PRINCE[22].

Prinsen, de Bruid present, voor al die zijn vergaârd,

Laat ons voor 't slot en end, 't geluk haar lieflijk bieden;

Dat God zijn zegen wendt, als David ons verklaart,

In zijn Psalm maakt bekend, klaarlijk voor alle lieden:

Wel, die den Heere vreest! Geluk zal hem geschieden,

In al zijn wegen zal[23] verleenen overvloed,

Uw wijf zal gelijk zijn den wijnstok, na 't bedieden[24],

Die vrucht draagt t' zijner tijd, zij zal ontvangen spoed[25];

Aan den Disch, als een kroon, uw kinders lieflijk zoet,

Als olijfranken schoon, zult gij ze klaar aanschouwen,

Met veel weldaden meer, van God verkrijgen goed:

De Heer geev' haar doch kracht, om inliefd' niet te flaauwen,

Maar Jonst hen voege t' zaâm, begeerig na vreeds-dauwen,

Als d' Haas-baart zijn kracht snel, om loopend d' Hond t' ontwijken,

Snakkend naar 't water Claar; 'k en kan 't beter gelijken.

De complete werken van Joost van Vondel. Eerste deel · 第 11 / 17 题