SILHOUETTEN

In oorlogstijd schijnen de volken licht in hun overgeleverde vorm terug

te vallen: de Duitschers die gedrild worden door hun officieren, geplukt

door hun landjonkers, en bij de neus geleid door hun regeering; de

Engelschen die, al mopperend, vrijwillig doen wat er van hen gevraagd

wordt, mits hun bekwame bestuurders maar nauwkeurig weten met welke

leidsels er moet gemend worden; de Franschen, die plotseling, na een

reeks van vreedzame en vredelievende jaren, weer dezelfde vroolijke

soldaten zijn—het eenige volk dat de zin van de roem verstaat.

V

Holland en de oorlog · 第 77 / 138 题