I cieli immensi narrando del grande Iddio la gloria.

Zuiver is die nagalm, zuiver en rein als Joachims snarengetoover,

dat een onafzienbare schare verrukte, ja meer--ook Hollands grootste

toonzetters in vervoering bracht.

Zuiver, als het kunstgenot dat Antwerpens reuzengeest op dien

onvergetelijk en avond aan allen te smaken gaf.

En--zuiver maar krachtig blijve het voortruischen, dat thema van

Antwerpens Kunstfeest:

Vrede! vrede op aarde!

En--toen de dag nu aanlichtte, waarop het welkom met een roerend:

Vaarwel! werd verwisseld; toen het scheiden van zoovele broeders het

harte week maakte, en de Noord-Nederlander nog eens omzag naar de

veste, waar de reus der Kunsten ten troon zit, toen welde hem een

traan in het oog; maar ook--toen was het hem een heerlijk symbool,

dat zich daarginds, in 't lauwe gras der sterke wallen, een kloeke zoon

van Mars ter ruste ging nedervlijen, [9] en--zijn afscheid was: Vrede!

En toen hij daar voortgleed op de wiek van den stoom naar den eeuwig

dierbaren geboortegrond, toen, toen bezag hij ook nogmaals den

schoonen gedenkpenning aan die onvergetelijke dagen; en--Antwerpens

wapen boeide zijn geest.

Boven den hechten burg ziet hij die handen naar boven.

Neen, dat zijn hem niet meer de handen der arme schippers uit de tijden

der sage; dat zijn hem de handen van den Antwerpschen reus dezer eeuw;

de handen der vele broeders uit Antwerpens onvergetelijken Kunstkring;

[10] van den dierbaren vriend en de zijnen, in wier woning en harten

hij plaatse bekwam. Dat zijn hem de handen van Antwerpens eersten en

hoogwaardigen Magistraat, van den edelen Burgervader, den voorzitter

van het reusachtige Kunst-Congres. Ziet, en ze wuiven nogmaals:

Vaarwel, vaarwel! gij strijders der gedachte. Zij wenken: Komt weder

als het u wel was in onzen tempel der Kunst! En hij, de broeder van

't Noord, de broeder der zelfde tale bovendien, hij drukt ze nog eens

met verrukking die handen--ja, ook de hoog edelsten dáár ze schamen

't zich niet.--Vaarwel! roept hij mede. Dank, dank! stamelt zijn stem;

God zegene u allen! God zegene u, heerlijk lustoord der Kunst! en--zij

er een grens tusschen 't Zuid en het Noord; in het rijk der Kunst

bestaan geene grenzen: Broeders voorwaarts! Eenheid, Vooruitgang,

blijve de leuze; en thans voor het laatst: Uw kunst werke mee tot

den vrede op aarde!

De lelie van 's-Gravenhage · 第 33 / 82 题