23. DE HOCHKULTUR EN DE BLOOMING FOREIGNER.

Het moet maar weer het topic zijn, dat niet te mijden is: Alweer de

oorlog. — Hier is mijn geloofsbelijdenis.

Entre les deux mon coeur balance, waarom — dat zul je lezen; Dus: honni

soit qui mal y pense, ’k zal openhartig wezen.

Ik mep ze beiden op ’t gezicht, en ’k loof ze — doe ’k expres: Dan blijft

de zaak in evenwicht, en ik krijg geen proces.

Het leusgeleuter is voor land- genooten en voor kindren, Neen,

Duitschland _wou_ den Grooten Brand — de Brit wou ’m niet verhindren.

Brittanje sluit den toevoer af van ’t sterke Duitsche rijk, Wel,

Duitschland slaat terug voor straf, nou...... beiden schóón gelijk!

’t Duitsch snorkerig telegramgedruisch verveelt ons wel ontzachelijk,

Onz’ oude God en ’t IJzeren Kruis — dat vind’ we hier belachelijk.

O, land van vrijheid-in-den-Staat, — ons voorbeeld — Engeland, Van

zelfbestuur, van rappe daad, ons bindt een sterke band!

En d’ Engelschman, steeds kalm (zelfs _nu_) die heelemaal geen „soldaat”

is, Hij trekt ons aan, doordat hij hu- morist, sportief, en „smart” is.

De Duitsche wetenschap en vlijt, de kunst, vooral muziek, Het bier, en de

Gemüthlichkeit, ze zijn ons sympathiek.

Voor Duitschers zijn die Fremden zeer, zéér achterlijke horden, „Kultur”

dat zeggen z’ al niet meer, dat ’s „Hoch-kultur” geworden.

De Brit behandelt iedren vreem- dling hoflijk, als een heer, Maar ziet —

wat ’k hem niets kwalijk neem — diep op den foreigner neer.

Hij heeft alleen maar te veel smaak, te vriendelijke manieren, Om op

Kultur zoo van de da- ken af te renommieren.

Wij haten ’t Britsch schijnheilig, slap- pe kijk-devoot-geteem, En ’t

Duitsche lik-naar-boven-trap- naar-onderen-systeem.

Zoodat ’k oprecht verklaren moet, — kan ’t meer neutraal gezegd zijn? —

Ik vind dat z’ allebei even goed, en allebei even slecht zijn.

En als het eindlijk vrede is, wat wacht ons landje dan? ’t Is mooglijk

dat ik me vergis, maar dit denk ik er van:

Krijgt _Engeland_ de heerschappij, dan zal ’t niet heel veel praten, Maar

kalm den blooming for’ner vrij — — dat is: tevreden — laten.

Als _Duitschland_ — Heer, verhoed het maar! — zijn Gods-bevel volvoert,

Dan word’ we door een ambtenaar ver-über-hoch-kulturt.

Ruize-rijmen · 第 75 / 248 题