LABRANG GOMBA, EEN KLOOSTER IN THIBET.

Dr. Albert Tafel, die al eenige reizen door Thibet deed, heeft onlangs

een en ander verhaald over een thibetaansch klooster, gelegen op 35

graden N.B. en 102 O.L., daar, waar de hoogvlakte naar het Noordoosten

weer zooveel lager wordt, dat er in de dalen een weinig gerst en

tarwe kunnen verbouwd worden. Het is een der grootste kloosters

van het verboden Thibet. Er zijn nog slechts weinig Europeanen,

die Labrang Gomba hebben gezien, want het ligt niet aan een der

groote karavaanwegen, terwijl het bovendien berucht is om de weinig

vriendelijke gezindheid van de bewoners.

Maar wel behoort het tot de belangrijkste kloosters uit Thibet, want

steunend op zijn groote rijkdommen en op de ongeveer 8000 tot 10.000

monniken heeft het kloosterbestuur het zoo ver weten te brengen, dat

een zeer groot gebied van het klooster afhankelijk is, dat verscheiden

kleine vorsten aan de macht van de kloosterheeren gehoorzamen en hun

belasting betalen, en dat enkele groote stammen bestuurd worden door

lama's, uitgezonden door het klooster.

»Ik heb«, verhaalt Dr. Tafel, »Labrang Gomba bezocht in October

1907. Het complex van kloostergebouwen ziet er indrukwekkend uit. Het

zijn huizen van twee verdiepingen en veel kleinere woningen, alle

vroolijk wit, rood en zwart geschilderd en zeer zindelijk onderhouden

zijn. De grootste gebouwen worden bewoond door levende Boeddha's

en heiligenincarnaties, want men kent in Labrang als overal in

Thibet veel levende goden; ook tempels en bidhallen behooren tot

de kloostergebouwen en enkele in chineeschen stijl opgetrokken

heiligdommen.

Bijna was Labrang Gomba een bijzonder heilig klooster geworden, want

sinds 1906 heeft het bestuur zich alle mogelijke moeite gegeven, om den

Dalai Lama binnen de muren van het klooster te mogen herbergen. De

monniken waren in 1907 zelfs begonnen, voor den Dalai Lama een

bijzonder paleis te bouwen, want ze meenden toen den tegenstand van den

slimmen en onberekenbaren heer te hebben overwonnen en hoopten ook bij

de chineesche regeering de toestemming te krijgen, dat de Dalai Lama

voortaan onder hen zou mogen resideeren. Maar de vrees van den Dalai

Lama won het pleit. En niet ten onrechte vreesde hij de broeders,

want bij de hoogere thibetaansche geestelijkheid heeft de Dalai Lama

sinds zijn vlucht naar Mongolië en zijn zonderling handelen tijdens

de engelsche expeditie alle populariteit verloren en hij zou er van

zijn leven niet zeker zijn geweest«.

De groote Fransche expeditie van kapitein d'Ollone in 1908 is dichtbij

het klooster Labrang Gomba door een thibetaanschen stam aangevallen,

waarbij twee fransche officieren gewond werden. Toen is het klooster in

de europeesche dagbladen genoemd. Men is er niet ver van de chineesche

grens, maar dat waarborgt volstrekt de veiligheid niet. De Khamba's,

de bewoners van Oost-Thibet, zijn tot bij Lhassa en in het overige

West-Thibet gevreesd om hun roof- en moordzucht. Het gaat er onder

de stammen toe als in Europa in de Middeleeuwen; het leenstelsel

is er in zwang, en niemand bekommert zich om de heeren in naam,

de Chineezen. De keizer is al te ver! Het roofridderwezen verheugt

er zich in grooten bloei, zooals goederenkaravanen maar al te vaak

ondervinden. Ook Dr. Tafel deed daarvan ervaringen op. Hij en luitenant

Filchner werden in 1904 aangevallen en de kleine karavaan van 1906 en

1907 verloor driemaal door een rooversaanval expeditiemateriaal en

deelen der verzamelingen. Het is daar ook het gebied, waar Dutreuil

de Rhins in 1894 werd vermoord, en in 1900 hadden de Russen Kozlow

en Kozlakow op hun wetenschappelijke reis formeel slag te leveren,

waarin hun 17 Kozakkengeweren 32 Thibetanen deden sneuvelen.

Op den Uitkijk, Jaargang 1909 Bijblad bij De Aarde en haar Volken · 第 150 / 353 题