11. De werken van Mencius.

Men is het er niet over eens, wie eigenlijk de schrijver van deze

boeken is. Sommigen schrijven de zeven afdeelingen, waaruit het

bestaat, aan Mencius zelven toe, [159] anderen aan zijn leerlingen,

nog anderen aan beiden gezamenlijk. Bij de vernietiging van de boeken

schijnen de geschriften van Mencius te zijn gespaard, wellicht omdat

hierin geleerd werd, dat de keizerlijke waardigheid aan den waardigsten

toekwam en Mencius daardoor eenigszins partij had gekozen tegen de

Chau dynastie, die later den troon aan de vorsten van Tsin verloor.

In weerwil van de opmerkzaamheid, die de commentatoren aan Mencius

wijdden, werden zijn geschriften toch eerst in 1088 n. C. onder de

klassieken opgenomen en aan hun vervaardiger een plaats in de tempels

van Confucius aangewezen.

De eerste keizer der Ming dynastie, Hungwu, liet hem echter in 1372

daaruit weer verwijderen, daar hij ééne plaats in diens werken als een

onvergeeflijke misdaad tegen de vorstelijke waardigheid aanzag. In die

plaats wordt namelijk geleerd, dat wanneer een vorst zijn ministers als

aarde en gras beschouwt, zij hem als een vijand en roover beschouwen

[160].

Terzelfdertijd, dat de naam van Mencius uit de tempels verwijderd

werd, maakte men eene verordening, waarin bepaald werd, dat ieder,

die tegen deze handelwijze bedenking maakte (nl. tegen het verwijderen

v. Mencius' naam) wegens hoogverraad ter verantwoording zou worden

geroepen.

De vereerders van den wijze lieten zich echter, met de

onverschrokkenheid en vrijmoedigheid, die in zulke gevallen dikwijls

aan Chineezen eigen is, daardoor niet afbrengen van protesten tegen

den door den keizer bevolen maatregel. Reeds in het volgend jaar werd

deze ingetrokken, omdat, zooals een nieuwe keizerlijke verordening

het uitdrukte, Mencius zich door het in 't licht stellen en te niet

doen van kettersche leeringen een waardig geestverwant van Confucius

had getoond. Mencius neemt thans onder die beroemde geestverwanten

van Confucius de vierde, d. i. de laatste plaats in, een plaats,

die hem in 1530 is aangewezen.

Evenals de gesprekken van Confucius bevatten ook de werken van Mencius

gesprekken en naast elkaar opgenoemde uitingen en antwoorden van den

meester. Alleen is hier alles beter geordend.

De wijzen van het Oosten Brahmanisme, Boeddhisme, Chineesche philosophie, Mazdeïsme · 第 40 / 78 题