cruorem solo cordis pulsu in extremas trudi arterias, ibi elastica
arteriae contractione retropelli aliquantulum quo momento ictus cordis
cessans, ejusque valvulae concidentes, regressui spatium laxant.
Wanneer men een doorzichtig deel van een levend dier onder een
microscoop legt, dan neemt men duidelijk waar, dat het bloed enkel
door den hartslag naar het uiterste gedeelte der slagaderen gedreven
wordt en, daar aangekomen, ten gevolge van de veerkrachtige
samentrekking der slagader een weinig teruggedreven wordt. Op
hetzelfde oogenblik houdt de hartslag op en vallen de hartkleppen
dicht, om het bloed daardoor gelegenheid te geven, om terug te
stroomen.
Reciproco hoc impulsu et repercussu varias mole partes cruoris applicari
ubique ad diversa capacitatis hiatu oscula, intra haec recipi, vel inde
repelli, tam clare, quam coelum hoc contueri est.
Dat door dezen afwisselenden aandrang en terugstoot de in massa
verschillende deelen van het bloed in het geheele lichaam hunnen weg
nemen naar de monden van verschillende openingswijdte en door deze nu
eens worden opgenomen, dan weer teruggestooten, dit alles vertoont
zich even helder aan ons oog als het zich boven ons welvende
uitspansel.
Tum solo hoc artificio secedere sanguinem in diversa colore et tenuitate
fluida, mox in venis iterum permiscenda eadem claritate cernitur.
Niet minder duidelijk zien wij het bloed zich verdeelen in
vloeistoffen, onderling verschillend in kleur en graad van dichtheid,
die zich vervolgens in de aderen weder vermengen; deze verschijnselen
hebben dezelfde oorzaak als de voorgaande.
Id vero Chemicorum conflictuum perito evidens ipsi oculi aciei apparet,
simplici impulsu aliunde dato, et vasis elatere, sine ullo fermenti
signo omnia haec fieri.
En nu zal iemand, die geoefend is in het waarnemen van chemische
processen, zelfs met het bloote oog kunnen constateeren, dat dit alles
uitsluitend ten gevolge van een van elders komenden aandrang en de
veerkrachtigheid der bloedvaten, zonder eenig teeken van gisting, tot
stand komt.
Defixus saepenumero in speculatione hac anceps mihi haesit animus, an
Spirantis cerneret animalis partem, an vero incilia meditatione summi
Mathematici excogitata, manu peritissimi Mechanici affabrefacta, per
quae liquores duceret, secerneret, misceretque absolutae artis
consummatione perfectus Aquilex.
Vaak beving mij, terwijl ik in de beschouwing hiervan verdiept was,
een twijfel, of ik wel een deel van een levend dier voor mij zag en
niet veeleer een samenstel van kanalen, door een hoogst bekwaam
werktuigkundige naar het ontwerp van een uitstekend mathematicus
gebouwd, door welke een waterbouwkundige van den eersten rang
vloeistoffen leidde, vaneenscheidde en vermengde.
Tandem vero si periculum capere juvat, an ex simplicibus et indubitatis
sensuum experimentis demonstrari queant per Mechanicos illa, de quorum
intellectu ante paucos annos nulla spes, Geometrico parta labore in usum
exempli citare decet.
Wilt gij eindelijk door feiten in het licht gesteld zien, dat de
Werktuigkundigen in staat zijn, door middel van eenvoudige en
betrouwbare proeven zoodanige vraagstukken tot oplossing te brengen,
die nog maar enkele jaren geleden voor onoplosbaar gehouden werden,
dan behoef ik u slechts in herinnering te brengen, welke resultaten op
dit gebied door wiskundigen arbeid verkregen zijn.
Perpendamus, quae docet, dum Mechanicen Medicis applicat Rebus,
Borellus.
Men bestudeere aandachtig de geschriften van BORELLI, waarin deze zich
bij de behandeling van medische vraagstukken van de Mechanica bedient.
Evolvantur, quae ex hujus Schola sapiens, eisdem usus principiis, et
Malpigianis inventis fretus Oedipi instar extricat Bellinus.
Men leze na, welke ingewikkelde problemen BELLINI, een geleerde uit
de school van BORELLI, met toepassing van dezelfde beginselen en
voortbouwend op de ontdekkingen van MALPIGHI, als een tweede OEDIPUS
heeft opgelost.
Tum quae illorum laudato excitatus labore, Orbi erudito Problemata
proposuit, demonstravitque, nobile quondam hujus Lycaei ornamentum
Pitcarnius.
Vervolgens ook de problemen, die PITCAIRN, weleer een sieraad dezer
hoogeschool, aangespoord door het succes van den arbeid der genoemde
geleerden, aan de geleerde wereld heeft voorgelegd en opgehelderd.
Scheineri, Cartesii, Hugenii de oculo, Kircheri, Schelhammeri, et
Morlandi de aure et auditu, scrutemur demonstrata.
Laat ons ijverig navorschen de verhandelingen van SCHEINER, CARTESIUS
en HUYGENS over het oog en die van KIRCHER, SCHELHAMMER en MORLAND
over het oor en het gehoor.
Constabit an prosit Medico Mechanice!
Dan zal het toch zeker geen vraag meer zijn, of de Mechanica der
Geneeskunde ten goede komt!
Apparebit quid sperandum sit, si ejus a peritis Medicis invehitur
in Medicinam usus, si in exercitatione hac pergitur tamdiu, quamdiu
patientia humana tam inepta sectarum molimina in disciplina Medica
tulit.
Dan zal blijken, welke resultaten te verwachten zijn, indien
Geneeskundigen, doordrongen van het nut dezer wetenschap, haar op hun
eigen gebied gaan toepassen, en indien met deze methode even lang
wordt voortgegaan als het verkondigen van de dwaze theorieën der
philosophische scholen in de medische wetenschap geduld is geworden.
Haec autem vera esse, et usum habere in Medicis Mechanicen, quamdiu de
Theoria agitur, consensus erit forte facilis, tamen ne hilum bonae
frugis ipsi Artis exercitio afferre, pervolgata objicitur querela.
Dat het boven gezegde juist is en dat derhalve de Mechanica kan
toegepast worden op de Geneeskunde, zal wellicht door ieder beaamd
worden, zoolang er slechts sprake is van de Theorie; voor de
practische uitoefening der Geneeskunde daarentegen wordt elk nut der
Mechanica door de meeste menschen ten stelligste ontkend.
Quae quidem speciosa hac distinctione prolata, qui consistere queant
simul, satis non video.
Hoe de bevestiging van het eene en de ontkenning van het andere, hoe
spitsvondig deze onderscheiding ook geformuleerd is, kunnen samengaan,
vermag ik niet te begrijpen.
Neque enim aliam hos intelligere Theoriam credo, nisi eam, quae ex
proximis causis clare docet, quae sani hominis vita sit.
Want zij, die dit onderscheid maken, zullen onder de Theorie der
geneeskunde toch niets anders verstaan dan de leer, die ons uit de
naaste oorzaken een helder inzicht weet te verschaffen in het leven
van den gezonden mensch.
Quod si, ut oportet, admittitur, sequetur Scientiam hanc noscendis,
curandisque morbis auxilia suppeditare optima.
Is deze definitie juist--en ik geloof niet, dat iemand er eenig
bezwaar tegen zal hebben,--dan volgt hieruit, dat deze wetenschap de
beste hulpmiddelen oplevert voor het opsporen en genezen der ziekten.
Causas enim qui recte novit perfectae sanitatis, ille, quoties hae
deficiunt, egregie ipsius defectus, id est morbi, originem rationemque
comprehendet.
Immers hij, die de voorwaarden eener volmaakte gezondheid grondig
kent, zal ook, wanneer een of meer van deze ontbreken, den oorsprong
en het wezen der afwijking, dat is der ziekte, volkomen begrijpen.
Qui autem causam aegritudinis proximam clarissime vidit, maxime is
idoneus, qui ei occurrat, est habendus.
Zal nu niet hij, die het helderst inzicht heeft in de naaste oorzaak
eener ziekte, ook voor den meest geschikten persoon moeten gehouden
worden, om die ziekte te bestrijden?
Eodem sc. modo se res habet ac in horologio, cujus si deviat index,
errores imperitus notare, at corrigere ex arte nemo potest, nisi ille,
qui requisitae structurae gnarus, vitia partium hinc et remedia invenit.
Het gaat er namelijk mede als met een uurwerk; als de wijzer afwijkt,
zal ook een leek de fouten kunnen opmerken, maar ze volgens de regelen
der kunst herstellen zal niemand anders kunnen dan hij, die kennis
heeft van de inrichting van uurwerken en daardoor ziet, wat er aan de
verschillende deelen hapert, hetgeen hem wederom de middelen tot
herstel aan de hand doet.
Ita nulla lucis scintilla in Theoria Medica micat, ad quam in faciunda
Medicina facem accendere non possit re peritus Artifex.
Zoo kan dus aan het kleinste lichtvonkje der theoretische Geneeskunde
door een bekwaam Meester een fakkel ontstoken worden, die hem bij het
practisch uitoefenen van zijn vak voorlicht.
Adeoque qui Mechanices in Speculatione, ille ejus in usu praestantiam
fatetur.
Wie derhalve het nut der Mechanica voor de theorie der Geneeskunde
erkent, doet het daarmede tevens ook voor de praktijk.
Docet hoc antiquitate nobilissima et usu ea artis pars, quae ab eo quod
manu medetur nomen gerit, quae sc. an inventis Mechanicis carere queat
vestra sit aestimatio.
Dit is vooral duidelijk bij dat zoowel om zijn hoogen leeftijd als om
zijn uitgebreide toepassing hooggeëerde deel onzer wetenschap, dat
zijn naam ontleent aan het "met de hand genezen"; oordeelt zelf, of de
chirurgie de uitvindingen der Mechanica ontberen kan.
Instrumenta, quibus vitia emendat, quis felicior, quam Mechanicis
imbutus Medicus inveniet?
Welke medicus zal met meer geluk instrumenten tot het herstellen van
gebreken uitvinden dan een zoodanige, die door en door vertrouwd is
met de Werktuigkunde?
Tenues, quae volitare putantur ante oculum, imagines, dum Matheseos
imperiti ut oriturae in aqueo humore suffusionis primordia tractant,
acerbis saepe erodunt tenellum et prava arte oculum.
De ijle figuurtjes, die men wel eens voor zijn oogen meent te zien
zweven, worden door Geneesheeren, die onbedreven zijn in de Wiskunde,
voor eerste verschijnselen eener aanstaande uitstorting in het
waterachtig vocht gehouden; vandaar dan ook, dat zij het toch zoo
teere oog, ganschelijk verkeerd, met scherpe vochten behandelen, die
er vaak een groote verwoesting in aanrichten.
Harum vero sedem reticulo, causam arteriis Geometrae consilio dum
reddit Willisius, dum demonstrat Pitcarnius, quam mutata est medelae
facies?
Hoe geheel anders is echter de geneeswijze geworden, sedert WILLIS met
wiskundig inzicht den zetel van dit verschijnsel in het netvlies en de
oorzaak er van in de slagaderen gezocht en PITCAIRN dit vermoeden tot
zekerheid gebracht heeft.
Abacto externorum mordaci apparatu, misso sanguine, et solventi
medicamine tuto tollitur, vel et negligitur malum.
Zonder gebruikmaking van eenig uitwendig bijtmiddel wordt het kwaad
door aderlating en toediening van een oplossend middel op voor den
patiënt onschadelijke wijze weggenomen, terwijl somtijds ook elke
behandeling onnoodig geoordeeld wordt.
Oculi error a radiis male collectis quam inepte tentatur collyriis vel
potus medicati haustu!
Welk een dwaasheid, een afwijking van het oog, bestaande in een
verkeerde breking der lichtstralen, met oogwaters of drankjes te
willen genezen!
Quam feliciter levatur perspicillis, quae cuique vitio singulari propria
regulae definiunt Hugenianae!
Op hoe afdoende wijze worden daarentegen dergelijke gebreken verholpen
door brillen, welke naar de voorschriften van HUYGENS voor elke
afwijking in het bijzonder geschikt gemaakt kunnen worden.
Opto ut, qui omnem Mechanices usum ex praxi proscribunt Medica,
intelligant prius vel unius Hugenii de emendandis visus vitiis
Commentarios.
Ik wenschte, dat zij, die alle toepassing der Mechanica van de
praktijk der Geneeskunde willen verre houden, maar eerst eens begonnen
met HUYGENS' werken over het opheffen der gezichtsstoringen te leeren
verstaan.
Illustre enim illud Batavorum lumen, assumpta ex anatomicis oculi
fabrica, et una morbi, cui succurrere vult, proprietate, mox ex meris
Mathematicis reperit auxilium, quod usum praestat huic tantum malo,
cujus proprietas assumta problema limitaverat.
Deze beroemde Nederlander heeft immers, met gebruikmaking van hetgeen
de anatomie leert over de inrichting van het oog, overigens alleen
lettend op het bijzondere karakter der ziekte, die hij genezen wil,
weldra door louter wiskundige berekeningen een hulpmiddel ontdekt, dat
slechts voor die kwaal afdoende is, welker door het onderzoek aan het
licht gebrachte eigenaardigheid de kern van het probleem had
uitgemaakt.
Intacto oculo, morbi effectum tollit; et inemendabilem in eo defectum
vitri figurati supplemento farcit.
Zonder aan het oog te raken, heft hij de uitwerking der ziekte op en
het onherstelbaar gebrek van het oog zelve wordt door het aanbrengen
van een bijzonder gevormd glas onvoelbaar gemaakt.
En pulchra, in quibus, ut in speculo, spectatur Geometrarum in medicis
Mechanice ratiocinandi methodus, usus et successus.
Ziedaar schoone voorbeelden, die een zeer duidelijk beeld vertoonen
van de mechanistische methode, door de wiskundigen bij het behandelen
van geneeskundige vraagstukken toegepast, van het nut, dat zij
oplevert en het succes, dat er mede te bereiken valt.
Hac via si pertractabunt omnia, ut revera sensim poterunt, habebitur
tandem certior, neque obnoxia figmentis, neque omni mutabilis hora, sed
aeterna scientia medica.
Wanneer men volgens deze methode ook alle overige vraagstukken zal
gaan behandelen--en ik twijfel er niet aan, dat men het langzamerhand
wel zoover zal brengen--dan zullen wij eindelijk eens in het bezit
komen van eene geneeskundige wetenschap, die, op zekerder basis
gegrondvest en vrij van verzinselen, niet ten allen tijde
veranderlijk, maar eeuwig dezelfde zal zijn.
Non est porro quod dicat quis, nondum confirmari vitia fluidorum
adeoque internae aegritudinis causam, hujusque mitigationem auxiliis
subjici Mechanicis.
Men brenge nu niet hiertegen in, dat het nog niet bewezen is, dat op
de afwijkingen der vloeistoffen en dus op de oorzaken der inwendige
ziekten en hare leniging met aan de mechanica ontleende hulpmiddelen
een gunstige invloed geoefend kan worden.
Vel enim an impossibilis fructus hic, vel an necdum acquisitus
quaeritur.
Want met die opmerking wordt hetzij deze vraag bedoeld, of dit
resultaat wel ooit te bereiken valt, hetzij deze, hoe het komt, dat
het nog niet bereikt is.
Si posterius, iniquos habemus et molestos Censores.
Wordt dit laatste bedoeld, dan hebben wij onbillijke en lastige
beoordeelaars.
Quis aequo ferat animo peti, ut pauci Mechanici, qui Medicis a pauco
tempore vacarunt rebus, ea jam perfecerint, quae tribus annorum millibus
junctis viribus alii omnes vix potuerunt inchoare?
Is het niet ergerlijk, te hooren eischen, dat de weinige
Werktuigkundigen, die zich eerst sedert korten tijd op geneeskundig
gebied bewegen, een zoodanig werk reeds geheel volbracht zouden
hebben, waaraan alle anderen te zamen in een tijdsverloop van
drieduizend jaren met vereende krachten nog zelfs geen begin van
uitvoering hebben kunnen geven?
Imo id omnino impossibile: quum enim Mechanices Medicis applicandae lex
exigat, ut structura solidorum, natura liquidorum, effectus horum
sensibiles in sanitate et morbis inserviant pro datis, quis tam
absurdus, qui operosissimae Artis fastigium in ejus rudimentis quaerat.
Wordt daarmede niet iets geheel onmogelijks verlangd? Daar immers de
eerste voorwaarde voor het toepassen der mechanica op de geneeskunde
deze is, dat daarbij van de kennis van den bouw der vaste deelen, van
den aard der vloeistoffen en van de verschijnselen, welke zij zoowel
in normalen als in ziekelijken toestand teweegbrengen, als van vaste
gegevens kan worden uitgegaan, is het dan niet ongerijmd, te eischen,
dat zulk een omvangrijke wetenschap, terwijl zij nog in het eerste
stadium harer ontwikkeling verkeert, reeds haar toppunt bereikt zal
hebben?
Si autem judicat quis nunquam vel quidquam hac via perfectum iri, is,
rogo, perpendat, morbi a fluido orti causam pendere _ut plurimum_ a
vitiato ejus per vasa transfluxu.
Is er echter iemand, die meent, dat langs dezen weg nooit ook maar
iets tot stand gebracht zal worden, dan moge hij wel bedenken, dat
ziekten, die door een der vloeistoffen veroorzaakt worden, in verreweg
de meerderheid der gevallen het gevolg zijn van een abnormale
strooming dier vloeistof door de vaten.
Hoc Hippocratica, si componuntur Sanctorianis et quotidiani usus
experimentis, docent.
Dit leeren ons de waarnemingen van HIPPOCRATES, vergeleken met die van
SANCTORIUS en met de dagelijks door ons waargenomen verschijnselen.
Fluxus vero impedimentum internum vel languori virtutis impellentis, vel
contractioni vasculorum convulsivae, vel liquidis copia, motu,
spissitate, aut tenuitate peccantibus adscribet _plerunque_, qui vitae,
sanitatis, morbi, mortis et cadaverum phaenomena comparavit sedulus.
En nu zal hij, die een vergelijkende studie gemaakt heeft van de
verschijnselen, welke het menschelijk lichaam zoowel bij het leven,
hetzij in gezonden of ziekelijken toestand, als bij en na den dood te
aanschouwen geeft, den innerlijken grond van zulk een stoornis in de
strooming in den regel zoeken in een verslapping der stuwkracht, een
krampachtige samentrekking der vaten of in afwijkingen der
vloeistoffen, wat betreft hare hoeveelheid, beweging en meer of
minderen graad van dichtheid.
Quin adjumenta, quibus morborum miseriam lenimus aegris, ea prodesse
gratia _inprimis_, qua dicta malorum capita auferunt, attenta nos docet
contemplatio.
Een aandachtige beschouwing doet ons inderdaad zien, dat de gunstige
werking der middelen, door welke wij de pijn onzer patiënten plegen te
stillen, voornamelijk daaraan te danken is, dat zij de zooeven
genoemde oorzaken der ziekten wegnemen.
Aurea comparentur Sydenhami observata demonstratis de missione
sanguinis, stimulis et Villo contractili Bellinianis, et, postquam
Mechanica plane ope juvare vulgata remedia constat, spes concipietur
sensim demonstrandi regulas subire posse et vires eorum et applicandi
rationem.
Men vergelijke de gulden waarnemingen van Sydenham met de
verhandelingen van BELLINI over de aderlating, de prikkels en de
samentrekbaarheid der vezels, en wanneer men daaruit zal geleerd
hebben, dat de heilzame werking der meest gewone geneesmiddelen op
volkomen mechanische wijze wordt voortgebracht, zal men wel de
verwachting durven koesteren, voor de werkingen dezer middelen en de
wijze hunner toepassing langzamerhand vaste regels te zullen zien
opstellen.
Vix enim me contineo, quin, praematurius forte, pronunciem simpliciores
esse, et magis Mechanicas morborum maxime compositorum causas, quam
ullus Medicorum cogitat.
Nauwelijks kan ik mij bedwingen, wellicht al te voorbarig, het uit te
spreken, dat de oorzaken der oogenschijnlijk meest ingewikkelde
ziekten eenvoudiger en van meer mechanischen aard zijn dan eenig
geneesheer vermoedt.
Unius enim partis minima et simplicissima labes unionis necessitate et
contagio totam saluberrimae Machinae vim subito pervertit.
Immers de minste en onbeduidenste beschadiging van één deel eener
machine is in staat, tengevolge van zijne beroering met de overige
deelen en den nauwen samenhang van het geheel, op eens de geheele
machine, hoe gaaf ze overigens ook moge zijn, in de war te sturen.
Tenuissima acu, eaque ex purissimo Chalybe pungatur tendinis vel nervuli
fibrilla in corpore sanissimo.
Laat eens in het meest gezonde lichaam een vezeltje eener pees of
kleine zenuw door een zeer fijne naald van het zuiverste staal geprikt
worden.
Heu quam dira ex vili vulnusculo tantillae particulae malorum, heu quam
multiplex cohors!
Welk een gruwelijke opeenstapeling van kwalen ziet gij dan
voortspruiten uit een onbeduidend wondje van zoo'n klein deeltje.
Dolor, rubor, tumor, ardor, pulsatio, febris, sitis, delirium, convulsio
et horrenda tristis tragoediae catastrophe mors.
Pijn, een roode, opgezwollen plek, gloeiing, klopping, koorts, dorst,
ijlhoofdigheid, stuiptrekkingen en de vreeselijke ontknooping der
tragedie, den dood!
Spina, levisve festuca membranoso infixa loco eadem brevi parit.
Een doorn of fijne stroohalm verwekt, op een vliesachtige plaats
binnengedrongen, in korten tijd dezelfde verschijnselen.
Et miramur venenorum spicula, pestis lanceolas, vel salium acumina
similia peragere?
Waarom zouden wij er ons dan over verwonderen, dat de stekels der
vergiften, de pijlen der besmetting of de prikkels der zouten een
gelijke uitwerking hebben?
Quin solo motu externo quam mirae rerum mutationes in corpore sano!
Welke wonderlijke veranderingen zien wij in een gezond lichaam niet
plaats grijpen zelfs alleen ten gevolge eener uitwendige beweging!
In gyrum agatur, vel jactetur maris fluctibus scaphae insidens
insuetus: Quid fit? vertigo, pallor, nausea, vomitus, anxietas, mille
morborum aerumnae, mille fluidi vitalis et incredibiles mutationes a
solo motu oriundae.
Stelt U voor, dat iemand, zonder er gewoon aan te zijn, in een bootje
op zee door de golven in een kring rondgedreven of heen en weer
geslingerd wordt; welke verschijnselen doen zich daar niet voor!
Duizeligheid, bleekheid, misselijkheid, braking, angst, allerlei
ziekteleed, tallooze ongelooflijke afwijkingen van het levensvocht,
en dat alles uitsluitend gevolg der beweging!
Qui ergo humores integros manere novit, quamdiu vi canalium conquassati
propelluntur, qui stagnantes hos in calido, humidoque loco morbosos
reddi statim et trahere sincera scit, qui ex uno simplicique malo
infinita alia statim sequi animadvertit, facillime perspiciet
exspectanda ad haec a mechanico medico promtissima tandem auxilia:
Wie derhalve weet, dat de vochten ongedeerd blijven, zoolang zij door
den druk, dien de vaten er op uitoefenen, worden voortgedreven, dat
zij echter door stil te staan op een warme en vochtige plaats terstond
in een ziekelijken toestand geraken en ook gezonde deelen aantasten,
wie waargenomen heeft, dat van één enkele onbeduidende afwijking
tallooze andere afwijkingen het onmiddellijk gevolg zijn, zal
gemakkelijk inzien, dat eerst van den mechanistischen geneesheer
afdoende middelen hiertegen te verwachten zijn;
ex causis enim impediti fluoris, regulis superandae resistentiae,
restituendi motus elastici, augendae virtutis cordis collatis cum morbi
phaenomenis quid non invenietur tandem?
wat al ontdekkingen zullen haar ontstaan te danken hebben aan
het in verband brengen der ziekteverschijnselen met de oorzaken der
stoornissen in den bloedsomloop en de regels voor het overwinnen van
den weerstand, het herstellen der veerkrachtige beweging en het
versterken der hartwerking!
At enim vitam, morbos, sanitatem in nobis ex principiis fluere non
Mechanicis mentis docet in corpora potestas. Frustraneus ergo tot
irritorum conaminum labor! Vana supervacaneae Mechanicae speculationis
spes.
Maar, zoo werpt men mij tegen, de macht van onzen geest over ons
lichaam doet ons toch duidelijk zien, dat leven, ziekte en gezondheid
uit niet-mechanische beginselen voortvloeien. Tevergeefsch derhalve is
uwe inspanning, vergeefsch uwe pogingen! IJdel zijn de verwachtingen,
die gij van uwe nuttelooze mechanistische studie koestert!
Talia aggerens utinam rideret securus, neque communem ignorantiae
calamitatem eadem deploraret querela!
Het ware te wenschen, dat hij, die dergelijke tegenwerpingen maakte,
zich slechts een onschuldig genoegen daarmede verschafte en dat in
zijne schertsend geuite klacht niet tevens de beklagenswaardige ramp
van ons aller onwetendheid tot uiting gebracht werd!
Quis enim miri hujus commercii vim invenire potuit in aliquo, quod
corpus constituit vel mentem?
Want wie heeft ooit in een der samenstellende deelen van onzen geest
of van ons lichaam ook maar iets kunnen ontdekken, dat voor het
wonderbaarlijk samengaan van beide een verklaring oplevert?
Sciat tamen, virtutem cogitationis, simulac in corpus influit, totum
quod in eo producit, facere corporeum, adeoque legi Mechanicae obediens.
Men houde echter wel in het oog, dat alle werkingen, die onze geest in
ons lichaam teweegbrengt, van uitsluitend lichamelijken aard zijn en
dat _deze_ dan toch aan de wetten der Mechanica gehoorzamen.