De Amerikaan Dr. Frederick A. Cook, die aan de belgische
zuidpoolexpeditie van de Gerlache deelnam als dokter, ondernam den
vorigen zomer een tocht, waarbij hij zich door een walvischvaarder
bij Etah aan de Smithsont liet afzetten met het doel, langs de kust
van Ellesmereland naar het Noorden te gaan, daar te overwinteren en
van Groenland uit in Februari 1908 een sledetocht in de richting der
Noordpool te doen.
Men mocht aannemen, dat de amerikaansche stoomboot »Eric«, die in
Juli 1908 Peary en zijn schip de »Roosevelt« begeleidde tot aan de
Smithsont, Cook zelven of althans berichten over hem zou meebrengen. Nu
is de »Eric« inderdaad in September j.l. teruggekomen en had aan
boord een der metgezellen van Cook, R. Francke, die het volgende
kon vertellen.
Cook had den winter 1907/1908 dertig kilometer ten noorden van Etah
in Annortok aan den oostelijken oever van de Smithsont doorgebracht
en was den 26sten Februari 1908 met Francke en eenige Eskimo's over
de Smithsont naar Ellesmereland gegaan. Nadat den 3den Maart de
Flaglerbaai, een der fjorden, die tusschen 79 en 80 graden N.B. van
het Oosten in Ellesmereland binnendringen, bereikt was, keerde Francke
om en ontving later in Etah een bericht van Cook, meldende, dat deze
den 17den Maart bij kaap Hubbard was aangekomen en nu noordwaarts op
weg ging, en dat hij midden Juni aan de Smithsont terug hoopte te zijn.
Hij is echter tot midden Augustus, toen de »Eric« Etah verliet,
daar niet aangekomen, zoodat de vrees wordt uitgesproken, dat hij
verongelukt is.
»Globus«, dat de mededeeling opneemt, maakt de opmerking, dat het
de vraag is, waar die kaap Hubbard gezocht moet worden. Als er
mee bedoeld wordt kaap Thomas Hubbard, zooals Peary de noordpunt
van Axel-Heibergland in het Westen van Grantland op 81.20 graden
N. B. noemde, dan zou dat beteekenen, dat Cook op Groenland als
operatiebasis niet langer het oog gevestigd had en dat hij zich gewend
heeft naar een vrij afgelegen deel van de amerikaansche poolwereld. De
afstand van de Flaglerbaai en kaap Thomas Hubbard bedraagt 350
kilometer, die Cook dan in 14 dagen zou hebben afgelegd. Voorloopig
mag men aannemen, dat Cook bij den terugtocht naar de Smithsont zich
heeft verlaat.
Men kan, helaas, geen nadere opheldering verwachten vóór den nazomer
van 1909.
Nu er sedert Juni 1907 niets meer van de expeditie is vernomen, rijzen
vermoedens van een ramp. Er heeft zich in de laatste helft van Februari
nu een commissie gevormd te New-York, om een opsporingsexpeditie
mogelijk te maken. Er zal een som van dertig duizend dollars worden
bijeengebracht, om in Juli een schip naar het Noorden te kunnen
sturen. De leiding zal in handen worden gesteld van Dillon Wallace
en de organisatie zal berusten bij de »Arctic Club of America« en de
»Explorers' Club«.