1 April.

Lieve Judy,

Ik heb Isador Gutschneider uitbesteed. Zijn moeder is een dikke

glimlachende Zweedsche met blauwe oogen en goudblond haar, die

bepaald hem en geen ander wilde hebben, omdat hij de donkerste baby

van allemaal is.

Ze heeft altijd dol veel van bruine kindertjes gehouden, maar zelfs

in haar stoutmoedigste droombeelden geweten, dat zij zelf er nooit

een zou krijgen. Zijn naam zal veranderd worden in Oscar Carlson,

naar zijn pas overleden nieuwen oom.

Mijn eerste Regentendag, de voormalige Lamme Woensdag, zal op den

volgenden Woensdag plaats vinden. Ik moet je eerlijk bekennen, dat ik

niet bepaald met popelend verlangende ziel dien dag tegemoet zie,

vooral daar mijn speech de hoofdzaak zal zijn. Maar van één ding

ben ik tenminste zeker, ik zal nooit die Uraniah Heepsche manieren

tegenover de regenten aannemen, die Mrs. Lippett eigen waren. Ik zal

den eersten Woensdag van de maand als een aangename sociale afleiding

beschouwen, mijn jour, waarop ik de vrienden van het tehuis ontvang

en de groote punten met hen bespreek. En ik zal ervoor zorgen, dat

onze kinderen hiervan alleen plezier en geen vervelendheid zullen

hebben. Je ziet hoe ik de nare lotgevallen van de arme, kleine

Jerusha Abbott ter harte heb genomen.

Je laatste brief is ook aangekomen, maar met geen letter vermeld je,

dat je naar het Noorden zult reizen. Is het niet net ongeveer de

tijd, dat je erover zou denken, weer naar de 5th Avenue terug te

keeren? Oost West, thuis best en zooals het klokje thuis tikt, tikt

het nergens! Wil je daaraan eens denken?

Daar gaat net de gong! Ik moet je verlaten om een verkwikkend half

uurtje onder het nuttigen van haché van lamsvleesch door te brengen.

Wij eten om te leven in het John Grier Home.

* * * * *

6 uur: De WelEd. Gestr. is vandaag weer hier geweest. Hij loopt

dikwijls aan, gedreven door het onweerstaanbaar verlangen mij op

heeterdaad te betrappen. O, wat heb ik aan dien naren kerel het land!

Hij is een rozige, kwallige, puffende, oude man met een rozig,

kwallig, puffend zieltje. Ik was in een zeer opgewekte, optimistische

bui vóór hij hier kwam, maar nu zal ik de rest van den dag niet

anders doen dan brommen.

Hij betreurde alle nuttelooze vernieuwingen, die ik thans bezig ben

in te stellen, zooals: een vroolijke speelkamer, betere kleeren,

baden, smakelijker maaltijden en versche lucht en spelen en joligheid

en roomijs en kussen. Hij beweerde, dat ik de kinderen ongeschikt zal

maken om de plaats in het leven in te nemen, welke God hun heeft

toebedacht.

Toen ging mijn Iersch bloed aan het koken, en ik vertelde hem, dat

als God het plan had gevormd om al deze 113 kleine kinderen te doen

opgroeien tot nuttelooze, onwetende en ongelukkige burgers, ik dien

God wel eens graag te leur wilde stellen. En dat ik de kinderen ook

absoluut niet haalde uit de klasse, waartoe ze behooren, integendeel,

wij voeden ze nu juist op zooals ze reeds jaren grootgebracht hadden

moeten zijn en onze opvoeding is zeker beter dan in doorsnee in

talrijke huisgezinnen het geval is. Wij trachten ze niet naar de

Universiteit te sturen, ook al hebben ze geen hersens in hun stommen

kop, zooals dat met rijke zoontjes het geval is, en wij zetten ze ook

niet met hun dertiende jaar aan het eentonige, machinale werk, zoodat

ze den heelen langen werkdag geen ontspanning en vreugde meer kennen,

zooals met armeluiskinderen gebeurt. Wij gaan hen individueel na en

trachten hun karakters grondig te kennen. Als onze kinderen

liefhebberij toonen om boerenarbeider te worden of dienstmeid, zullen

wij trachten er de beste boerenarbeiders en netste dienstmeisjes uit

te vormen. En als ze aanleg en verlangen aan den dag leggen om in de

rechten te studeeren, dan zullen wij ons best doen om er de

eerlijkste, intelligentste en menschlievendste advocaten van te

maken. (Hij zelf is ook advocaat, maar beslist geen menschlievende!)

Hij knorde toen ik mijn opmerkingen had gemaakt en staarde

halsstarrig in zijn kopje thee, waarop ik de veronderstelling uitte,

dat hij misschien nog een beetje suiker wilde hebben, en hem het

suikervaasje lieftallig aanreikte, zoodat hij de gelegenheid kreeg,

zoete thee naar binnen te werken.

De manier om met regenten om te gaan moet vast besloten en energiek

zijn. Je moet hun hun plaats aanwijzen.

Deze vlek in den hoek is het werk van Singapore's zwarte tong, Hij

doet zijn best je ook een bewijs van zijn groote liefde te geven. Die

arme Sing denkt dat hij een schoothondje is. Is het niet treurig

wanneer menschen of dieren zich in hun bestemming vergissen? Ik b.v.

ben er ook niet zeker van, of ik wel in de wieg ben gelegd om als

directrice van een vondelingengesticht op te treden!

Je tot in den dood getrouwe

S. McB.

Directie-kamer

John Grier Home.

4 April.

Aan de Pendleton Familie,

Palm Beach, Florida.

Waarde Mijnheer en Mevrouw,

Ik heb mijn eerste jour achter den rug en alle regenten ontroerd door

mijn prachtige speech. Iedereen zei tenminste dat hij prachtig was,

zelfs mijn vijanden.

Het laatste bezoek van den Heer Gordon Hallock was zeer nuttig voor

mij: hij gaf mij n.l. menigen goeden wenk voor het leiden van zulk

een bijeenkomst.

Wees grappig: -- Wel, ik vertelde wat van Sadie Kate en van een paar

andere lievelingen, die je nog niet kent.

Houd het concreet en zorg, dat het niet boven het verstand van je

toehoorders gaat: -- Ik keek gestadig naar den WelEd. Gestr. Heer en

zei geen enkel woord, dat hij niet kon snappen.

Vlei je toehoorders: -- Ik gaf zeer delicaat te kennen, dat al deze

nieuwe instellingen slechts aan het uitnemend verstand en het

buitengewoon initiatief van deze onvergelijkelijke regentenschaar te

danken waren.

Geef er een hoog-moreelen klank aan met een zeker pathos: -- Ik sprak

over den ouderloozen toestand van deze kleine pupillen van den staat.

En het was werkelijk aandoenlijk. Mijn vijand liet een traan langs

zijn roze wangetje biggelen.

Toen voedde ik hen met chocolade en slagroom en limonade en

sandwiches met tartare en stuurde hen daarna naar huis, vermoeid en

slaperig, zonder eenigen eetlust voor het avondeten.

Ik wijd alleen daarom zoo over mijn triomf uit om je goed gehumeurd

te houden, maar nu moet ik, waarheidslievend, overgaan tot de

vreeselijke ramp, die bijna de geheele receptie deed mislukken.

"Now follows the dim horror of my tale,

And I feel I'm growing gradually pale,

For, even at this day,

Though its smell has passed away,

When I venture to remember it, I quail!"

Je hebt nog nooit van onzen kleinen Thomas Kehoe gehoord, is het wel?

Ik heb er alleen daarom nooit van gewaagd omdat er zooveel inkt, tijd

en zoo'n woordenvloed noodig is om dat jongmensch te schilderen, dat

ik er niet aan dorst te beginnen. Hij is een geestig aapje, precies

zijn vader, een zeer bekende oude strooper. Dit klinkt wel een beetje

naar Bab Ballads, maar die is het toch niet, daarvan heb ik me al

vergewist.

Wij kunnen Thomas maar niet aan zijn overgeërfd roofinstinct

onttrekken. Hij schiet de kuikens met zijn pijl en boog dood, lassoot

de duiven en speelt stierengevechten met de koeien en o, hij is zoo

vernielziek! Maar zijn grootste wandaad had een uur vóór de komst

van de regenten plaats, juist toen wij allen er op ons Paaschbest uit

moesten zien!

Het schijnt dat hij de rattenval van de meelbergplaats had gestolen

en die in het kreupelhout neergezet heeft en nu heeft hij

gistermorgen het groote geluk gehad een prachtigen dikken bunzing te

vangen.

Singapore was de eerste, die de ontdekking verklapte. Hij keerde naar

huis terug en rolde over de haardkleedjes, in een vaag berouw over

zijn aandeel in de zaak. Maar terwijl wij allen onze aandacht op den

kwalijk riekenden Sing vestigden, was Thomas bezig zijn prooi in de

afgeslotenheid van het kreupelhout te villen. Hij verborg de huid in

den binnenkant van zijn buis, bracht ze, omzichtig door het huis

loopend, naar de slaapkamer, waar hij ze onder zijn bed verstopte, in

de hoop, dat niemand ze daar zou vinden. Daarna ging hij naar beneden

om de anderen te helpen roomijs voor onze gasten klaar te maken.

In den korten tijd, die ons nog restte, hebben wij al het mogelijke

gedaan om de gevolgen van het gebeurde tegen te gaan. De kokkin liet

den damp van een groote hoeveelheid versch gebrande koffie door het

huis opstijgen. Betsy besprenkelde de gangen met ammoniak, terwijl

Miss Snaith de haardkleedjes een violetwaterbehandeling liet

ondergaan. Ik stuurde een dringende boodschap naar den dokter, die

dadelijk kwam en een prachtoplossing bereidde, welke de vreeselijke

lucht verdrijven moest -- maar toch speurde je onder en boven en door

alle andere geurtjes heen, de pas gestorven ziel van Thomas'

slachtoffer, die om wraak schreeuwde -- en stonk!

De eerste zaak, die ook op de vergadering ter sprake kwam, was, of

het niet het beste zou zijn een groot, diep graf te graven en daarin

niet alleen Thomas Kehoe maar het heele huis te verbranden. Met welk

een keurigheid ik deze afgrijselijke zaak wist te behandelen blijkt

je wel als ik je vertel, dat de WelEdGestr. Heer grinnekend van de

pret naar huis afdroop, nog nagenietend van het gekke geval. Inplaats

van te brommen en af te geven op de nieuwe directrice die met al haar

geëxalteerde ideeën nog niet eens jongens weet te drillen.

Ja maar, we kunnen ons woordje wel doen als het moet!

Als steeds

S. McBride.

John Grier Home.

Vrijdag of Zaterdag.

Lieve Judy,

Sing leeft nog steeds afgescheiden in de schuur en krijgt daar elken

dag een carbolbadje van Thomas Kehoe. Ik hoop dat eens, in de verre

toekomst, mijn geliefde hond weer geschikt zal zijn om in de

samenleving te verkeeren.

Je zult wel blij zijn met het nieuws, dat ik een nieuwe methode heb

uitgevonden om je geld op een andere wijze uit te geven. Wij koopen

in het vervolg een deel van onze schoenen en levensmiddelen in

winkels van het dorp, wel niet zoo goedkoop als vroeger bij de

grossiers maar toch met een bepaalde korting, en het nut, dat uit

deze verandering voor onze kinderen voortspruit, is het verschil in

prijs dubbel en dwars waard. Stel je voor, ik heb ontdekt dat meer

dan de helft van onze kinderen niet het minste begrip van geld

hebben! Ze gelooven dat schoenen en havermout en rood flanellen

onderrokken en blauw geruit katoen uit den hemel vallen als zoovele

goede gaven Gods voor het John Grier Home!

De vorige week viel een nieuw groen dollarbankbiljet uit mijn beurs.

Een dreumes van acht jaar raapte het op en vroeg mij of hij het

plaatje van dien groenen vogel mocht houden. (De Amerikaansche arend,

in het midden, weet je). Dat kind had nog nooit van zijn leven een

bankbiljet gezien. En nu ging ik ze ondervragen en ontdekte, dat er

dozijnen kinderen in ons huis wonen, die nog nooit iets gekocht

hebben of iemand iets hebben zien koopen! En wij vormden nog wel het

plan om ze met hun zestiende jaar de wereld in te sturen, die

heelemaal door den machtigen invloed van dollars en dollars wordt

beheerscht! Lieve Hemeltje, denk eens aan, wat daarvan terecht was

gekomen! Dan hebben zij geen begrensd leventje meer met iemand boven

zich, die in alles voor hen zorgt, dan moeten ze weten zooveel

mogelijk profijt uit elken zuur verdienden cent te halen!

Ik zag deze kwestie een geheelen avond onder de oogen en ging toen

den volgenden morgen naar het dorp. Daar hield ik met zeven

winkeliers conferenties. Vier ervan waren verbazend aardig en

tegemoetkomend. Twee weifelden en een was er onbeschrijfelijk dom.

Met die vier wil ik nu beginnen en bij hen van alles inkoopen:

kruidenierswaren, schoenen, manufacturen en levensmiddelen. En in

ruil voor de groote orders, die ze van ons zullen krijgen, moeten zij

en hun bedienden de onderwijzers van de kinderen worden, die in hun

winkels in en uit zullen gaan, de voorraden zullen bestudeeren en hun

eigen boodschappen met werkelijk geld zullen doen.

Zoo heeft Jane b.v. blauwe naaizij noodig en een el elastiek en

dadelijk gaan twee kleine meisjes, met wat zilvergeld voorzien, hand

in hand naar Mijnheer Meeker om in te koopen. Zij bekijken de zij met

speurenden blik en volgen angstvallig de beweging van den bediende,

terwijl hij het elastiek afmeet, om zeker te zijn dat ze niet

bestolen worden. Dan brengen ze zes cent terug, nemen mijn dank en

lof in ontvangst en gaan weer naar de anderen terug met een voldaan

gevoel, omdat ze al boodschappen kunnen doen. Vind je dat niet

practisch? Gewone kinderen van tien of twaalf hebben al van zooveel

dingen verstand waaraan onze kinderen in de verste verte nog niet

gedacht hebben. Maar ik wil nog een heeleboel veranderingen hier te

weeg brengen. Geef me alleen nog wat tijd en je zult eens zien! In

een paar dagen zal ik verschillende bijna normale kinderen om mij

heen hebben!

* * * * *

Later -- Ik heb een absoluut vrijen avond voor me, dus kan ik nog een

beetje met je babbelen.

Herinner je je die apenootjes, die Gordon Hallock zond? Ik heb hem

toen zoo vriendelijk geschreven in mijn dankbaarheid, dat hij

dadelijk weer op iets nieuws zon. Het schijnt, dat hij een speelgoed.

winkel is binnengeloopen en daar in de klauwen van een zeer handigen

bediende terecht kwam.

[Illustratie]

Gisteren brachten twee mannen van de expressebestelling een kist naar

binnen, gevuld met dure, mooi bekleede speelgoedbeestjes, die anders

alleen maar in de speelkamers van rijkeluiskindertjes te vinden zijn.

Het was niet precies, wat ik gekocht zou hebben, had ik zoo'n groot

bedrag mogen uitgeven, maar mijn babies waren er dolblij mee. Die

kleuters gaan nu met leeuwen en giraffen en olifanten en beren naar

bed. Ik weet niet welke psychologische uitwerking dit geschenk zal

hebben. Denk je, dat ze met hun allen naar een circus zullen trekken

als ze grooter zijn?

O lieve deugd, daar komt Miss Snaith mij zeer beminnelijk een bezoek

brengen!

Good-by.

P.S. De boemelaar is teruggekeerd. Hij zendt je veel betuigingen van

oprecht berouw en drie kwispelstaartjes.

John Grier Home.

7 April.

Lieve Judy.

Ik heb zoo juist een brochure gelezen over de opleiding voor

handenarbeid voor meisjes en een over gezond, krachtig voedsel voor

groote inrichtingen, de vereischte proportiën van eiwit, vet,

zetmeel, enz. In dezen tijd van wetenschappelijke liefdadigheid,

waarin elk probleem bestudeerd en nog eens bestudeerd wordt en daar

groote tabellen over worden opgemaakt, kun je een inrichting ook met

tabellen besturen. Ik begrijp niet hoe Mrs. Lippett al die fouten kon

begaan welke ze beging, verondersteld natuurlijk, dat ze kon lezen,

maar er is een punt waarover nog niet gedacht is en waarvoor ik nu

allerlei gegevens verzamel; op een goeden dag zal ik een geschrift

uitgeven over de "Behandeling van en Controle over Regenten!"

O, ik moet je een grap van mijn vijand vertellen, niet van den WelEd.

Gestr. Heer maar van mijn eersten origineelen. Hij heeft nu een nieuw

veld van ontdekkingen opgedaan. Hij zei heel effen (alles, wat hij

doet, is effen, hij heeft zelfs nog nooit geglimlacht), dat hij mij

sedert mijn komst scherp heeft opgenomen en hoewel ik ongeroutineerd

en een beetje opgewonden en onbezonnen ben (sic), gelooft hij niet,

dat ik werkelijk zoo oppervlakkig ben als hij eerst vreesde. Ik heb

een bijna manlijke handigheid om de volle beteekenis van een kwestie

te doorzien en recht op het doel af te gaan.

Zijn mannen niet vermakelijk? Wanneer ze je het grootste compliment

willen maken, zeggen ze naiefweg, dat je werkelijk iets van een man

hebt. Maar dat is een compliment, waarop ik hem toch nooit op de

zelfde wijze zal antwoorden, want ik wil niet bekennen, dat hij een

bijna vrouwelijke opmerkingsgave bezit.

Dus Sandy denkt toch dat ik voor verbetering vatbaar ben -- al ziet

hij mijn fouten ook heel goed. En hij heeft besloten mijn opvoeding

te voltooien, zoodat ik niet behoef stil te staan bij het oogenblik,

dat ik de Universiteit heb verlaten. Een persoontje als ik behoort

van physiologie, biologie, psychologie, sociologie, gezondheidsleer,

enz. goed op de hoogte te zijn. Zij moet de erfelijke belasting van

krankzinnigheid, idiotisme en alcoholisme kennen en ze moet met het

zenuwstelsel van kikkers op de hoogte zijn, in verband waarmede hij

zijn heele bibliotheek, die uit meer dan 4000 boekdeelen bestaat, te

mijner beschikking heeft gesteld. Hij zoekt niet alleen de boeken

uit, die ik lezen moet, maar stelt mij vragen, om zeker te zijn dat

ik ze ook gelezen heb.

Wij hebben de vorige week aan het leven en aan de brieven van het

gezin Jukes besteed. Margaretha, de moeder der misdadigers, zes

generaties geleden, staat aan het hoofd van een vruchtbaar geslacht,

hetwelk nu ongeveer 1200 menschen telt. Moraal: bestudeer je kinderen

die erfelijk belast zijn zeer nauwkeurig, zoodat geen ervan

gelegenheid heeft om tot een Jukes op te groeien.

Zoodra wij onze thee met toast genuttigd hebben, haalt Sandy het

register en dan speuren we angstig naar alcoholistische ouders. Het

is een spelletje en een goed middel om het schemeruurtje door te

brengen als het dagwerk verricht is.

Quelle vie! Kom toch gauw terug en help mij uit dit huis! Ik sterf

van heimwee om je weer te zien.

Sallie.

John Grier Home

Donderdagmorgen.

Mijn lieve Pendleton familie,

Ik heb je brief ontvangen en grijp dadelijk naar pen en inkt om mijn

schuld af te doen. Ik wil toch niet verlost worden, ik neem mijn

woord terug. Ik ben van ideeën veranderd. Dat persoontje dat je

hierheen wilt sturen, lijkt, naar je beschrijving te oordeelen, een

tweelingzuster van onze Miss Snaith. Hoe kun je me vragen om mijn

kinderen toe te vertrouwen aan een lieve, maar onbeduidende dame van

middelbaren leeftijd, die zelf geen kinderen heeft! Alleen het idee

daaraan doet mijn moederhart bloeden!

Denk je werkelijk dat zulk een vrouw ook maar tijdelijk het werk hier

kan verrichten? Neen, duizendmaal neen! De directrice van een

inrichting als deze moet gezond en vlug en energiek en krachtig en

vroolijk en flink zijn, met rood haar en een goed humeur, zooals ik!

Natuurlijk ben ik ontvreden geweest, dat zou iedereen zijn bij zulk

een wanorde, maar dat was wat jullie socialisten een heilige

verontwaardiging noemen. En denk je werkelijk dat ik al mijn

prachtige veranderingen, die ik met zooveel moeite hier heb

ingevoerd, zoo maar weer zou laten vervallen? Neen! Ik ben niet van

deze plaats weg te krijgen als je geen directrice vindt, die op zijn

minst genomen beter is dan S. McBride!

Dat beteekent echter weer niet, dat ik me hier voor goed begraaf,

neen, alleen maar voorloopig, zoo lang tot alle dingen geregeld zijn;

zoolang de pokken- en mazelen-periode hier heerscht, geloof ik wel

dat je in mij een geschikte directrice hebt gevonden. Ik hou er dol

veel van om verbeteringen tot stand te brengen en de menschen tot

orde te roepen.

Dit is een heel slordige brief, maar ik krabbel het in een paar

minuten af om je dadelijk te laten besluiten van die lieve

onbeduidende kinderlooze juffrouw af te zien.

Zeg, lieve luidjes, laat me nog wat in dien warboel zitten, voor een

paar maanden maar! Laat me eens toonen, wat ik kan en ik beloof je

dat je er geen spijt over zult hebben.

S. McB.

J. G. H.

Donderdagmiddag.

Lieve Judy,

Ik heb een gedicht gemaakt, een waar zegelied!

Robin MacRae

Smiled to-day!

Het is waar, werkelijk waar!

Sallie.

J. G. H.

13 April.

Lieve Judy,

Ik ben blij te hooren dat jij blij was te hooren, dat ik hier blijf.

Ik had het nooit gedacht maar ik ben heusch aan de kinderen gehecht.

Het is vreeselijk jammer, dat je door Jervis' aangelegenheden nog

langer in het Zuiden moet blijven. Ik barst haast van alle nieuwtjes,

die ik je moet vertellen en het is zoo omslachtig en tijdroovend om

alles neer te schrijven wat je iemand te zeggen hebt.

Natuurlijk ben ik blij, dat het huis verbouwd wordt en ik vind al je

plannen goed, maar ik heb er zelf ook een paar extra goede. Het zal

heerlijk zijn om de nieuwe gymnastiekzaal en de groote overdekte

warandah rondom de slaapkamers te krijgen, maar Judy, ik verlang zoo

dol naar de cottage-woningen! Hoe meer ik me in het eigenlijke werk

van een vondelingengesticht indenk, des te meer kom ik tot de

overtuiging, dat voor een vondelingengesticht, het eenige systeem dat

het meest het familieleven nabij komt, is, het leven in kleine

dorpshuisjes. Zoolang het familieleveven de slagader van het sociale

leven uitmaakt, moeten de kinderen al zeer vroeg dat leven van nabij

kennen.

Het voornaamste vraagstuk dat me nu bezig houdt is wel, wat we met

onze kinderen zullen beginnen zoolang ons huis verbouwd wordt. Het is

vreeselijk moeilijk om een huis te bewonen en het tegelijkertijd te

verbouwen. Hoe zou je het vinden als ik een circustent huurde en die

op het grasveld opsloeg? En als we dan toch aan het verbouwen gaan,

zou ik wel graag een paar logeerkamers hebben waar onze kinderen

kunnen zijn als ze ziek zijn of weer bij ons terugkomen nadat ze een

eigen loopbaan hebben gekozen, want juist het groote geheim van onzen

blijvenden invloed op hun leven zal onze zorg voor hen zijn, die een

soort achterblijvende grond voor hen vormt. Wat moet het niet een

vreeselijk eenzaam gevoel voor iemand zijn, te moeten denken, dat hij

niemand heeft, die aan hem blijft denken. Ik, met mijn dozijnen

tantes en ooms en moeder en vader en neven en broers en zusters en

nichten, kan me dat niet indenken. Ik zou het benauwend vinden als ik

niet een heele massa gaatjes wist, waarin ik kon kruipen. En voor

deze arme schapen moet het John Grier Home steeds een thuis blijven,

dus, lieve luidjes, zorg dat ik minstens een half dozijn logeerkamers

krijg.

Dag! Ik ben echt in mijn nopjes, dat je die andere vrouw niet

hierheen hebt gehaald. Alleen al het denkbeeld, dat iemand anders

mijn mooie vernieuwingen zou verwaarloozen, nog voor ze toegepast

zijn, brengt mij in opstand! Ik ben bang dat ik wel iets met Sandy

gemeen heb: ik vrees dat niets goed gaat, als ik het niet zelf doe.

Je S. McB.

J. G. H.

Zondag.

Lieve Gordon,

Ik weet, dat ik je een heelen tijd niet heb geschreven. Je hebt

volkomen gelijk als je op me bromt. Maar lieve deugd, je weet ook

niet hoeveel werk een directrice van een vondelingengesticht te

verrichten heeft en al mijn schrijfkracht moet op de wreede Judy

Abbott Pendleton uitgestort worden, want als er drie dagen

voorbijgaan zonder brief, telegrafeert ze me om te hooren of het

gesticht misschien afgebrand is, terwijl jij, als een heel lieve man,

na een briefloozen tijd het een of andere mooie cadeau stuurt om de

gedachte aan jou even op te frisschen. Dus zie je, dat het beslist in

mijn voordeel is je af en toe op een brief te laten wachten.

Je zult het waarschijnlijk vervelend vinden als ik je zeg, dat ik

beloofd heb nog een tijd hier te blijven, terwijl ze tenslotte iemand

gevonden hadden die mijn plaats zou kunnen innemen, maar het was

absoluut geen geschikte vrouw en ze zou zelfs niet tijdelijk aan de

eischen kunnen voldoen. En, mijn waarde Gordon, ik wil je eerlijk

bekennen dat Worcester mij eenigszins eentoonig voorkwam, toen ik aan

de mogelijkheid dacht om aan al mijn koortsachtige plannen en steeds

zoeken naar verbetering, goeden dag te moeten zeggen. Ik kan er niet

toe overgaan dit leven vaarwel te zeggen als ik er niet zeker van ben

minstens net zoo'n geanimeerd leven ervoor in de plaats te krijgen.

Ik weet heel goed wat je me daarop wilt antwoorden, maar doe het

alsjeblieft niet. Wacht nog een paar maanden en laat mij den tijd om

te denken. En intusschen ben ik blij te weten, dat ik nog iets in de

wereld verrichten kan. Er gaat zoo iets vroolijks, opwekkende van den

omgang met kinderen uit, tenminste als je het van mijn standpunt

beziet en niet van dat van onzen Schotschen dokter. Ik heb nog nooit

iemand gezien als die man! Hij is altijd pessimistisch gestemd en

down. Het is veel beter niet zooveel over idiotisme en alcoholisme en

heel dien erfelijk belasten rommel te denken. Ik ben juist onwetend

genoeg om vroolijk te zijn en geschikt voor een positie als de mijne.

De gedachte aan al deze kleine levens, die in zoo verschillende

richtingen zich zullen ontwikkelen, ontroert mij steeds weer. De

zieltjes van onze kinderen staan open voor elk bloemzaadje. Het is

daar wel wat wild gezaaid geworden, dat is zeker, maar hoewel wij bij

onze kinderen een hoop onkruid zullen vinden, verwachten wij toch ook

een paar zeldzame en zeer kostbare bloemen. Word ik nu sentimenteel?

Zeker omdat ik zoo'n honger heb! Daar gaat juist de gong! Wij krijgen

vanavond een heerlijken maaltijd: roastbeef en worteltjes en sla met

rhabarber toe. Zou je niet graag met ons mee-eten? Ik zou het heerlijk

vinden je hier te hebben! Met stevigen handdruk,

S. McB.

P.S. Je moest eens al die daklooze katjes zien, die onze kinderen

hebben aangenomen. Wij hadden er vier toen ik hier kwam en die hebben

nu alle kleintjes gekregen. Ik heb het juiste aantal nog nooit geteld

maar ik geloof, dat de familie thans uit 19 leden bestaat.

[Illustratie]

Het "John Grier Home" · 第 11 / 48 题