de

Axelsche dracht van alle andere nederlandsche drachten onderscheidt,

zoowel door vorm als door kleur. (Zie bl. 54, 55, 56.) Opmerkelijk is,

dat de hoofdbedekking bij zooveel rijkdom van de lichaams-kleeding,

zeer eenvoudig is. Niets dan een witte onder-muts en een kanten over

(trek) muts, en lange gouden spelden en krullen, alles vrij nauw aan

het hoofd aansluitend.

De tegenstelling in deze met het Zuid-Bevelandsche costume is zeer

groot, waar de aandacht vooral getrokken wordt door de groote kanten

kappen, zij het dan ook dat de afmeting van die kappen in de laatste

kwart eeuw aanmerkelijk is toegenomen. Het Axelsche costume wordt

in dit deel van Zeeuwsch-Vlaanderen slechts door de Protestanten

gedragen; de Roomschen gaan in gewone burger-dracht, d.w.z. niet in

nationaal costume.

In het westelijk deel van Zeeuwsch-Vlaanderen, vindt men nog een

merkwaardige rest van een oude dracht, te Breskens, tegenover

Vlissingen. Daar bestaat het costume (van de vrouwen) in een soort

_cornet-muts_ met ornament van bijzonderen aard (roset-vorming). De

rest van het costume is een ouderwetsch _jak_, dat tot aan de knieën

rijkt, over een zeer wijd geplooide rok en schort. Dit _jak_, rok en

schort zijn (meest) allen van dezelfde kleur--bruin, grijs of zwart--en

van een (meest) glimmende stof (zijden, satijn, satinet) of van katoen.

Het geheel van dit costume maakt meer een ouderwetsche (Overijselsche)

indruk, uit de periode 1830-60, dan van een werkelijk nationale

Zeeuwsche dracht.

In de nabije en oud-tijds zoo belangrijke vestingstad Sluis zijn

wel een paar zeer mooie oude gebouwen uit de vervlogen glorie-tijd

overgebleven, maar van een nationale kleedij is er geen spoor.

De Nederlandsche Nationale Kleederdrachten · 第 30 / 50 题