Morgen, mijn lieve Judy,
Drie dagen lang zonneschijn! Het J. G. H. glundert!
Al mijn zorgen zijn heerlijk weggevaagd. Die vreeselijke dekens zijn
eindelijk droog en onze kampen zijn weer bewoonbaar gemaakt.
Wij hebben houten vloeren gelegd en het dak met geteerd papier
bekleed. (Mr. Witherspoon beweert, dat het nu veel van kippenhokken
weg heeft). Wij graven een met steenen omzoomden greppel, die van het
plateau, waar het kamp opgeslagen is, naar het graanveld leidt,
zoodat wij bij een tweeden wolkbreuk niet zooveel van het regenwater
te lijden zullen hebben! De Indianen hebben hun bespiegelend leven
hervat en hun hoofdman is weer op zijn post teruggekeerd.
De dokter en ik hebben veel zorg aan Loretta Higgins' zenuwstelsel
gewijd. Wij denken dat dit leven met zijn voortdurende drukte en
beweging te opwindend voor haar is en hebben besloten, dat het 't
beste is dat zij bij een familie onder dak komt, waardoor speciale
zorg aan haar kan worden besteed.
De dokter, die veel goede bronnen kent, heeft hiervoor reeds een
familie gevonden. Ze woont vlak naast hem en de menschen zijn
werkelijk heel aardig. Ik heb ze zoo juist opgezocht. De huisvader is
meesterknecht van de afdeeling metaalafgietsels in de groote
ijzerfabriek hier en zijn vrouw is een lieve zachte natuur, die
heelemaal schudt als ze lacht. Ze leven haast altijd in de keuken om
de voorkamer netjes te houden, maar het is een bijzonder aardige
keuken, zoodat ik er zelf wel in zou willen wonen. Ze hebben potten
met begonia's in de ramen staan en een aardige spinnende tijgerkat
slaapt huiselijk voor den haard. Ze bakt op Zaterdag koekjes en
gemberbrood en pannekoeken. Ik heb al bij mezelf vastgesteld dat ik
mijn wekelijksch bezoek aan Loretta elken Zaterdagmorgen om elf uur
zal afleggen. Klaarblijkelijk maakte ik op Juffrouw Wilson een even
goeden indruk als zij op mij, want nadat ik vertrokken was, vertelde
zij aan den dokter, dat zij mij mocht lijden omdat ik net zoo gewoon
deed als zij.
Loretta zal huishoudelijke bezigheden leeren en er een eigen stukje
grond op nahouden en ze moet ook veel buiten spelen in de zon. Ze zal
vroeg naar bed gaan en degelijk gezond eten krijgen en ze zullen haar
vertroetelen en gelukkig maken -- en dat alles voor $ 3.-- in de
week!
Waarom vinden we niet honderd families zooals deze en besteden wij al
onze kinderen uit? Dan zouden wij dit gesticht voor idioten kunnen
gebruiken en ik, die geen greintje verstand van idiotisme heb, kon
zonder eenig gewetensbezwaar mijn baantje neerleggen en naar huis
terugkeeren en daar gelukkig verder leven.
Werkelijk, lieve Judy, ik begin bang te worden. Dit gesticht zal zich
nog van mij meester maken als ik er lang genoeg blijf. Ik ga er
zooveel belang in stellen, dat ik aan niets anders meer kan denken of
van niets anders kan droomen. Ja, Judy, je hebt mijn goede toekomst
vernietigd!
Stel je eens voor, dat ik me terug zou trekken en zou gaan trouwen en
een familie stichten. Zooals de toestand op het oogenblik is, kan ik
op niet meer dan vijf á zes kinderen rekenen en die hebben
natuurlijk allen denzelfden aanleg omdat ze van één vader en moeder
zijn. Dank je wel, hoor! Dat lijkt me erg eentonig en onbeduidend! Je
hebt me ongeschikt gemaakt voor het dagelijksch leven!
Ik zie je verwijtend aan.
Sallie McBride.
P.S. We hebben hier een jongen, wiens vader gelyncht is. Vind je het
niet interessant om dat in de familie te hebben?
Donderdag.
Liefste Judy,
Wat moet ik doen? Mamie Prout houdt niet van pruimen. Deze antipathie
voor een goedkoop en voedzaam eten berust op niets anders dan
verbeelding en behoort niet bij de kinderen van een goed gesticht te
bestaan! Wij moeten maken dat Mamie wèl van pruimen gaat houden,
zegt onze taalonderwijzeres, die de ochtenduren bij ons doorbrengt en
ook meehelpt de moraal van ons gesticht op een hoog peil te houden.
Tegen één uur bracht zij vanmiddag Mamie bij mij, beschuldigd van
het feit, dat zij had geweigerd, absoluut had geweigerd, haar mond te
openen en er een pruim in te laten stoppen. Het kind werd op een
stoel neergesmakt in afwachting van de bestraffing, die zij van mij
moest ontvangen.
Nu weet je dat ik niet van bananen houd en het ook zou verafschuwen
er een te moeten slikken. Dus redeneerde ik van mijn standpunt, dat
ik niet het recht heb Mamie Prout te dwingen pruimen te slikken.
[Illustratie]
Terwijl ik weifelend overdacht hoe ik het zoo zou regelen, dat ik een
loopgraaf voor Mamie kon ontdekken zonder Miss Keller's gezag te
ondermijnen, werd ik aan de telefoon geroepen.
"Blijf daar zitten, tot ik terug kom", zei ik tegen Mamie en liep de
kamer uit en sloot de deur.
Het telefoontje was van een vriendelijke dame, die mij uitnoodigde
mij met haar auto naar een vergadering te brengen. Ik behoef je niet
te vertellen, dat ik hier belangstelling voor ons gesticht bij de
rijke buren tracht op te wekken. De luie rijken, die groote
landgoederen in de nabijheid bezitten, komen nu uit de stad hierheen
en voordat zij te veel door garden-parties en tennis-matches in
beslag genomen worden, tracht ik ze voor mijn plannen te winnen. Ze
hebben nooit het minste of geringste voor ons gesticht gedaan en ik
vind, dat het nu zoetjes aan tijd wordt, dat zij wat belang in ons
werk gaan toonen.
Toen ik tegen het theeuurtje terugkwam, trad Dr. MacRae me in de hal
tegemoet en vroeg mij inzage van eenige statistieken. Ik opende de
deur en daar zat Mamie Prout, in dezelfde houding zooals ik haar vier
uur geleden had verlaten.
"Maar Mamie, lieveling!", riep ik verschrikt uit, "heb je daar al
dien tijd gezeten?"
"Ja juffrouw", antwoordde Mamie gedwee, "U zei toch, dat ik hier
moest blijven totdat U terugkwam".
Dat arme, kleine geduldige ding had zwaar tegen haar vermoeidheid te
vechten maar gaf geen kik.
Ik moet je eerlijk bekennen dat Sandy buitengewoon lief was. Hij nam
haar in zijn armen en droeg haar naar de bibliotheek en vertroetelde
en streelde haar net zoo lang tot dat ze lachte. Jane bracht een
tafeltje en zette het voor haar neer en terwijl de dokter en ik thee
dronken en toast aten, zorgden wij voor Mamie's avondeten. Ik
vermoed, dat sommige paedagogen zullen beweren, dat dit het geschikte
oogenblik was om het kind met pruimen vol te stoppen nu ze doodmoe en
hongerig was, maar ik ben er zeker van dat je het volkomen zult
goedkeuren, dat ik dat niet deed, en de dokter heeft, voor het eerst
in zijn leven wellicht, mijn onwetenschappelijke handeling
ondersteund. Mamie heeft het heerlijkste eten gehad dat ooit over
haar lippen is gekomen, wat nog met aardbei-jam uit mijn eigen
voorraad en pepermuntjes uit Sandy's zak verrijkt werd. Ik liet haar
tevreden en gelukkig naar haar kameraadjes terugkeeren, nog altijd
behept met den zeer betreurenswaardigen afkeer van pruimen.
Heb je ooit iets droefgeestigers gezien dan die zieldoorsnijdende,
onredelijke gehoorzaamheid, die Mrs. Lippett zoo wist aan te kweeken?
Het is de houding, die de vondelingengestichts-kinderen ook in het
leven zouden aannemen en ik zal die gedweeheid uitroeien. Initiatief,
verantwoordelijkheidsgevoel, belangstelling in alles,
vindingrijkheid, och Judy, ik wou, dat de dokter een serum had om die
deugden er bij onze kinderen in te gieten.
* * * * *
LATER -- Ik wou, dat je naar New-York terug zou kunnen keeren. Ik heb
jou tot reclame-agent van onze inrichting aangesteld en wij hebben
een paar van je mooiste artikelen direct noodig. Zeven hummeltjes
schreeuwen, dat zij aangenomen willen worden en het is jouw werk om
dit nieuws te verbreiden.
Kleine Gertrude is een beetje scheel, maar ze is erg lief en aanhalig
en heeft een goed hart. Kun je haar deugden niet zoo welsprekend
beschrijven, dat de een of andere lieve familie haar wil aannemen,
ook al is zij niet mooi? Haar oogen kunnen geopereerd worden als ze
wat ouder is. Het kind voelt dat ze iets mist, al heeft ze ook nog
nooit in haar leven een vader of moeder gekend. Ze breidt haar
armpjes aandoenlijk uit als er iemand langs komt. Beschrijf dit zoo
treffend mogelijk en zie of je geen moeder en vader voor haar kunt
vinden.
Misschien kun je een van de New-Yorksche bladen bewegen een
Zondagsartikel over verschillende kinderen te plaatsen. Ik zal je een
paar foto's sturen. Weet je nog hoeveel brieven we op onzen
"Schaterenden Joe" kregen, met dat aardige portretje van hem? Ik kan
je net zulke portretten sturen van "Kraaiende Lou" en "Aanhankelijke
Gertrude" en "Schoppende Karel", als jij dan maar voor de
letterkundige saus wilt zorgen.
En zorg alsjeblieft, dat ik een paar families krijg, die niet bang
voor erfelijke belasting zijn. De eisch dat elk kind van een van de
eerste families van Virginia moet afstammen, wordt vervelend.
Met hartelijke groeten.
Je Sallie.
Vrijdag.
Mijn lieve, lieve Judy,
Wat een opruiming! Ik heb de keukenmeid en den portier ontslagen en
in zeer korte bewoordingen de taalonderwijzeres te kennen gegeven,
dat zij het volgend jaar niet terug behoeft te komen. Als ik nu den
WelEd. Gestr. ook maar kon ontslaan!
Ik moet je ook vertellen, wat er vanochtend gebeurde. Onze
eerbiedwaardige regent, die zoo'n gevaarlijke ziekte heeft gehad, is
nu weer gevaarlijk beter geworden en kwam aanloopen om een buurvisite
te maken. Punch nam een hoekje van mijn bibliotheek in beslag, geheel
en al verdiept in zijn blokken. Ik houd hem van de andere kinderen
verwijderd en pas de Montessori-methode op hem toe, door hem heel
alleen op een kleedje te laten liggen en ervoor te zorgen, dat zijn
zenuwen op geenerlei wijze geschokt kunnen worden. Ik vlei mijzelf
dat het systeem goed werkt. Zijn woordenlijst lijkt in den laatsten
tijd al veel op die van een preutsche dame.
Nadat de WelEd. Gestr. ons een treurig uur had bezorgd, rees hij uit
zijn stoel op om heen te gaan. Toen hij de deur achter zich gesloten
had (ik ben het kind hoogst dankbaar, dat het tenminste dat oogenblik
heeft afgewacht), vestigde Punch zijn doordringende bruine oogen
peinzend op mij en mompelde met een vertrouwelijker glimlach:
"Jezus, heeft die vent niet precies het sm... van een aap?" Als je
een lieve Christelijke familie kent, die een alleraardigsten bengel
van 5 jaar wil aannemen, schrijf dan alsjeblieft dadelijk aan
S. McBride,
Directrice van het
John Grier Home.
Lieve Pendletons,
Ik heb nog nooit twee zulke slakken als jullie gekend! Nu pas ben je
in Washington en ik heb al dagen lang mijn reisnecessaire gepakt om
een paar heerlijke dagen chez vous door te brengen. Maak toch voort!
Ik heb zoo lang en hevig in deze gestichtsatmosfeer gesmacht als het
bij menschenuithoudingsvermogen slechts kan. Ik stik en ga dood als
er niet spoedig verandering in komt.
Je haast gestikte, haast
versmachte S. McB.
P.S. Stuur Gordon Hallock een kaart om hem te berichten, dat je in
Washington bent. Hij zal dolgraag zichzelf en het Capitool tot je
beschikking stellen. Ik weet, dat Jervis hem niet mag lijden maar
Jervis moest wijzer zijn en ongemotiveerde antipathieën tegen
staatslieden overwinnen. Wie weet, misschien zal ik mij op een goeden
dag ook in de politiek verdiepen.
Mijn lieve Judy,
Wij krijgen de leukste cadeaux van onze vrienden en weldoeners.
Luister maar eens: De vorige week reed de Heer Wilton J. Leverett (ik
lees zijn naam van zijn kaartje op) over een gebroken flesch aan den
buitenkant van ons hek en terwijl zijn chauffeur de autoband lapte,
maakte hij even van dit oponthoud gebruik door bij ons binnen te
loopen. Betsy liet hem het heele gesticht zien, en hij nam met een
bepaald intelligente belangstelling alles op wat zij hem toonde en
interesseerde zich bijzonder voor ons nieuwe kamp.
Dat is iets, wat mannen aardig vinden. Hij ging zelfs zoover, dat hij
zijn jas uitgooide en met twee kampen slagbal speelde. Na anderhalf
uur keek hij plotseling op zijn horloge, vroeg om een glas water en
ging buigend heen.
Wij waren deze kleine geschiedenis al geheel vergeten totdat wij er
vanmiddag plotseling door een postbode weer aan werden herinnerd. Hij
bracht ons een geschenk van het chemisch laboratorium van Wilton J.
Leverett, bestaande uit een vat van niet al te kleine afmetingen, met
vloeibare groene zeep!
Heb ik je al verteld, dat het zaad voor onze tuintjes uit Washington
gekomen is? Een beleefd geschenk van Gordon Hallock en het U. S.
Government.
Als een voorbeeld van de onwetendheid, waarin de kinderen hier
gelaten werden, zal ik je alleen maar vertellen, dat Martin
Schladewitz, die drie jaar op deze pseudo-buitenplaats doorbracht,
niets beters wist te doen dan een gat van twee voet diep te graven en
daarin zijn slazaad te bedelven.
O, als je eens wist, wat ik hier heb verbeterd en telkens weer
verbeteren moet! Natuurlijk kun jij daarover zeker wel het eerst
meespreken. Zoo langzamerhand leer ik eerst mijn oogen goed gebruiken
en dingen, die ik eerst grappig vond, schijnen me nu -- o Judy laat
ik er niet over beginnen! Het is treurig! Elk grappig ding dat te
voorschijn wipt, schijnt weer iets diep treurigs te verbergen.
[Illustratie]
Op het oogenblik schenken wij angstvallig al onze aandacht aan onze
manieren -- geen vondelingen-gestichtsmanieren, neen, dans
schoolmanieren!
Je moest onze kleine Uriah Heepish eens zien -- geen kind kan er
betere manieren op na houden! Ze maakt een buiging als je haar een
hand geeft en als er een dame binnenkomt, staan de jongens van hun
stoel op, met hun pet in hun hand, en schuiven een stoel aan.
(Gisteren heeft Tommy Woolsen Sadie Kate met haar neus in de soep
geduwd, tot groot vermaak van ons allen, behalve van Sadie Kate, die
een onafhankelijke jonge dame is, en niet van die onnoodige,
mannelijke attenties houdt). Eerst spotten onze jongens met die
manieren maar na het prachtig werkend voorbeeld van hun held, Percy
de Forest Witherspoon, zijn het al kleine gentlemen geworden.
Punch heeft me vanmorgen een bezoek gebracht. Gedurende het laatste
half uur heeft hij zich in het raamhoekje neergevlijd en zich
kalm-tevreden met zijn kleurpotloodjes geamuseerd, terwijl ik ijverig
aan jou zat te pennen! Betsy gaf hem en passant een kus op zijn neus.
"Ach, loop heen", bromde Punch, donker blozend, en veegde met een
zekere mannelijke onverschilligheid het laatste teeken van teederheid
weg. Maar ik merkte op, dat hij zijn kleurwerk met meer ijver en met
een poging tot fluiten hervatte. Wij zullen er wel in slagen het hart
van dezen jongen man voor ons te winnen.
Dinsdag.
De dokter was vandaag erg uit zijn humeur. Hij kwam juist
binnenstappen toen de kinderen op weg naar de eetzaal waren. Hij liep
mee, onderzocht het eten en ontdekte -- Gode zij ons genadig -- dat
de aardappels aangebrand waren! En een herrie dat die man daarover
maakte! Het is voor het eerst sedert ik hier ben dat de aardappels
aangebrand zijn en je weet, dat aanbranden soms zelfs in de beste
families voorkomt, maar als je Sandy hoorde, zou je denken, dat de
keukenmeid de aardappels expres op mijn order had laten aanbranden.
Zooals ik je vroeger ook wel eens schreef, zou ik best zonder Sandy
mijn weg weten!
Woensdag.
Gisteren hadden wij een prachtigen zonnigen dag. En Betsy en ik
lieten deze eene maal plicht plicht zijn en tuften naar een prachtig
landhuis van een van haar vriendinnen, waar wij in een Italiaanschen
tuin thee dronken. Punch en Sadie Kate waren den heelen dag zoo lief
geweest, dat wij op het laatste oogenblik telefoneerden, of wij hen
mochten meebrengen.
"Ja, breng die schatjes maar mee", luidde het geestdriftig antwoord.
Maar de keuze van ons beiden bleek niet de juiste te zijn! Wij hadden
Mamie Prout mee moeten nemen, die laatst bewezen heeft, dat ze uren
lang stil kan zitten. Ik zal je de details van ons bezoek besparen.
Het hoogtepunt werd bereikt toen Punch de goudvischjes uit de
allerdiepste diepte van het vischbassin te voorschijn wilde halen.
Onze gastheer haalde hem er bij zijn eene been uit en het kind keerde
in het gesticht terug, gehuld in den rose en wit gestreepten
badmantel van genoemden heer.
Wat zeg je daarvan? Dr. Robin MacRae heeft in een verzoeningsgezinde
bui en met den wensch het geval ter gelegenheid van de aangebrande
geschiedenis te doen vergeten, Betsy en mij uitgenoodigd om den
volgenden Zondag om zeven uur bij hem in het olijfgroene huis het
avondeten te gebruiken. Ik vermoed, dat ons gesprek om bacillen van
roodvonk en een geval van tuberculose en een aaneenschakeling van aan
drankzucht verslaafde en gedegenereerde menschen zal draaien. Deze
half-gedwongen gastvrijheid zal hem wel erg de keel uithangen, maar
aan den anderen kant redeneert hij dat hij beleefd tegenover de
directrice moet zijn, als hij wil dat zij hem in het gesticht een
beetje de vrije hand laat.
Ik lees dezen brief zoo juist over en moet toegeven, dat ik wel wat
erg van den hak op den tak spring, maar ofschoon hij geen enkel
belangrijk nieuwtje bevat, vertrouw ik dat je toch wilt aan nemen,
dat ik er elk vrij oogenblik gedurende de laatste drie dagen aan heb
besteed.
[Illustratie]
Je zeer werkzame,
Sallie McBride.
P.S. Een gezegende lieve dame kwam hier vanmorgen en zeide, dat zij
gedurende den zomer een kind bij zich wilde hebben en liefst de
allerzwakste en ziekelijkste baby, die ik had. Haar man is pas
gestorven en nu wil zij werk hebben, dat haar geheel in beslag neemt.
Is dat niet roerend lief?
Zaterdag-middag.
Lieve Judy en Jervis,
Broer Jimmie, aangespoord door onophoudelijke bedelbrieven, heeft me
ten slotte een geschenk gezonden. De keuze had hij zich voorbehouden.
_Wij hebben een aap!!_ Hij heet Java.
De kinderen hooren de schoolklok niet langer, alles draait thans om
Java. Op den dag dat hij hier kwam, liep het heele huis op een rij
naar hem toe en schudde hem de hand. Arme Sing is vergeten en
verschopt. Ik moet voor zijn badje _betalen!_
Sadie Kate heb ik tot mijn particuliere secretaresse benoemd. Zij
schrijft de bedankbriefjes voor het heele huis en haar letterkundige
stijl veroorzaakt een verbazender lachlust bij onze weldoeners. Ze
heeft de vaste gewoonte aangenomen steeds bij haar bedankje om een
volgend geschenk te verzoeken. Tot nu toe heb ik aangenomen, dat de
Kilcoynes uit het wilde Westen van Ierland stammen, maar nu begin ik
er haar voorvaderen van te verdenken, dat zij eerder in Blarney
Castle hun oorsprong vinden. Je kunt uit ingesloten copie-brief aan
Jimmie zien, welk een overredende kracht in de pen van deze jonge
dame schuilt. Ik hoop dat het, in dit geval tenminste, niet de
gewenschte uitwerking zal hebben.
Lieve Mijnheer Jimmie,
Wij danke Uw alle heel harteluk voor de liefe aap die Uw ons stuurdde
wij noeme hem Java omdat dat een warm ijland is aan de overkant van
de oseaan, waar hij net als een vogel in een nest gebooren is al was
hij grooter zij de dokter.
De eerste dag dat hij hier was hebbe alle jongens en meisjes hem een
hand gegefe en goede morgen Java tegen hem gezegt en is zoo grappig
hij hout je hand zoo stijf fast. Ik was eerst bang om hem aan te
raake maar nu zit hij op mijn schouder en slaat zijn arme om mij heen
als hij dat wil hij maakt een gek geluit en als wij aan zijn staart
kome wort hij neidig.
Wij houde heel veel van hem en ook van jou. En als Uw nog wat geeft
stuurt Uw ons dan een olifant. Nu hou ik op.
Uw liefhebbende Sadie Kate.
[Illustratie]
Percy de Forest Witherspoon blijft nog steeds aan zijn kamp getrouw,
maar ik ben bang dat hij er op een dag genoeg van zal krijgen en
dring er dus telkens op aan, dat hij eens vacantie neemt. Hij heeft
veel kennissen in de omstreken en verleden Zaterdag bracht hij twee
vrienden mee, aardige jongelui, die om het kampvuur zaten en
jachtverhalen van de Koppensnellers in Sarawak, volgens de landkaart
een smalle rose streep aan den top van Borneo, ten beste gaven. Mijn
dapperen hebben nu het plan naar Sarawak te trekken en daar de
Koppensnellers te dooden. Elke encyclopedie in ons huis is al
geraadpleegd en er is hier geen jongen of hij kan je een nauwkeurig
verslag betreffende geschiedenis, plantengroei, gewoonten en klimaat
van Borneo doen. Ik zou alleen maar willen, dat Mijnheer Witherspoon
vrienden bij ons wilde brengen die in Engeland, Frankrijk en
Duitschland hebben gejaagd. Dat zijn wel streken, die niet heelemaal
zoo chique zijn als Sarawak, maar het zou daarentegen nog nuttiger
voor onze kinderen zijn.
Wij hebben weer eens een nieuwe kokkin, de vierde gedurende mijn
regeering hier. Ik heb je nooit met mijn keukenmeid-ellendes
verveeld, maar daaraan ontkomt ons gesticht al net zoo min als gewone
huisgezinnen. Deze laatste is een negerin, een groote dikke vette
glimlachende chocoladekleurige vrouw uit Zuid Carolina, en sedert zij
er is, lijkt het hier wel luilekkerland. En weet je hoe ze heet?
Sallie, als je het goed vindt, maar als je het niet goed vindt ook.
Ik stelde haar voor, van naam te veranderen.
"Neen juffrouw, ik heet al langer dan u zoo en ik zou nooit weten,
dat U het tegen mij had als u mij Mollie of anders noemde. Ik geloof,
dat die naam bij mij hoort".
Dus blijft zij "Sallie". Maar we behoeven toch niet bang te zijn, dat
onze brieven verwisseld worden, want haar naam is lang niet zoo
gewoontjes als de mijne. Hij luidt: Johnston-Washington, met een
verbindingsteeken.
Zondag.
Onze geliefkoosde bezigheid is tegenwoordig bijnaampjes voor "Sandy"
te bedenken. Zijn ernstige, waardige houding leent zich heel goed
voor caricatuur. Wij hebben zoo juist weer een nieuwe uitgevonden.
"The Laird o' Cockpen" is Percy's ontdekking.
"The Laird o' Cockpen he's proud and he's great;
His mind is ta'en up with things of the state".
Miss Snaith noemt hem vol afschuw "die man" en Betsy noemt hem graag
(maar steeds in zijn afwezigheid) Dr. Levertraan. Mijn tegenwoordige
lievelingsnaam is "Macphairson Clon Glocketty Angus McClan". Maar wat
poëtisch gevoel betreft, spant Sadie Kate de kroon. Zij noemt hem
"Mijnheer Op een Goeden Dag". Ik geloof niet, dat onze dokter ooit
bezongen is geworden, maar elk kind kent het volgende gedicht uit het
hoofd.
"Op een goeden dag zal iets heel aardigs gebeuren.
Wees zoo goed, kind, en neem mijn waarschuwing aan.
Slik met een glimlach de lekkere levertraan,
Je krijgt ook een pepermuntje, dus niet zeuren".
Vanavond zullen Betsy en ik naar ons diner gaan en ik beken je
eerlijk, dat wij vol nieuwsgierigheid dat oogenblik afwachten, waarop
we eindelijk het interieur van het mistroostig huis te zien zullen
krijgen. Hij spreekt nooit over zich zelf of over hetgeen achter hem
ligt of over de personen die hij kent. Hij schijnt een geïsoleerde
figuur te zijn, die op een piëdestal met het onderschrift
"Wetenschap" prijkt, met geen spoor van menschelijkheid of
menschelijke zwakheden, met uitzondering van zijn drift. Betsy en ik
zijn dol nieuwsgierig om zijn verleden te weten te komen. Laat ons
maar in zijn huis binnendringen. We zullen met onze speurneuzen dan
een heel eind verder zijn! Zoolang de deur door de wreede MacGurk
gesloten gehouden werd, hadden wij alle hoop opgegeven, ooit tot het
heiligste der heiligdommen door te dringen. Maar nu, Judy, nu
ontsluit die wonderdeur zich plotseling voor ons.
S. McB.
Lieve Judy,
Gisterenavond hadden wij het diner bij den dokter! Betsy en mijnheer
Witherspoon en ik. Het was werkelijk heel aardig, hoewel ik moet
bekennen dat het onder bezwarende omstandigheden begon.
Zijn huis is van binnen juist, wat het van buiten belooft te zijn!
Nooit in mijn leven heb ik zoo iets gezien als de eetkamer van dien
man! Het behang en het karpet en de draperieën zijn donkergroen. De
zwart marmeren schoorsteenmantel beschut een paar smeulende kolen. De
meubels zijn zoo donker als meubels slechts zijn kunnen. De
versiering van de kamer bestaat uit twee staalgravures in zwarte
lijsten: "Het afscheid van den herder" en "Het hutje aan de rots".
Wij probeerden met inspanning van al onze krachten om vroolijk en
gezellig te zijn, maar het leek wel een begrafenismaaltijd. Mrs.
MacGurk, in een zwart lusteren japon en zwart zijden schort gestoken,
schommelde langs de tafel en reikte ons koude, zwaar te verteren
schotels, en zette daarbij haar voetjes met zulk een gewicht neer,
dat het zilver in de lade rammelde. Haar neus stak in de hoogte en
haar mondhoeken wezen naar beneden en duidelijk gaf ze er aldus blijk
van, dat zij haars meesters gastvrijheid ten zeerste misprees en voor
eens en altijd den gasten duidelijk wenschte te maken, dat zij
dergelijke uitnoodigingen nooit meer mochten aannemen.
Sandy scheen vaag te gevoelen dat er iets in zijn huis niet in orde
was; om het een beetje ter eere van zijn gasten op te luisteren, had
hij bloemen gekocht, een groote massa bloemen: prachtige Killarney en
roode en gele tulpen. Die McGurk had alle bloemen zoo stijf mogelijk
op elkaar in een helblauwe jardinière gepropt en die midden op tafel
neergeplompt. Het leek wel een boeket van een groenteboer! Betsy en
ik konden ons fatsoen haast niet houden toen wij dat middenstuk
zagen, maar de dokter scheen zoo naief blij te zijn met die heldere
kleuren in zijn sombere kamer, dat wij onze ondeugendheid
onderdrukten en hem een warm complimentje maakten.
Zoodra het eten afgeloopen was, haastten wij ons naar zijn eigen
afdeeling van het huis, waar Mrs. McGurk's invloed niet doordringt.
Niemand durft hier met schoonmaakwoede bezield binnen te treden, noch
in zijn bibliotheek noch in zijn zitkamer of laboratorium. De eenige
die daar toegang heeft is Llewelyn, een kleine dikke roode man die in
zich de kwaliteiten van chauffeur en kamermeid vereenigt.
Ofschoon de bibliotheek nu niet bepaald de mooiste kamer is, die ik
ooit te zien heb gekregen, is hij toch, in aanmerking genomen dat het
een heerenkamer is, niet zoo kwaad. Van den grond tot de zoldering
stapelen zich de boekdeelen op, terwijl er bovendien nog op den
schoorsteen boeken rondzwerven. Een half dozijn gemakkelijke leeren
armstoelen en een paar dierenvellen voltooien, met een eveneens zwart
marmeren schoorsteenmantel, maar dit maal boven een knappend
houtvuur, de kamer. Bij wijze van snuisterij pronkt er een opgestopte
pelikaan en een bronzen ooievaar met een kikker in zijn bek, ook een
kraai op een boomtak gezeten en een bronzen hondje. Een flauwe
jodiumlucht zweeft nog in de kamer.
De dokter bereidde zelf de koffie in een Fransche koffiemachine en
wij ontsloegen zijn huishoudster. Hij deed werkelijk zijn best een
goed gastheer te zijn en ik moet bekennen, dat hij geen enkele keer
het woord krankzinnigheid gebruikte. Het schijnt dat Sandy in zijn
vrijen tijd veel aan visschen doet. Hij en Percy deden lange verhalen
over zalm en baars en tenslotte haalde hij uit zijn kast een
verzameling kunstvliegen en verrijkte Betsy en mij galant met een
"Waterjuffertje" en een "Glimwormpje" om er hoedenspelden van te
maken. Toen helde de conversatie over naar sport in de Schotsche
veengronden en hij vertelde ons, dat hij daar eens verdwaald was
geraakt en den avond op de heide had doorgebracht. Er is geen twijfel
aan: Sandy's hart is niet hier maar in de Schotsche Hooglanden!
Het spijt me dat Betsy en ik hem zoo verkeerd beoordeeld hebben.
Hoewel het hard is om interessante dingen op te geven, geloof ik,
achteraf beschouwd, toch niet dat hij een misdaad heeft begaan.
Eerder gelooven wij nu, dat hij een ongelukkige liefde heeft gehad.
Het is werkelijk leelijk van mij dat ik dien armen Sandy zoo voor den
gek heb gehouden, want ondanks zijn grooten ernst en somberheid is
hij toch een sympathiek man. Denk eens aan, als hij den heelen dag
hard geploeterd heeft, komt hij thuis en moet dan alleen in die
sombere eetkamer zijn maaltijd verorberen.
Zou je denken dat het hem een beetje op zou vroolijken, als ik hem
mijn leger artisten stuurde om een fries van konijntjes op den muur
te schilderen?
Veel liefs van
Sallie.
Lieve Judy,
Kom je nooit naar New-York terug? Maak toch voort. Ik heb een nieuwen
hoed noodig en verlang er dol naar, in de Fifth Avenue te winkelen en
niet in Water Street. Mrs. Gruby, onze beste modiste, houdt er niet
van, slaafsch de Parijsche mode na te bootsen. Zij houdt er haar
eigen stijl op na. Drie jaren geleden heeft zij de groote concessie
gedaan om een reis naar New-York te ondernemen en nu teert zij nog
steeds op de geziene nouveautés.
Buiten mijn eigen hoed moet ik er ook nog 113 voor mijn kinderen
koopen om nog niet van hun schoenen en broeken en schorten en
haarlinten en kousen en kousenbanden te gewagen. Het is een heel werk
om een kleine familie als de mijne behoorlijk te kleeden.
Heb je dien langen brief ontvangen, dien ik je verleden week heb
gestuurd? Je hebt me niet de eer aangedaan, er de ontvangst van te
erkennen en hij was toch zeventien zijdjes lang en nam dagen lang
mijn vrijen tijd in beslag.
Je S. McBride.
P.S. Waarom schrijf je heelemaal niets over Gordon? Heb je hem gezien
en heeft hij niets over mij gezegd? Maakt hij aan een van die aardige
zuidelijke meisjes het hof, waarvan Washington zoo vol is? Je weet,
dat ik graag iets van hem hoor. Waarom ben je dan zoo afgrijselijk
terughoudend?
Dinsdag 4.27 n.m.
Lieve Judy,
Je telegram werd me net twee minuten geleden telefonisch
overgebracht.
Ja, dank je. Ik vind het erg prettig om Donderdagmiddag 5.49 over te
komen. Houd dien avond alsjeblieft vrij, want ik ben van plant tot
middernacht op te zitten, om met jou en den president over niets
anders dan het J. G. H. te spreken.
Vrijdag en Zaterdag en Maandag wil ik graag winkelen. Ja, je hebt
gelijk, ik heb meer kleeren dan eenige gevangene noodig heeft, maar
als het voorjaar aanbreekt, wil ik toch graag met nieuwe veeren
prijken. Nu draag ik elken dag een andere avondjapon om ze af te
dragen -- of neen, niet alleen daarvoor: om mij in den waan te
brengen, dat ik een heel gewoon meisje ben, ondanks de buitengewone
omstandigheden waarin jij mij hebt geschopt.
De WelEd. Gestr. vond me gisteren in een nijlgroene zijcrêpe (Jane's
creatie hoewel het er erg Parijsch uitziet) en leek met het geval
verlegen toen hij hoorde, dat ik niet naar een bal moest. Ik noodigde
hem uit om te blijven en met mij te dineeren, en hij accepteerde. Wij
konden de conversatie vrijwel zoo wat gaande houden. Hij weidde druk
over het eten uit, want voedsel schijnt in hooge mate tot zijn
doorluchten geest te spreken. Als er op het oogenblik in New-York een
stuk van Bernard Shaw gegeven wordt, zal ik zien dat ik een paar uur
uitwin om dat bij te wonen. Een B.S. dialoog zou zulk een heerlijk
contrast vormen met het gesprek met den WelEd. Gestr.
Het is nu onnoodig om je nog verder te schrijven. Ik zal wachten
totdat ik je zie en je dan alles vertellen.
Addio.
Sallie.
P.S. O, lieve deugd, juist, nu ik Sandy af en toe een beetje aardig
begin te vinden, barst hij weer los en toont zich eerst recht
abominabel. Wij hadden ongelukkigerwijs vijf gevallen van mazelen in
het gesticht en uit zijn manieren maken wij op, dat hij vermoedt dat
Miss Snaith en ik de mazelen onder de kinderen hebben verbreid om hem
onaangenaam te zijn. Er zijn heel wat dagen, dat ik dien dokter naar
een andere plaats dan het J. G. H. wensch!
Woensdag.
Waarde vijand,
Uw kort en waardig briefje van gisteren kwam in mijn bezit. Ik heb
nog niemand gekend, die precies zoo op dezelfde manier spreekt en
schrijft als U.
U zou het dus aangenaam vinden als ik die domme manie U met "vijand"
aan te spreken, wilde afleggen. Ik zal die absurde spreekwijze, van U
"vijand" te noemen, afleggen zoodra U die absurde wijze van optreden
aflegt om dadelijk boos en beleedigend te worden, zoodra er maar iets
niet goed gaat.
Ik vertrek morgenmiddag, om vier dagen in New-York door te brengen.
Hoogachtend, S. McBride.
Chez de Pendletons, New-York.
Mijn waarde vijand,
Ik vertrouw er op, dat mijn briefje U in een gemoedstoestand vindt,
die eenigszins beter is dan die, welke U beheerschte toen ik U de
laatste maal zag. Ik herhaal hierbij nogmaals nadrukkelijk, dat deze
twee nieuwe gevallen van mazelen niet door de zorgeloosheid van de
directrice in het gesticht binnenslopen maar eerder aan den
ongelukkigen bouw van ons ouderwetsch gesticht te wijten zijn, welke
de algeheele afsluiting van besmettelijke ziekten onmogelijk maakt.
Daar U U niet verwaardigdet ons gisterenmorgen, voordat ik vertrok,
op te zoeken, kon ik U niet nog een paar laatste wenken geven. Ik
schrijf U daarom thans, met het verzoek Uw critisch oog op Mamie
Prout te richten, die geheel en al met ronde vlekjes bedekt is, wat
op mazelen kan duiden, hetgeen ik echter niet hoop. Mamie vlekt heel
gauw!
A.s. Maandag om 6 uur keer ik naar de gevangenis terug.
Hoogachtend,
S. McBride.
P.S. Ik hoop dat U het mij vergeeft, maar ik moet U ruiterlijk
bekennen, dat U niet tot die soort dokters behoort, welke ik graag
mag lijden. Ik zie ze liever als ze dik en gezellig en glimlachend
zijn.
J. G. H. 9 Juni.
Lieve Judy,
Je bent een vreeselijke familie om bezocht te worden door een licht
ontvankelijk, jong meisje. Hoe kun je verwachten dat ik,
teruggekomen, mij met het gestichtsleven tevreden kan stellen, na een
paar dagen getuige te zijn geweest van het heerlijk rustig geluk, dat
er bij de Pendletons heerscht!
Op den heelen terugreis in den trein heb ik alle jonge menschen, die
ik ken, in mijn geest laten voorbijgaan, om te zien of er geen bij
was die op Jervis leek, en de twee novelles, vier magazines en de
doos bonbons, die je echtgenoot zorgzaam voor me had gekocht, bleven
onaangeroerd naast me liggen. Ik vond hem! Hij is nog een beetje
aardiger, geloof ik! Van dezen dag af aan is hij het gemerkte
slachtoffer, de voor mij bestemde prooi!
Ik vind het lam dat ik het gestichtsleven zal moeten opgeven nu ik er
juist zoo met hart en ziel in opga, maar indien je er niet toe kunt
overgaan om het heele gesticht naar de hoofdstad te verplaatsen, zal
er toch niets aan te doen zijn.
De trein was afschuwelijk laat. We stonden nog altijd dampend stil
terwijl twee goederentreinen voorbij vlogen. Ik vermoed dat er
onderweg iets gebeurde, wat niet in orde was en de locomotief
nagekeken moest worden. De conducteur stelde ons gerust maar gaf
tekst noch uitleg.
Om 7.30 stapte ik uit, als eenige passagier voor ons onbeduidend
plaatsje, te midden van een grauwe duisternis en onder een
stortregen, zonder parapluis, en met dien kostbaren nieuwen hoed!
Geen Turnfeld stond klaar om me af te halen, zelfs geen rijtuig was
aanwezig. Het is waar, ik had niet van te voren den juisten tijd van
mijn trein aangekondigd, maar toch voelde ik mij gruwelijk
verwaarloosd. Vaag had ik in mijn droomen alle 113 kinderen op het
station zien paradeeren, bloemen voor mijn voeten strooiend en
hartelijke welkomst-liederen zingend. Juist toen ik den stationschef
vertelde, dat ik zijn telegrafische installatie wilde bekijken en hij
om een rijtuig telefoneerde, kwamen er twee groote lichten recht op
mij af en hielden een Meter voor mij stil, zoodat ik gelukkig geen
kans liep omvergereden te worden. En ik hoorde Sandy's stem mij
vriendelijk tegemoet klinken:
"Wel, wel, Miss Sallie McBride! Ik geloof, dat U een paar uur te laat
de teugels weer in handen gaat nemen!"
Die goede man was drie maal aan het station gekomen om te zien of ik
er nog niet was. Hij nam mij en mijn nieuwen hoed en tasch en plaid
en boeken en chocolade onder zijn veilig dak en weg tuften wij!
Werkelijk, ik had het gevoel alsof ik weer naar huis terugkeerde,
verdrietig te moede dat ik het ooit had verlaten.
In gedachten, zie je, had ik het gesticht al in den steek gelaten en
mijn boel gepakt en was er van door gegaan, maar het enkel idee dat
je ergens niet voor je heele leven blijft, geeft je een afschuwelijk
onzeker gevoel en dat is het ook, waarom proef-huwelijken zoo
dikwijls mislukken. Je moet voelen dat je iets vastbesloten bent,
voor eeuwig en altijd, om dan ook alle moeilijkheid te kunnen
overwinnen en succes te hebben!
Het is vreemd hoeveel nieuwe dingen er in vier dagen kunnen gebeuren.
Sandy kon niet vlug genoeg spreken om me alles, wat ik weten wilde,
te vertellen. Zoo zeide hij mij ook, dat Sadie Kate twee dagen op het
ziekenzaaltje had doorgebracht. Haar ziekte was echter, volgens
diagnose van onzen dokter, het noodzakelijk gevolg van het verorberen
van een halven pot frambozenjam met ik weet niet hoeveel pannekoeken.
Haar werk had gedurende mijn afwezigheid bestaan in het afwasschen
van het vaatwerk en zoo'n overvloed van heerlijkheden bleek te
verleidelijk voor haar te zijn!
Verder staan onze zwarte kokkin en onze zwarte gedienstige Noah op
voet van oorlog met elkaar. Eigenlijk is de oorzaak een kleinigheid,
maar die is gegroeid door de omstandigheid dat Sallie, met een voor
een vrouw ongekende zekerheid van mikken, een pan met water uit het
raam gooide. Je ziet, wat een raar werk een directrice van een
vondelingengesticht soms te verrichten heeft. Ze moet de kwaliteiten
van een kinderjuffrouw met die van een politieagent vereenigen.
De dokter had pas de helft verteld, toen we het huis hadden bereikt,
en daar hij nog niet had gegeten, in verband met het feit dat hij
drie keer aan het station was geweest, verzocht ik hem de
gastvrijheid van het John Grier Home te aanvaarden. Ik wilde er ook
Betsy en mijnheer Witherspoon bij vragen, om bij deze gelegenheid
alle verwaarloosde zaken te bespreken. Sandy nam met een vleiende
toeschietelijkheid het aanbod aan. Hij schijnt graag buitenshuis te
eten.
Maar Betsy was, zooals ik hoorde, naar huis gegaan om een
grootmoeder, die daar op bezoek was, goedendag te zeggen en Percy
speelde in het dorp bridge. Het gebeurt maar heel zelden, dat hij er
een avond tusschen uit is en ik ben voor hem blij met elke afleiding,
die hij heeft.
Zoo hadden de dokter en ik ten slotte een haastig geïmproviseerd
tête á tête diner. Het was toen haast acht uur en onze gewone
etenstijd is 6.30, maar, hoewel geïmproviseerd, weet ik toch zeker
dat hij nog nooit zoo van McGurk te eten heeft gekregen. Sallie, die
er mij met alle geweld van wilde overtuigen dat zij onmisbaar is,
zette haar beste beentje voor, en na het diner dronken wij in de
gezellige bibliotheek, voor het vuur, een kopje mocca terwijl de wind
buiten huilde en de jalousieën klepperden.
Wij hadden een heel gezelligen en intiemen avond samen. Voor het
eerst, sinds ik den man ken, viel het mij op dat hij werkelijk iets
aantrekkelijks heeft, als je hem maar ziet zooals hij werkelijk is.
Maar er is tijd en tact noodig om hem goed te leeren kennen. Ik ben
nog nooit zoo'n vreemd, onverklaarbaar karakter tegengekomen.
Gedurende al den tijd dat ik met hem sprak, had ik het gevoel alsof
achter de gesloten lijn van zijn mond en zijn half gesloten oogleden
een warm vuur smeult. Ben je er wel zeker van dat hij geen misdaad
heeft begaan? Hij geeft je het heerlijk gevoel dat dit wel zoo is.
En ik moet bekennen, dat Sandy nog niet zoo'n kwaad spreker is als je
hem laat begaan. Hij schijnt zich de geheele Schotsche letterkunde
eigen gemaakt te hebben.
"Little kens the auld as she sets by the fire what the wind is doing
on Hurly-Burly-Swire", merkte hij op toen een windvlaag den regen
tegen het raam deed kletteren. Dat klinkt Iersch, vind je niet? Toch
begrijp ik niet in het minst wat het beteekent. En luister nos eens
hiernaar. Tusschen het drinken van kopjes koffie door (hij drinkt
veel te veel voor een verstandigen geneesheer) gaf hij terloops te
kennen, dat zijn familie de R. L. S. persoonlijk kende en gewoon is
in 17 Heriot Row te soupeeren. Ik luisterde dien avond vol
belangstelling naar hem.
Toen ik dezen brief begon, had ik niet het minste idee om hem met
niets anders dan Dr. Robin MacRae's te vullen. Ik doe het slechts
door berouwvol herdenken van vroegere ondeugende uitlatingen. Het was
gisteren zoo aardig en gezellig, dat ik den heelen dag er berouw over
voel, dat ik vroeger altijd zoo onaardig over hem den gek heb
gestoken met jou en met Jervis. Ik meen werkelijk niet alle leelijke
dingen, die ik zei. Deze man is steeds eenmaal in de maand aardig en
lief en gezellig.
Punch heeft zoo juist een visite afgestoken en gedurende den loop
van het gesprek verloor hij drie kleine padden. Sadie Kate heeft er
een onder mijn boekenkast ontdekt maar de andere twee huppelden weg
en ik ben doodsbang, dat zij mijn bed als toevluchtsoord voor
onbehuisden zullen beschouwen. Ik wilde wel, dat muizen en slakken en
padden en regenwormen niet zoo gemakkelijk te vervoeren waren. Je
weet nooit wat er in zoo'n onschuldig uitzienden kinderzak schuilt.
Ik had een heerlijken tijd in Casa Pendleton. Vergeet niet, dat je me
beloofde spoedig een tegenvisite te brengen.
Met stevigen handdruk,
Je Sallie.
P.S. Ik liet een paar lichtblauwe pantoffeltjes bij mijn bed staan.
Wil je Mary vragen of zij ze me nastuurt en blijf erbij, alsjeblieft,
als ze het adres schrijft.
Aan het goederenbureau gaf ze mij als "Macbird" op.
[Illustratie]
Dinsdag.
Waarde vijand,
Zooals ik U reeds vertelde, vroeg ik het plaatsbureau in New-York mij
een volmaakte kindermeid te sturen.
Gevraagd: een kindermeid met een grooten schoot, die berging biedt
voor zeventien babies tegelijkertijd!
Ze kwam vanmiddag; hieronder staat de teekening van het lieflijk
figuurtje dezer jonge dame.
De baby, die we op haar schoot legden, gleed er langs de ronde
helling af, zoodat wij het schaap er op vast moesten spelden.
Geef Sadie Kate alsjeblieft de laatste magazine mee. Ik zal hem
vanavond doorlezen en morgenochtend terugsturen.