HOOFDSTUK IV.

Nederland en zijne Mohammedanen.

De dusver bereikte slotsom leidt niet tot positieve resultaten 78

Opvoeding en onderwijs zijn in staat, de Moslims van het

Islâmstelsel te emancipeeren 79

Gunstige voorwaarden voor de werking dier middelen in

Oost-Indië, vooral op Java 80

Gebrek aan krachtige leiding van den gunstigen stroom 80

Voorbeelden van betreurenswaardige onbeslistheid 81

In associatie der Inlanders aan onze cultuur ligt de oplossing

der Islâmquastie 83

De openbare meening in Nederland behoort in die richting

krachtig te spreken 83

De eenigen, die blijk geven het te beseffen, zijn de

zendingsvrienden 84

De Moslimsche Inlanders wenschen wel politieke en nationale,

geen religieuze associatie 85

Hoe ver kan de associatie gaan? 85

Bezwaar tegen gesubsidieerde Christelijke scholen met gedwongen

deelneming aan het godsdienstonderwijs 87

Ons onderwijs en onze opvoeding moeten vooreerst de hoogere

klassen der Inlandsche maatschappij in het oog vatten 89

De onlangs opgerichte desascholen 90

Studie van begaafde Inlanders in Nederland 91

Europeesch onderwijs voor Inlanders, die tehuis blijven 91

Opvoeding buiten de school 92

De zending zou hiertoe kunnen medewerken 92

De Inlandsche vrouw en hare opvoeding 93

Aan hooger ontwikkelde Inlanders moet een belangrijk aandeel

in den staatsdienst verzekerd worden 94

Kleinmoedige bezwaren tegen de associatie 95

Stuiting der beweging niet mogelijk 96

Samenvatting onzer beschouwingen 96

De associatie der Inlandsche maatschappij aan onze cultuur

ontneemt aan het panislamisme alle kracht 99

Andere heilzame gevolgen der associatie 100

Weerlegging der bezwaren tegen nationale associatie 100

Nederland en de Islâm · 第 9 / 23 题