Lieve Judy,
Deze brief heeft niets te te maken met het John Grier Home. Het gaat
hierbij alleen om Sallie McBride.
Herinner je je, dat wij het laatste universiteitsjaar de brieven van
Huxley hebben gelezen? In dat boek staat een zin, die sedert steeds
in mijn geheugen is gebleven: "Er is in ieders leven een Kaap Hoorn,
waarbij iemand het gevaar overwint of ondergaat". Dat is afgrijselijk
waar en het verdrietige is, dat je je Kaap Hoorn niet altijd kunt
herkennen als je haar ziet. Je moet soms in zwaren mist zeilen en
vóór je het weet, ga je onder.
Ik heb in de laatste dagen gemerkt, dat ik de Kaap Hoorn van mijn
eigen leven had ontdekt. Ik begon mijn verloving met Gordon eerlijk
en vol hoop, maar langzamerhand ben ik hoe langer hoe meer
wantrouwend geworden, wat het eind van het liedje betrof. Het meisje
waarop hij verliefd is, is niet de IK, die ik wil zijn, maar de IK,
die ik dit jaar heb trachten te verdrijven en ik weet niet zeker, of
ze ooit werkelijk heeft bestaan. Gordon verbeeldt zich dat ze
bestaat. In elk geval is ze er nu niet meer en de eenige goede en
faire oplossing voor hem en voor mij was, om onze verbintenis te
verbreken.
Er bestaat nu niet langer een band tusschen ons tweeën. Wij zijn
slechts vrienden. En nog steeds begrijpt hij mij niet. Hij meent dat
als ik slechts belang in zijn leven zou stellen, wij beiden gelukkig
konden zijn. Natuurlijk stel ik belang in hem als hij bij mij is. Ik
spreek over dingen waarover hij graag hoort spreken, en hij vermoedt
niet dat een groot deel van mijn wezen (het grootste deel van mijn
zijn) hem op geen enkel punt ontmoet. Ik speel een beetje remedie als
ik bij hem ben. Ik ben dan niet mijzelf en als ik dagelijks met hem
zou moeten omgaan, zou ik altijd moeten blijven comedie spelen. Hij
verwacht van mij dat ik zijn gezicht zal bestudeeren en zal lachen
wanneer hij lacht en mijn wenkbrauwen fronsen wanneer hij hiervoor
het sein geeft en hij begrijpt maar niet, dat ik evengoed als hij een
persoonlijkheid ben.
Ik kan mij in de wereld bewegen. Ik kleed mij goed, ik kan goed
toehooren en ook goed zelf praten, dus zou ik een ideaal huisvrouw
voor een politicus zijn. En daarom houdt hij van mij.
In elk geval zag ik plotseling met afschrikwekkende duidelijkheid,
dat ik, als ik zoo doorging, een paar jaar later in hetzelfde geval
zou verkeeren als Helen Brooks nu. Zij is voor mij een veel beter
voorbeeld van het huwelijksleven dan jij, lieve Judy. Ik geloof dat
zulke menschen als jij en Jervis gevaarlijk zijn voor de samenleving.
Jullie zien er zoo gelukkig en tevreden uit, dat je er een
onschuldige toeschouwster toe brengt om weg te rennen en den eersten
den besten man op te pikken, die zich voordoet. En dat is dan altijd
de verkeerde man.
Nu hebben Gordon en ik voor het laatst en definitief gekibbeld. Ik
zou graag in vrede van hem gescheiden zijn, maar in verband met zijn
temperament (en ik moet toegeven, het mijne ook) hadden wij een
groote vulkanische uitbarsting. Hij kwam hier gistermiddag nadat ik
hem had geschreven niet te komen en wij wandelden over Knowltop drie
en een half uur heen en weer over den winderigen moerasgrond en
legden daarbij ons wezen tot de diepst verborgen plekjes bloot.
Niemand kan ooit zeggen dat die breuk door het elkaar niet kennen
ontstond.
Het eindigde met Gordons afscheid. Toen ik hem zag heengaan en achter
de heuvels verdwijnen en tot de ontdekking kwam, dat ik vrij en
alleen was, mijn eigen meesteres, o Judy toen voelde ik me ook
goddelijk verlicht en gelukkig! Ik kan je dat niet zeggen! Ik geloof
niet dat een gelukkig getrouwde vrouw ooit zal begrijpen hoe
verrukkelijk _alleen_ ik toen was. Ik wilde mijn armen uitbreiden en
de heerlijke wijde wereld omhelzen, die mij nu plotseling
toebehoorde. O, het is zoo'n heerlijke verlossing, dat dat nu
eindelijk geregeld is! Ik ontdekte de waarheid op dien nacht toen de
brand uitbrak en toen ik een nieuw John Grier huis zag verrijzen,
waarin mijn plaats niet meer zou wezen. Een vreeselijke afgunst
knaagde aan mijn hart. Ik kon het niet meester worden. En gedurende
die vreeselijke oogenblikken, toen ik dacht dat we onzen dokter
hadden verloren, zag ik wat zijn leven beteekende en hoe veel meer
waarde dat leven had dan dat van Gordon en ik wist toen, dat ik den
dokter niet alleen kon laten. Ik moest hier blijven om alle plannen
uit te voeren, die wij samen hadden opgemaakt.
Het lijkt dat ik je niets dan een woordenvloed schrijf, maar ik ben
zoo vol van overstelpend enthousiasme! Ik zou willen spreken en
spreken, alleen om mijn hart uit te kunnen storten. En ik stond daar
alleen in het schemerlicht van dien winterdag en haalde diep adem en
voelde me zoo heerlijk, zoo goddelijk vrij, en toen holde ik de
heuvels af en liep al zingend door het land. Eigenlijk is het
schandelijk, als je bedenkt dat ik met een gebroken hart naar huis
behoorde te keeren. Ik dacht geen oogenblik aan dien armen Gordon,
die diep bedroefd naar het station stapte.
Toen ik het huis binnentrad, werd ik door de vroolijke stemmetjes van
de kinderen begroet, die op hun avondeten wachtten. Dat waren mijn
kinderen en in een plotselinge ontroering trek ik de drie, die het
dichtst bij mij stonden, naar mij toe en drukte ze aan mijn hart.
Plotseling was er zoo'n nieuw leven voor mij open gegaan, alsof ik
uit de gevangenis trad en mij vrij wist. Ik had het gevoel
alsof... neen, ik zal zwijgen, ik wenschte, dat je de heele
waarheid kon weten. Laat Jervis dezen brief vooral niet lezen, maar
zeg hem op kalme wijze wat er eigenlijk in staat.
Het is nu middernacht en ik zal trachten in te slapen. Het is
heerlijk dat ik nu niet behoef te trouwen met iemand, met wien ik
niet wil trouwen. Ik ben blij dat de kinderen me noodig hebben en dat
Helen Brooks hier is en ik ben ook blij, dat die brand is
uitgebroken. O, ik ben met alles zoo blij en ook met den brand,
waardoor ik het gevaar kon inzien. In mijn familie is tot heden nog
nooit een scheiding voorgekomen en ze zouden het vreeselijk vinden
als daarop een uitzondering werd gemaakt.
Ik weet dat ik afschuwelijk egoïst ben. Ik behoorde nu aan het
verdriet van dien armen Gordon te denken, maar heusch, ik moest
comedie spelen als ik zou willen voorgeven, dat ik daarover werkelijk
treurde. Hij zal wel iemand anders vinden met net zulk eigenaardig
haar als het mijne, die net zoo'n geschikte huisvrouw voor een
staatsman zou zijn en die niet behebt is met die verdoemde moderne
nonsens-ideeën over de politiek en rechten van den mensch en
eerlijkheids-begrippen en vrouwenvrijheid en den overigen onzin,
waarover de tegenwoordige generatie van vrouwen bij voorkeur gelieft
te raaskallen. (Ik haal slechts aan, waarbij ik de uitdrukkingen van
den teleurgestelden jongen man wat verzacht).
Nacht, lieve menschen. O, wat zou ik het heerlijk vinden om nu bij je
aan de baai te staan en over de blauwe, blauwe zee te staren.
Addio!
Sallie.