20 pond garen à f 0.90 = f 18.00.

Hij wint dus dagelijks aan een arbeider: f 1.80, juist zooveel als

het arbeidsloon van de zes uren bedraagt, die hij hem meer laat

arbeiden. In die méér-arbeid, ligt de meer-waarde. Der waardewet

is hier geen haartje gekrenkt en de kapitalist heeft tòch winst

gemaakt. Van andere waren, is de ruilwaarde namelijk vervlogen, zoodra

hun verbruik is afgeloopen; de waar arbeidskracht daarentegen, is,

nadat het proces afgeloopen is, nog bruikbaar, ook wanneer zooveel

van haar is verbruikt, als hare ruilwaarde bedraagt. Daar de waarde

van de waar arbeidskracht elastisch of variabel is, d. w. z. met

de voortschrijdende beschavingstoestanden steeds geringer wordt,

terwijl de voortbrengingsgeschiktheid van de arbeidskracht niet

inkrimpt,--d. w. z. de arbeider zou 12 en meer uren kunnen arbeiden,

ook wanneer tot reproduktie van zijne dagelijksche arbeidskracht

slechts 6 uren arbeids en minder noodig zouden zijn,--zoo kan de kooper

der arbeidskracht, in ons voorbeeld de heer Jansen dus, de warenwaarde

derzelve ten volle betalen en desniettemin méér-waarde overhouden. In

enkele woorden dus: het verschil tusschen de gebruikswaarde en de

ruilwaarde van de waar arbeidskracht, vormt de meerwaarde.

Het historisch toeëigenen van de meerwaarde, geschiedde zonder

twijfel door het zich toeëigenen van vreemde waarde; hetzij door

middel der waren-cirkulatie van het koopmanskapitaal, of, geheel

onverbloemd, door het woekerkapitaal. Maar deze beide soorten van

kapitaal-formaties, konden alleen in de samenleving ontstaan, door

schennis van de wetten der warencirkulatie, door grove schennis van

haar grondwet, dat waarden, alleen tegen gelijke waarden geruild

kunnen worden. Het kapitaal stond daarvandaan, zoolang het handels-

en woekerkapitaal was, in eene tegenstelling tot de economische

organisatie van zijn tijd, en daarmede ook in tegenstelling, tot

de moreele inzichten van zijn tijd. In de Oudheid, evenals in de

Middeleeuwen stonden handel en woeker in een slechten reuk; zij werden

op gelijke wijze gebrandmerkt, zoowel door de antieke Philosophen,

door de heilige Kerkvaders, als door de Pausen. Met uitzondering van

Calvijn, hebben ook de Hervormers--Luther niet voor 't minst--handel

en woeker scherp veroordeeld.

Wij moeten dan ook, om het kapitaal te onderkennen, tot deze zijne

voorwereldsche vormen teruggaan. Eerst nadat hoogere vormen van

kapitaal zich hadden ontwikkeld, konden zich ook tusschenvormen

ontwikkelen, die de funkties van het handelskapitaal en het rentegevend

kapitaal, in overeenstemming konden brengen, met de wetten van de

thans heerschende warenproduktie. Maar eerst ook van dat oogenblik af,

hebben zij opgehouden het karakter van eenvoudige afzetterij of van

direkten roof te dragen, zegt Marx.

Marx heeft deze soorten van kapitaal, in de beide eerste deelen van

"Das Kapital", dan ook niet behandeld, omdat zij bij de navorsching van

het kapitalisme, als vorm van eene produktiewijze, als maatschappelijk

verschijnsel, rechtstreeks niet betrokken zijn.

Men begrijpt evenwel nu, in het gansche proces van de voortbrenging

der meerwaarde, ook het groote gewicht, dat daarin

Karl Marx en zijne voorgangers · 第 49 / 72 题