24 December.

Wij zijn vandaag te Assioet aangekomen, een groote stad van 45000

inwoners, bewonderenswaardig gelegen op een der breedste plaatsen

van het Nijldal en omringd door een buitengewone streek, wat rijkdom

en vruchtbaarheid betreft. Hier is er dwars over de rivier een

belangrijke dam gemaakt, gebouwd tegelijk met den dam te Assoean,

waardoor men de wateren van den Nijl in zijn macht heeft.

De aanlegplaats staat vol met een schaar arabische kooplui, die

de voortbrengselen van het land te koop bieden. Daaronder is zeer

interessant rood aardewerk, dan shawls van ongewone fijnheid en

zilveren degengevesten, wandelstokken van ebbenhout met ivoren knoppen

en een fabelachtige hoeveelheid "antiquiteiten", waarvan het grootste

deel uit Birmingham of Duitschland afkomstig zijn.

De mooiste ezels van Egypte vindt men te Assioet, naar onze drogman

ons vertelde, en inderdaad hadden we er voortreffelijke ezels met zeer

goede zadels. De egyptische ezels zijn alle trouwens goed en mooi,

en ik heb een groote bewondering voor ze. En wat kunnen ze werken! Zij

zijn tegen alles bestand en zijn allerbescheidenst in hun behoeften,

uit noodzaak, wel is waar, helaas! Arme dieren, mijn hart heeft vaak

medelijden met u gehad, als ik merkte, hoe slecht ge gevoed werdt en

hoe hard de stokslagen aankwamen. Wat beulen zijn die ezeljongens,

en wat zou ik graag aan sommigen hunner de slagen teruggegeven hebben,

waarop zij de ezels onthaalden!

Er staan hier rijtuigen, victoria's liefst, bespannen met zenuwachtige

paardjes, en in een van die liet ik mij de stad door rijden, een

mengeling van groote paleizen, vervallen huizen en wankele leemen

hutten, waarin halfnaakte mannen, vrouwen en kinderen met hun varkens,

honden en kippen huizen. Bijna alle winkels hebben uithangborden in

vreemde talen, waar een afschuwelijk Engelsch naast een onmogelijk

Fransch op voorkomt. De stad hangt vol groote aanplakbiljetten,

die met reuzenletters verkondigen, dat "de grootste magnetiseur der

wereld" juist van Parijs is aangekomen.

De bazars zijn belangwekkend en vol oostersche producten. De kalmte

van de kooplui, die op zijn Turksch zitten te rooken en hun koffie

met kleine teugjes slurpen, vormt een vreemde tegenstelling met de

houding van de verkoopers aan de landingplaats, die ons achtervolgden

en ons lastig vielen.

Een Arabier kan geestig wezen; daar twijfel ik niet meer aan. Ik

onderhandelde met een hunner over een mooien doek, waarvoor hij mij het

vierdubbele van de waarde had gevraagd, en wij waren bijna afgezakt

tot den prijs, dien ik ervoor wilde geven, toen hij een halsketting

grijpend en dien haastig in den doek wikkelend, mij beide toereikt

met de woorden: "Hier, neem het maar... bakschisch!" En toen met een

zinspeling op de beroemde ministeriëele circulaire: "Maar zeg het

vooral niet aan Cromer pacha!"

Natuurlijk zijn er te Assioet graven... welke plaats in Egypte heeft

die niet? Hier bevinden ze zich boven op een dorren berg, op welks

helling men de gaten ziet van verschillende grootte als gapende

wonden; die grootte staat in verband met de bestemming van het graf

voor menschen of voor honden, katten of wolven, welke dieren alle

vroeger te Assioet werden aangebeden.

Onder de brandende zonnestralen bestegen wij dien berg, bedekt met

oude, verbleekte beenderen en wij kwamen aan den ingang van het

eerste groote graf. Tegen het hek stond een afschuwelijke mummie

overeind. Een der bewakers drukte de mummie met zijn rechterarm tegen

zich aan en de linkerhand uitstrekkend, zei hij tot ons: "Photografeer

nu de beide generaties... vijf piasters, als het u belieft."

De graven te Assioet zijn werkelijk het bezoek niet waard, dat men

er aan brengt. Het zijn vulgaire grotten, waarin enkele gapende gaten

de kuilen aanwijzen, waaruit men de mummies heeft weggehaald. In een

der hoeken lag een hoop stof van losgewikkelde mummies, en de drogman

bood er ons stukjes van aan als herinnering: "Zonderling," zei hij,

"dat die stof eeuwen is bewaard gebleven!" Buiten zag een Engelschman

een hoop oude lappen, en ze wijzend aan onzen gids, vroeg hij hem:

"En dat, is dat ook mummiestof?" Maar de ander, niet om een antwoord

verlegen: "O neen, dat is maar prullerij... dat komt uit Birmingham."

Wij daalden langs een ander pad en kwamen aan de doodenstad, het

groote, arabische kerkhof, geheel wit, met zijn duizenden graven

met sierlijke koepels erboven. Uit de verte is het een mooi gezicht;

van nabij is het minder aardig. Enkele graven zijn open, zoodat de

beenderen te zien zijn, en de gieren vliegen erboven rond in de lucht.

Ik heb van mijn kort verblijf in Assioet gebruik gemaakt, om den

amerikaanschen zendingspost te bezoeken, die hier een kerk heeft, een

hospitaal en twee mooie onderwijsinrichtingen voor jongens en meisjes.

Zeer vriendelijk ontvangen door den directeur, den Reverend

Dr. Alexander, heb ik met hem de gebouwen bekeken, die zeer goed waren

ingericht. Daar ze reeds sedert vijftig jaren in Egypte gevestigd

zijn, hebben deze presbyteriaansche zendingsstations groote diensten

aan de beschaving bewezen. Ik blijf gelooven, dat de resultaten op

godsdienstig gebied niet veel beteekenen, maar dat ze op humanitair

terrein bijzonder groot zijn. De scholen van Kaïro en Assioet hebben

ieder ongeveer 700 leerlingen; de meisjesschool te Kaïro telt 400. In

het kort, de verschillende scholen van de amerikaansche zending in

Egypte geven een practische opvoeding van groote waarde aan 12387

jongens en 3521 meisjes. Op de school te Assioet duurt de cursus

zes jaren. Na het verlaten der inrichting wordt een klein deel

der leerlingen zendeling, de anderen worden leeraars, en de groote

meerderheid gaan naar hun dorpen terug, waar ze betrekkingen kunnen

krijgen bij post, telegraaf, telefoon enz.

Natuurlijk, dat die duizenden oosterlingen, die zes jaren van hun

leven hebben gesleten in deze scholen, ruim van inzicht worden en

dat er een betere verstandhouding ontstaat tusschen Mohammedanen en

Christenen. Nauwelijks twintig jaren geleden was het onmogelijk met

een Muzelman over den Bijbel te praten... tegenwoordig lezen velen

het Boek, sommigen uit nieuwsgierigheid, anderen om eruit te leeren,

en graag spreken ze over godsdienstige vraagstukken met Christenen.

De pogingen van de amerikaansche, fransche, oostenrijksche en andere

zendelingen hebben stellig tot gevolg gehad, dat de betrekkingen

vriendschappelijker werden tusschen inboorlingen en vreemdelingen,

en indirect hebben ze ertoe meegewerkt, onze denkbeelden en onze zeden

ingang te doen vinden, die tot een beter en gezonder leven leiden. De

in de scholen opgevoede mannen zien ervan af, vele vrouwen te hebben en

begrijpen het familieleven beter en de liefhebbende vertrouwelijkheid

tusschen ouders en kinderen. De vrouwen, die er hebben schoolgegaan,

hebben meer gevoel van eigenwaarde en houden haar huis gezelliger.

Het moderne Egypte: Wat er te zien en te hooren valt tusschen Kaïro en Faschoda De Aarde en haar Volken, 1908 · 第 5 / 9 题