At si totam fluidi molem simul spectamus, gravitas ejus fluorque

communes deprehunduntur sublunaris liquidi proprietates. Virtus vero

elastica, ponderis, spissitudinis, fluiditatis, nixusque in contactum

gradus varii, momentum impetus quo fertur, et itineris directio palmaria

sunt quae unum ab alio fluidum distinguunt. Horum vero omnium tanta

efficacia est, ut infinita, quae sanis contingunt, non aliunde oriantur.

Letten wij daarentegen op de gezamenlijke massa der vloeistof, dan

nemen wij zwaarte en strooming als de eigenschappen waar, welke alle

vochten op aarde met elkander gemeen hebben. De elasticiteit echter,

de verschillende graden van zwaarte, dichtheid, vloeibaarheid en

adhaesievermogen, de snelheid en de bewegingsrichting zijn de

voornaamste eigenschappen, waardoor de vloeistoffen zich onderling

onderscheiden. De invloed nu van al deze eigenschappen is zóó groot,

dat de oorsprong der tallooze verschijnselen, welke het menschelijk

lichaam in normalen toestand te aanschouwen geeft, slechts daarin

behoeft gezocht te worden.

Quamobrem quicunque ex praecepto scientiae rite haec enucleat, opus is

absolvit summae ad perfectionem medicam necessitatis.

Wie derhalve van dit alles op streng wetenschappelijke wijze een

systematische uiteenzetting weet te geven, verricht daarmede een werk

van het grootste belang voor de bevordering der geneeskunde.

Sed fidem vestram! quis proponere, explicare et demonstrare vim eorum

poterit, qui Hygrostatices, quae subtilis Mechanices pars, rudis est?

En nu vraag ik U, wie zal de beteekenis der genoemde verschijnselen

kunnen in het licht stellen, verklaren en aantoonen, die niet

vertrouwd is met de Evenwichtsleer der vloeistoffen, dat zoo

ingewikkelde onderdeel der Werktuigkunde?

Haec illa est Aquilegum scientia, quae ex assumtis, modo quas descripsi,

affectionibus ratiocinia nectens geometrica utilissima et usui apta

reperit Theoremata.

Dit is de zoo vermaarde wetenschap der Waterbouwkundigen, welke, door

gebruik te maken van wiskundige berekeningen bij de bestudeering der

zooeven door mij genoemde eigenschappen, zeer nuttige en voor de

praktijk bruikbare leerstellingen gevonden heeft.

Haec, neglecta causa physica, et cujusque particulae, quae fluit,

singulari natura, ex his, quae sensibus per eventum in tota mole

patent, quam gravia, quam utilia vitae, methodo invenit Mathematica?

Heeft zij niet, zich niet bekommerend om de natuurkundige verklaring

der verschijnselen, noch om de werking, die elk deeltje der vloeistof

op zichzelf uitoefent, doch slechts rekening houdend met de voor de

zintuigen waarneembare werking der geheele massa, met toepassing der

wiskundige methode hoogst belangrijke resultaten verkregen, waarvan

wij ook in het dagelijksch leven nut ondervinden?

Evolvat Archimedis, Cartesii, Stevini, Borelli, Mariotti, Hugenii,

Neutoni, et Bellini scripta, qui re, non verbis, convinci cupit.

Hij, die feiten verlangt en zich niet door woorden wil laten

overtuigen, neme de werken van ARCHIMEDES, CARTESIUS, STEVIN, BORELLI,

MARIOTTE, HUYGENS, NEWTON en BELLINI ter hand.

O quam necessaria feliciori Genio, ut revelentur, reliqua sunt in

Pulcherrima hac Speculatione!

Hoezeer ware het te wenschen, dat meer bevoorrechte geesten over de

nog onopgeloste problemen op het gebied dezer wetenschap hun helder

licht lieten schijnen.

Hanc utinam excolant! utinam exhauriant! utinam nobis aperiant Viri

Mathematice docti!

Mochten toch de Wiskundigen zich op haar toeleggen, haar in alle

richtingen doorvorschen, om ze ons ten slotte met volkomen

duidelijkheid te doen kennen!

Ab hoc Eorum labore, quo generales liquidi effectus luce illustrarent

mathematica, brevi tempore plus maturi in horto medico fructus

exspectare licet, quam ab omni eo, quod aliunde in hunc congestum

hactenus.

Indien zij zich er toe willen zetten, de vraagstukken, rakende de

algemeene werkingen der vloeistoffen, door het licht hunner wetenschap

op te helderen, mogen wij verwachten, dat hun arbeid binnen korten

tijd rijker vrucht voor de geneeskunde zal afwerpen, dan al hare

andere hulpwetenschappen haar tot nog toe hebben opgeleverd.

Taedet quippe pudetque ineptiarum, quibus seriam prae caeteris Artem

ridiculam fecere, qui Mechanices imperiti vim liquidorum humanorum

explicare conati sunt.

Wij moeten ons inderdaad ergeren en tegelijkertijd schamen over de

zotternijen, waardoor zij, die, zonder kennis der Werktuigkunde, de

werking der menschelijke lichaamsvochten trachtten uiteen te zetten,

een zoo bij uitstek ernstige wetenschap als de geneeskunde in een

belachelijk daglicht geplaatst hebben.

Et palam affirmo, vitalium actiones humorum scire posse neminem, qui

Aquilegum regulas ignorat.

En ik verklaar ronduit, dat niemand de werkingen der levensvochten kan

begrijpen, die niet vertrouwd is met de wetten der Waterbouwkunde.

Quae dum libertate Medica firmus assero, jurgii hic illaturos causam

praesagit animus eos, Qui, nescio qua gratia, ab Hermete nomen sibi,

sectamque condunt.

Terwijl ik dit met de vrijmoedigheid, den geneesheer eigen, verkondig,

zie ik in mijne verbeelding reeds hen zich tot den strijd gereed

maken, die, ik weet niet waarom, zich en hunne school naar HERMES[2]

noemen.

[Voetnoot 2: HERMES TRISMEGISTUS is de patroon der alchimisten.

In dezen tijd wordt er geen streng onderscheid gemaakt tusschen

chemie en alchimie. (Vertaler).]

Egone ex universali hac liquidorum doctrina deduxerim ea, quae

singulares eorum virtutes absolvunt?

Zou ik uit deze algemeene leer der vloeistoffen al datgene kunnen

afleiden, wat betrekking heeft op hare bijzondere eigenschappen?

An fermenti stabiles motus, diversorum liquidorum ferventes conflictus,

putredinis spontaneae mirabiles effectus ex Mechanicis explicuerim

unquam?

Of zou ik voor de altijd gelijke bewegingen der gisting, voor de

ziedende botsingen der verschillende vloeistoffen of voor de

wonderbaarlijke werkingen der spontane rotting ooit een verklaring

kunnen vinden in de wetten der Mechanica?

Talia objectans, eorum, quae dicta, memor, paucis, quae dicam, animum

adhibeat.

Hij, die zulke tegenwerpingen maakt, moge, gedachtig aan hetgeen ik

reeds gezegd heb, ook het volgende in het oog houden.

Mea enimvero sic est ratio, justa, vel secus, vestrum sit judicium.

Want dit is mijne meening hieromtrent; het staat aan U, mijne

hoorders, de juistheid ervan te beoordeelen.

Ex experimentis Chemicorum historiam haberi posse valde limitatam

singularium eventorum, quatenus in circumstantia definita sensibile

quidpiam producunt.

Ik geef toe, dat de proeven der Scheikundigen een, trouwens zeer

beperkt, inzicht kunnen geven in de ontwikkeling van enkele op

zichzelf staande verschijnselen, voor zoover die proeven iets voor

onze zintuigen waarneembaars opleveren, waarbij men dan nog dient

rekening te houden met de bijzondere omstandigheden, waaronder zij

plaats hadden.

Necessaria ergo quam maxime est Medicinae haec Ars, dum observatorum

Sylvam largitur et observandi praebet optimum compendium.

De scheikunde is derhalve volstrekt onmisbaar voor de medische

wetenschap, daar zij haar de beschikking geeft over een uitgebreide

reeks van waarnemingen en de beste waarnemingsmethoden aan de hand

doet.

Data enim exhibere, horumque definire conditiones valet, regulas autem

ratiocinandi ex his Chemia dabit nunquam.

De Chemie kan dus wel gegevens verschaffen en de voorwaarden,

waaronder deze verkregen zijn, duidelijk omschrijven, doch in geen

geval is zij in staat, vaste regels te geven, volgens welke uit die

gegevens verdere conclusies getrokken kunnen worden.

Ne tamen vel sic nimis, ut solent, se efferant, qui unius Chemiae cultu

omnem Medicae Sapientiae thesaurum se possidere vani jactant!

Doch zelfs indien dit wél het geval ware, ook dan nog was de

hoovaardij van hen misplaatst, die er zich maar steeds dwaselijk op

beroemen, enkel door de beoefening der scheikunde den geheelen schat

der medische wetenschap in bezit te hebben!

Enimvero plura in nobis, sani vigeamus, vel langueamus aegri, fieri

ex communibus illis liquorum proprietatibus, quas sibi sumserunt

expendendas Geometrae, quam ex insitivis, dubiis, et arte Chemicorum

factis plerumque, pervulgato palam documento est.

Dat immers in ons lichaam, hetzij in normalen of ziekelijken toestand,

meer verschijnselen teweeggebracht worden door de algemeene

eigenschappen der vochten, welke de wiskundigen zich tot taak gesteld

hebben te onderzoeken, dan door die, welke valschelijk verdicht,

twijfelachtig of grootendeels door de Scheikundigen zelf kunstmatig

verwekt zijn, blijkt duidelijk uit het volgende door een ieder

waargenomen feit.

Aqua naturae ariditatem alter corrigit, Falerno alter quotidie venas

inflat; fructubus hic, Cerealibusque parvo assuetus famem explet, et

sustentat Spiritum, ille carnibus, piscibus, terra natis, et omni

condimentorum varietate Apitiana onerat ventrem; alii blando et insulso

fere victu aluntur, alii salitis, acidis, et acribus quibusque intestina

stimulant.

De een lescht zijnen dorst met water, de ander doet zijn lichaam

dagelijks opzwellen door het gebruik van Falerner[3]; deze, aan

soberen kost gewend, stilt zijnen honger met en leeft alleen van

vruchten en meelspijzen, gene overlaadt zijne maag met vleesch, visch,

groenten en met den fijnsten smaak uitgelezen kruiderijen; sommigen

voeden zich met laffe en bijna zoutelooze spijzen, anderen prikkelen

hunne ingewanden met allerlei gezouten, zure en scherpe gerechten.

[Voetnoot 3: Een bij de Ouden gerenommeerde wijnsoort.

(Vertaler).]

Multiplex adeo assumtorum varietas vitam tamen sanitatemque plures per

annos protrahit in iis, qui tamen diversis humores suos saturant

corpusculis.

Toch zien wij, dat, niettegenstaande een zoo groote verscheidenheid

van voedingsstoffen, zoowel personen die tot de eene als die tot de

andere categorie behooren, gedurende vele jaren leven en gezondheid

kunnen behouden, hoe verschillend de lichamen ook zijn, waarmede zij

hunne vochten verzadigen.

Liquido argumento magis communi fluidorum naturae Mechanicis explicatae,

et in ipso corpore vi viscerum productae, quam singulari cujusque

particulae virtuti, actiones vitae deberi.

Wordt daardoor nu niet ten stelligste bewezen, dat de

levensverrichtingen in meerdere mate afhankelijk zijn van den

algemeenen aard der vloeistoffen, zooals die door de werktuigkundigen

ontvouwd is en zich in het lichaam zelf door de werking der ingewanden

openbaart, dan van de bijzondere eigenschappen van elk deeltje op zich

zelf?

Si aurea Verulamii de vita et morte monumenta, si liberae Hippocratis

et Celsi de victu sanorum leges, si usus non satis id confirmat

quotidianus, omni dignissimum fide Louwerum, sincerum mehercle et

defaecato judicio sagacem Virum vobis citabo.

Indien gij dit niet genoegzaam bewezen acht door hetgeen hierover te

vinden is in de meesterwerken van BACO van Verulam over leven en

dood[4], door de vrijzinnige voorschriften, die HIPPOCRATES en CELSUS

omtrent de voeding van gezonde personen gegeven hebben, en ten slotte

door hetgeen de dagelijksche ondervinding ons leert, dan zal ik u een

voorbeeld aanhalen, ontleend aan LOUWER, een man, aan wiens woorden

men, wegens zijn buitengewone eerlijkheid en scherpzinnigheid, gepaard

aan een helder oordeel, onvoorwaardelijk geloof moet hechten.

[Voetnoot 4: Een van BACO's werken draagt den titel: "Historia

vitae et mortis". (Vertaler).]

Hic enim, immani cruoris jactura exsanguem, jure carnium solo ingesto,

venis recepto, per has fluente, imo colore nec mutato effluente per

vulnera, revixisse Juvenem testatur.

Deze toch verzekert, dat eens een door geweldig bloedverlies

uitgeputte jongeling enkel door het toedienen van vleeschsap, dat in

zijne aderen werd opgenomen, er doorheen stroomde en zelfs zonder

verandering van kleur weder uit de wonden te voorschijn kwam, tot het

leven teruggebracht werd.

Sed quid verbis opus in re clara?

Doch waartoe woorden te verspillen over eene zaak, die zóó voor zich

zelf spreekt.

Ad Vos ego provoco, Vestram appello fidem Clarissimi Viri Medici, Quorum

sapientia huic Coronae venustatem conciliat, Quorum salutari dextra

incolumis huic Urbi praestatur sanitas!

Op u beroep ik mij, uw getuigenis roep ik in, doorluchte Geneesheeren,

wier wijsheid dezen kring luister bijzet, wier zegenrijke hand dezer

stad de gave eener onverstoorde gezondheid toebedeelt!

Nonne incumbit nobis, dum aegris Medicina fit, vel millies fluida

inspissare, resolvere coacta, stagnantia movere, compescere dissoluta,

diluere crassa, leviora solidare?

Zien wij ons niet bij het behandelen onzer patiënten tallooze malen

genoodzaakt, al te vloeibare stoffen te verdikken, samengepakte op te

lossen, stilstaande in beweging te brengen en al te lichte stoffen

meer stevigheid te geven?

Dum rarissime ad pugnas Salium, flammas Sulphurum, vel tectum Mercurii

genium attendere cogimur.

Hoe uiterst zelden daarentegen worden wij gedwongen, onze aandacht te

wijden aan den strijd der zouten, de vlammen der zwavels en de

geheimzinnige werking van het kwikzilver!

Ipsi certe illi, qui mera ubique Chemica crepant, cum morbus manum

poscit, repudiatis suis, sedulo, quae laudavi, inquirunt.

Ja, zelfs zij, die het maar altijd over chemische middelen hebben,

passen, als een ziekte hen dwingt handelend op te treden, met

verzaking van hun eigen leer, ijverig de zooeven door mij genoemde

methoden toe.

Si ergo his fluidorum proprietatibus tot debentur, si has omnium

suffragio optime excusserint Mechanici, patet ipsa fluida vitalia ut

cognoscantur Medico, auxiliis egere Mechanices.

Indien het dus waar is, dat zooveel te danken is aan de genoemde

eigenschappen der vloeistoffen en de werktuigkundigen het zijn, die

deze naar aller oordeel het best onderzocht hebben, zoo volgt hieruit,

dat de kennis der levensvochten zelve voor den geneesheer verborgen

moet blijven, indien hij niet met de Mechanica vertrouwd is.

Spectate jam effectus, qui ex fluentibus per vasa liquoribus oriuntur,

evidentior longe fulgebit Veritatis Mechanicae potestas.

Vestigt thans eens uwe aandacht op de werkingen, die een gevolg zijn

van het stroomen der vloeistoffen door de vaten, en nog veel

duidelijker zal de groote beteekenis van de waarheden der Mechanica in

het oog springen.

Si enim liquida descripta in vasis depictis quiescunt habebimus cadaver.

Indien toch de bovengenoemde vloeistoffen in de vaten, zooals wij die

beschreven hebben, stilstaan, dan hebben wij een lijk voor ons.

Ubi vero liber his humoribus per canales conciliatur motus corpus vivum

cernimus.

Indien echter deze vochten zich ongehinderd door die kanalen kunnen

bewegen, aanschouwen wij een levend lichaam.

Sermoni fidem quisquis meo negat, suis ut oculis credat oportet.

Wie zich door mijne woorden niet wil laten overtuigen, zal toch wel

zijn eigen oogen willen gelooven.

Mollem consideremus hominem, qui salientis de vulnere cruoris spectaculo

perturbatus in animi cecidit deliquium.

Denkt u een gevoelig persoon, die door den aanblik van uit eene wonde

stroomend bloed in zwijm gevallen is.

Mortuum videmus; sed qualem? in quo cuncta solida, quae sanitati

sufficiunt, adsunt et liquida, solus abest liquores in gyrum agens

motus.

Wij zien hier een doode, maar toch geen gewoon lijk. Immers alle vaste

en vloeibare stoffen, zooals die bij een normaal mensch gevonden

worden, zijn aanwezig; slechts de beweging, die de vochten in omloop

brengt, ontbreekt er aan.

Huic quacunque demum ope concutiantur nervi, ut motrix cordis materies

fluat, redit statim, depulsa tristi mortis imagine, laetior vita.

Denkt U vervolgens, dat men, door welk middel dan ook, de zenuwen van

dien persoon heeft weten te prikkelen, zoodat de stof, die het hart in

beweging brengt, weer zijn gewonen loop krijgt, terstond houden alle

droeve verschijnselen van den dood op en keert het leven, opgewekter

dan voorheen, terug.

Vita non modo; calor, rubor, agilitas, cogitatio, vitalis omnis,

naturalis et humana simul redit actio.

En niet alleen het leven, maar ook de warmte, de blozende huidskleur,

de lenigheid, het denkvermogen, kortom alle natuurlijke en specifiek

menschelijke levensuitingen keeren tegelijkertijd weder.

Quid hic fermenti, quid effervescentis, quid salis pugnacis, quid olei

spiritusve nascitur aut perit?

Wat merken wij hier van het ontstaan of vergaan van een gisting, een

opbruising, een weerbarstig zout, van een olie- of geestachtig

beginsel?

Excepto motu, neque additur, neque demitur quidquam, vita tamen amissa

ipsa redditur.

Behalve de beweging wordt er niets toegevoegd of verwijderd; toch zien

wij het leven zelf, dat reeds verloren was, wederkeeren.

Sic aves et insecta constricta frigore hyberno, lenis statim in vitam

excitat tepor.

Hetzelfde verschijnsel kunnen wij waarnemen bij vogels en insecten,

die, door de winterkoude verstijfd, slechts aan een matige warmte

behoeven blootgesteld te worden, om terstond weer tot het leven terug

te keeren.

Sed veritatis qui convictus viribus, ob ipsam argumenti vulgatam

claritatem, certis saepe diffidit.

Er zijn echter menschen, die, hoewel buigend voor de kracht der

waarheid, toch vaak ook stellig vaststaande waarheden weigeren aan te

nemen wegens de te algemeene bekendheid van de feiten, waarop zij

berusten.

Rariori ergo ut spectaculo firmetur, quae nimis noto patuit satis

exemplo fides, in Hokii vos officinam invitat oratio.

Om nu mijne beweringen, die eigenlijk door de genoemde overbekende

feiten reeds voldoende bewezen zijn, ook door een zeldzamer voorbeeld

te staven, noodig ik U uit, met mij een kijkje te nemen in het

laboratorium van Hooke.

Destructo thorace mortuum animal inflatis per follem Laryngi applicatum

pulmonibus cito reviviscit.

Een door vernieling der borstkas bezweken dier zien wij daar, nadat

zijn longen door middel van een aan het strottenhoofd bevestigden

blaasbalg opgeblazen zijn, spoedig tot het leven terugkeeren.

Attoniti miraculo vitae tam mechanicae ad magnum cito adeamus

Glissonium; en ille impulso ope vesicae in venas liquido mirifice

vitales actiones aemulafur in defuncti dudum hominis cadavere.

Laten wij vervolgens, nog onder den indruk van dit schouwspel, dat ons

het leven als iets zoo werktuigelijks deed kennen, ons snel tot den

grooten Glisson wenden. Ziet, hoe hij in het lijk van een reeds lang

overledene op wonderbaarlijke wijze de levensverrichtingen kunstmatig

te voorschijn roept door het door middel van een blaas inspuiten van

vocht in de aderen.

Omnia haec in specimen allata, infinita enim dici possent, an non

evincunt satis, cuncta fere, quae vitam, sanitatemque nostram faciunt,

vel sequuntur, pendere a motu illo, quo humores per vasa mutua plane

moventur et agunt vicissim agitatione?

Bewijzen al deze als voorbeelden aangevoerde feiten--en men zou er

tallooze kunnen opsommen--niet voldoende, dat ongeveer alles, wat ons

leven en onze gezondheid veroorzaakt en er uit voortkomt, afhangt van

het regelmatig heen en weer stroomen der vochten door de vaten?

Cujus effectus, et leges, quum soli rite intelligant, explicent, et

demonstrent, in Pneumaticis atque Hydraulicis, Mechanici, concludo

cuncta ergo rursum disciplinae subjecta haec Mechanicae.

Daar nu de Werktuigkundigen alleen het zijn, die de werkingen dezer

beweging en de wetten, waaraan zij gehoorzaamt, volkomen doorzien en

in dat deel hunner wetenschap, dat Evenwichtsleer der gassen en

vloeistoffen genoemd wordt, op overtuigende wijze helder en

systematisch uiteenzetten, moet dit alles mijns inziens ook tot het

gebied der Mechanica gerekend worden.

Hic vero ille est locus, ubi mire se jactant, ubi serio triumphant

fermentorum Patroni.

Maar hier zijn wij nu juist bij een punt aangeland, dat de

voorstanders van de leer der fermenten tot niet weinig zelfverheffing

en zegevierenden jubel aanleiding geeft.

Si fluor liquorum liber per vasa vitae causa, ergo ajunt prima motus

ratio in fluido et ab eo; itaque ab interna huic agitatione, eaque forti

valde et constanti satis, qualis non nisi in excitatis fermento liquidis

reperiunda datur.

Indien, zoo zeggen zij, de onbelemmerde strooming der vloeistoffen

door de vaten de oorzaak van het leven is, dan is de eerste grond der

beweging in de vloeistof zelve te zoeken en in niets anders. Zij kan

dus slechts gevonden worden in de aan de vloeistof eigen, zeer sterke

en vrij gestadige beweging, een hoedanige slechts in door gisting

aangezette vloeistoffen wordt aangetroffen.

Sciant autem Hi, primam moti in Embryo liquidi a parentibus semper

derivandam causam, eam fotu matris continuari dum ab ea pendet foetus,

dein vero ab ipsa fabrica perennare solidorum.

Hen, die zoo spreken, wil ik er aan herinneren, dat de oorsprong van

de beweging der vloeistof in het embryo bij de ouders gezocht moet

worden; dat die beweging, zoolang de vrucht zich in het moederlijf

bevindt, door de koestering der moeder wordt gaande gehouden en

vervolgens, na de geboorte, enkel en alleen aan de inrichting der

vaste lichaamsdeelen haren voortgang te danken heeft.

Admirabilem auricularum Cordis ad ejus Thalamos structuram, nexumque qui

speculatus est, et qui hinc necessario sequuntur, alternos influentis et

expulsi liquoris motus a corde in arterias, ab his in cerebri medullam,

processus, nervos, musculosque et venas rursum, non quaeret vitae

continuatae rationem extra ipsam virtutem viscerum Mechanicam.

Hij, die den wonderlijken bouw van het hart, van zijn boezems

tot zijn kamers, en den samenhang dier deelen aandachtig heeft

gadegeslagen, alsook de hieruit noodwendig voortspruitende bewegingen

van het bloed, dat uit het hart in de slagaderen stroomt, uit deze

naar het merg der hersenen, de aanhangsels, de zenuwen, spieren en

aderen en zoo weder terug naar het hart, zal de voortzetting van het

levensproces niet anders trachten te verklaren dan uit de mechanische

werking der ingewanden.

Facile enim illi erit, perspicuitate certe Mathematica demonstrare,

unicum pulsum cordis datum in corpore sano sibi continuando esse causam.

Het zal hem immers gemakkelijk vallen, met wiskundige zekerheid te

bewijzen, dat uit slechts één enkelen hartslag in een gezond lichaam

elke verdere werking van het hart vanzelf voortkomt.

Longe minora numero, longe simpliciora sunt, quae vitae incolumitatem

praestant, quam noster fingit animus.

Veel minder in aantal en veel eenvoudiger van aard, dan wij ons dat

voorstellen, zijn de voorwaarden voor een goede gezondheid.

Leviores longe sunt rerum ingestarum in nobis mutationes, quam vulgo

creditur.

De veranderingen, welke het voedsel in ons lichaam ondergaat, zijn

veel eenvoudiger dan men algemeen aanneemt.

Minus compositae, quam ipsi putamus, vitae humanae causae.

De oorzaken van het menschelijk leven zijn minder samengesteld dan wij

zelven meenen.

Si exacta structurae esset cognitio, si sensibilis probe nota esset

humorum natura, doceret cito Mechanice ex simplicissimis fluere

principiis, quae ignota maximam nunc pariunt admirationem.

Indien de bouw van het menschelijk lichaam ons nauwkeurig bekend was,

indien wij volkomen waren ingelicht omtrent den aard der vloeistoffen,

voor zoover die voor onze zintuigen waarneembaar is, dan zou de

mechanica ons spoedig leeren inzien, dat datgene, wat ons nu, wegens

onze onkunde, in de hoogste mate verbaasd doet staan, uit zeer

eenvoudige beginselen voortvloeit.

Dicti veritatem tam paradoxi uno ab exemplo discere licebit, ut constet

quam simplici negotio et Mechanico plane maximae quae habetur omnium

operae mutatio in nobis fiat.

De waarheid dezer schijnbaar zoo paradoxe bewering kunt gij uit één

enkel voorbeeld opmaken, waaruit U zal blijken, op welk een eenvoudige

en geheel werktuigelijke wijze de allerbelangrijkste verandering in

ons lichaam tot stand komt.

Opuscula Selecta Neerlandicorum Nederlandsch Tijdschrift voor Geneeskunde · 第 19 / 34 段