GEËTSTE PRENTEN.

De prent, die Uytenbogaerd voorstelt, is eene ets. Wat is dat, eene ets?

Gebruikt de schilder eenen lap linnen of een houten paneel, en brengt

hij daar met behulp van penseelen olieverf op, dan spreekt men van eene

schilderij. Werkt hij met kool, krijt, potlood, inkt of waterverf op

papier, dan ontstaat eene teekening. Van beide maakt hij natuurlijk niet

meer dan één exemplaar. Schildert of teekent iemand dit na, dan heet dat

eene copie. Voor boeken en geschriften laat men den photograaf en den

plaatdrukker reproducties maken.

Maar nu eene ets.

De teekenaar neemt een plaatje roodkoper. Dit moet volkomen vlak en

effen zijn, en wordt daarom tegenwoordig langs galvanischen weg

vervaardigd. Op het plaatje brengt hij eene dunne laag was aan; door het

aan den onderkant te verwarmen, wordt de was vloeibaar en dus geschikt,

om zoodanig verspreid te worden, dat het korstje na het stollen overal

eene gelijkmatige dikte heeft.

Eene fijne naald is het teekengereedschap. De punt zet de lijnen niet

op, maar in de was; ze kan zich door de zachte massa heel gemakkelijk

bewegen, en dit vergunt den teekenaar dus, om los en zwierig te werken,

zwieriger, dan wanneer hij met een mes zijn beeld in palmhout snijdt, om

eene houtsneeprent te maken.

Wat er nu in de was staat, kan hij niet met inkt aansmeren, om op papier

af te drukken. Daarvoor is alles te zacht. Hij brengt rondom de

koperplaat een opstaand lijstje aan, en giet er vitriool over uit. Deze

vloeistof laat de was onaangetast; maar waar ze koper vindt, bijt ze dit

uit. Dus in de smalle voren, die de naald in het bedekkende laagje heeft

getrokken. Na eenigen tijd wordt de vitriool afgegoten, de koperplaat

door verwarming ontdaan van de was, en alsnu vertoont ze de figuur, door

den teekenaar in de zachte stof ontworpen, doch thans in het harde

metaal onvergankelijk ingevreten.

Met behulp van eene inktrol bedekt hij haar met inkt, wrijft haar met

een lap weer schoon, maar draagt zorg, den inkt niet te verwijderen, die

in de diepte van de lijnen zit. Deze zal, bij het afdrukken op een blad

papier, de teekening te zien geven, juist even los en zwierig, als ze in

de was geteekend is, maar in spiegeld beeld. Want door het afdrukken

wordt de voorstelling omgekeerd.

Van eene ets worden door den teekenaar een groot aantal exemplaren

vervaardigd. Daar ze voor den handel bestemd zijn, en de liefhebbers ze

gelijkstellen met oorspronkelijke teekeningen, kunnen ze eene ruime

bron van inkomsten zijn. Er is er een afkomstig van Rembrandt, die

"honderguldenblad" heet, omdat elke afdruk den prijs van honderd gulden

opbracht!

De geëtste koperplaat blijft voor latere afdrukken bewaard. Het komt

meermalen voor, dat de etser na eenigen tijd met zijn werk niet meer

tevreden is. Hij tracht dan in de plaat wijzigingen aan te brengen. Er

heeft zeker geen kunstenaar bestaan, die hiervan zoo de geheimen kende,

als Rembrandt.

De veranderingen, aangebracht in het portret van een vriend, den

schilder Jan Asselijn, hebben aanleiding gegeven tot eene vermakelijke

vergissing.

In de verschillende musea en kunstverzamelingen bevinden zich twee

soorten van afdrukken van dit portret; ook in de achttiende eeuw

verhandelde men reeds exemplaren van Asselijn _met_ den ezel en

exemplaren van Asselijn _zonder_ den ezel. Op dezen staat de schilder

afgebeeld naast een tafeltje met boeken, op genen wordt de achtergrond

gevormd door een houten schildersezel, waar een paneel of een doek op

staat, dat arbeid van den kunstbeoefenaar moet voorstellen.

Er werd in de achttiende eeuw druk in deze en dergelijke etsen

gehandeld. Liefhebbers waren niet tevreden, als ze een Asselijn bezaten;

ze moesten er een exemplaar "Asselijn met den ezel" bij hebben; soms

liepen ze alle kunsthandelaren af, om een te krijgen.

[Illustration: Asselijn met den ezel. Asselijn zonder den ezel.]

Een Duitsch prentenkoopman had al meermalen vraag gehad naar een

"Asselijn met den ezel", en tot zijn verdriet steeds neen moeten

verkoopen. Hij was op en top man van zaken, en als het moest, stond hij

voor niets! Hij bracht een "Asselijn zonder den ezel" bij een behoeftig

kopersnijder en verzocht dien, om in alle stilte eene etsplaat te maken

naar het beeld van den Hollandschen schilder, maar in gezelschap van

eenen ezel. Daar geen van beiden ooit een exemplaar van het veel

gevraagde soort had gezien, veronderstelden ze, dat met den ezel een

gelangoorde viervoeter werd bedoeld. De zaak kwam gereed. De kunstkooper

bezat thans de twee soorten. En toen er weldra een Engelschman bij hem

aanklopte om een "Asselijn met den ezel", drukte hij dezen voor goed

geld den zonderlingen ezelhoeder in de hand. Natuurlijk kwam zijn bedrog

spoedig uit, en heeft hij niet veel exemplaren kunnen slijten. Toch zou

men thans bij onze overzeesche buren weer goed geld willen geven om er

een te bezitten, niet omdat het _geen_ "Rembrand" is, maar ter wille van

de merkwaardigbeid.

* * * * *

Meesterstukken van Rembrandt Harmensz. Van Rijn Leesboek voor het Lager en Voortgezet Onderwijs · 第 26 / 33 题