III. IJSELMONDE EN BEIERLAND.

Het eiland IJselmonde ligt niet zoo geïsoleerd meer als

voorheen. Sedert 1872 doorsnijdt de spoorweg dit eiland en is de Maas

bij Rotterdam ook voor voetgangers overbrugd.

Zelfs heeft Rotterdam zijn handelsbeweging en scheepvaartsverkeer voor

een groot gedeelte uitgebreid over de Maas, en Katendrecht en Charlois

bij de stad getrokken. Het dorp Charlois is grootendeels vergraven in

de nieuwe Maashaven. Ten oosten en ten westen van Rotterdam hebben

IJselmonde en Pernis hun zelfstandigheid nog gehandhaafd, al staan

ook zij meer of minder onder den economischen en socialen invloed

van Rotterdam.

IJselmonde is een eenvoudig dorp, in hoofdzaak langs den dijk

gebouwd. Pernis is een lang streekdorp, gebouwd langs en naast

den dijk, in een eenigszins verwarde bouworde, onregelmatig door

elkander. Van Pernis wordt gezegd: "Een ploeg en een visch, Is

het wapen van Pernis", maar dit is slechts ten deele waar. Boeren

wonen er weinig; Pernis is meest een visschersdorp, terwijl er ook

vele arbeiders, die in Rotterdam of op het land werken, gevonden

worden. Ofschoon de visschers zich in kleeding van de andere bewoners

van IJselmonde onderscheiden, hebben de visschersvrouwen Overmaasche

kleederdracht.

IJselmonde is een vruchtbaar en schoon eiland en komt in zijn

physionomie veel met Beierland en Voorne-Putten overeen. Polder grenst

aan polder, alle gescheiden door hooge dijken, die tevens de rijwegen

vormen. Die wegen, meest met olmen beplant, terwijl aan den lagen

voet en langs de slooten de knotwilgen met hun bleeke puntbladeren

zich verheffen, geven een eigenaardig cachet aan het eiland, dat

men hier niet verwachten zou. Over die wegen rijdend, openen zich

heerlijke gezichten op het landschap, in onregelmatige kommen gelegen,

en in den zomer met het frissche groen van klaver, tarwe of andere

landbouwplanten overdekt. In den voorzomer, als het bloeiende vlas

het algemeen groene tapijt afwisselt met velden van zacht blauw,

zijn deze gewesten onuitputtelijk in eenvoudig natuurschoon.

Verrukkend aanschouwen!

Die frissche landouwen,

Versierd met een weelde van rijpend gewas!

Die bloeiende rijkdom, die groeiende zegen,

Hoe lacht hij u tegen

In 't golvende vlas!

Hoe klopt u het hart, om de schoonheid te roemen

Dier levende zee, die daar wiegt op den wind,

Besprenkeld met duizenden bloemen,

Door 't blauw van den hemel getint!

Aldus schetst Ten Kate den indruk dier vlasvelden.

De vlasteelt is op deze eilanden echter niet meer wat zij vroeger

was. Voor een kwart eeuw werd niet alleen op deze eilanden veel vlas

verbouwd, maar woonden hier ook tal van vlassers, die het in Groningen,

Friesland en Zeeland gezaaide vlas kochten, gedeeltelijk zelfs,

terwijl het in groei stond, en het naar deze eilanden vervoerden, om

het te bewerken. Tal van groote schuren herinneren nog daaraan. Dit

bedrijf is door de lage prijzen van het vlas veel verminderd en op

enkele plaatsen bijna geheel opgehouden. Eerst in den laatsten tijd

komt hierin weer meer vooruitgang.

Wij zullen wegens gemis van ruimte niet alle dorpen en deelen van

deze eilanden bezoeken, doch moeten ons met den algemeenen indruk

van het landschap tevreden stellen. Alleen op een enkel gedeelte

willen wij nader de aandacht vestigen. Het is op de Oude Waal, een

afgedamden riviertak, welke de Zwijndrechtsche Waard van de Riederwaard

scheidt. Tot 1331 liep hier een tak langs van de Merwede, of eigenlijk

beter de Waal te noemen, want de Merwede is oorspronkelijk voornamelijk

de voortzetting van de Waal. Dordrecht was aanvankelijk van het land

van de Zwijndrechtsche Waard slechts door een smal water gescheiden,

dat door overstroomingen, in welken tijd is onzeker, veel verbreed

werd. Toen dit geschied was, ging de hoofdstroom der rivier langs

dien korteren weg, en de oude bocht ten N. van de Zwijndrechtsche

Waard werd door den stroom verlaten. Het water slibde gedeeltelijk

dicht en eindelijk werd hij in het oosten afgedamd door den Waaldam

of Oostendam in 1331, later ook in het westen.

Sedert dien tijd is deze oude Waal een aan beide einden afgesloten

en stilstaande waterarm, die nog een aanzienlijke breedte heeft,

maar gedeeltelijk met waterplanten bedekt is en door knotwilgen,

griendhout en andere struiken langs de oevers des zomers in een

krans van groen gehuld wordt. Schilderachtig is het gedeelte, dat van

het dorpje Rijsoord naar het oosten loopt. Een veelheid van licht-

en schaduweffecten met allerlei kleurenmengeling spreidt zich uit

over dit stille landwater, dat schier bij elke bocht door nieuwe,

intieme bekoringen trekt. De Waal schept eenige landschappen van stille

liefelijkheid, waar avond en morgen hun schoonste tinten tooveren, waar

geen storm bruist, maar de innerlijke vrede der in 't groen gehulde

wateren u toespreekt uit het zachte golf gewiegel. Het hôtel Rijsoord,

aan de Waal gebouwd, met het uitzicht op het dorpje, dat in droomerige

rust langs den anderen oever gelegerd is, biedt reeds een voorsmaak

van het zich openbarende natuurschoon langs de Waal. Door dit echt

Hollandsche schilderachtige is Rijsoord een internationaal plekje,

waar Engelschen, Belgen, Duitschers, Franschen en Amerikanen komen,

om er de elementen van het laaglandsche natuurschoon te leeren kennen

en op 't doek te brengen.

Beierland en de Hoeksche Waard bieden hetzelfde landschapsbeeld

aan. Ook hier vindt men nog een binnengedijkten stroomtak in het land,

nl. een deel van den ouden Maasloop, zooals die vóór de overstrooming

in 1421 nog door de Groote Zuid-Hollandsche Waard liep. Tal van flinke

dorpen zijn over dit vruchtbare eiland verspreid. Het aanzienlijkste is

wel Oud-Beierland, een levendig dorp met veel handel op het eiland,

in het noorden langs den dijk gelegen en met een haven, die in de

Oude Maas uitmondt. Oud-Beierland, oudtijds Beierland geheeten,

is een aanzienlijk dorp, hoofdzakelijk een dijkdorp, maar met een

kom aan de haven, waar ook het stadhuis verrijst met hooge pui

en renaissance-gevel, waarop leeuwen de wapenschilden dragen. Het

portlandcementpleister maakt, helaas! de muren onoogelijk. In de kerk

dezer plaats, welk gebouw echter geen architectonische waarde bezit,

vindt men geschilderde glazen en een fraai orgel; de toren is gebouwd

op kosten van Sabina van Beieren in 1604.

Beierland is het land van de kriekenteelt, de late zwarte kersen,

die van hier verzonden worden.

Met de stoomtram kan men Beierland doorsnijden naar Numansdorp,

een aanzienlijk boerendorp in het zuiden van het eiland. Wij zullen

bij de overige dorpen niet stilstaan, omdat zij weinig belangrijks

ter bezichtiging aanbieden en veel op elkander gelijken. Wel moeten

wij de opmerking maken, dat het aantal arbeiderswoningen in deze

dorpen der landbouwstreken veel aanzienlijker is dan in de gewesten,

waar de veeteelt overheerschend is. Dit ligt in den aard der zaak: de

landbouw eischt veel werkkrachten, die de veehouder slechts tijdelijk

noodig heeft. Met een groote moeielijkheid heeft de landbouw echter

hier te kampen, vooral op IJselmonde. De nijverheid langs de Maas en

de Noord onttrekt vele werkkrachten door de hoogere loonen, welke de

fabrieken kunnen betalen, aan het platteland, zoodat daar niet zelden

groot gebrek aan boerenarbeiders ontstaat.

Ons Heerlijk Vaderland (deel 2 van 4) Boven en beneden den Moerdijk · 第 34 / 74 题