31a. Alle bloemen in hetzelfde hoofdje gelijk van vorm 32

31b. De buitenste bloemen in het hoofdje zeer dun, bijna draadvormig,

vrouwelijk, de binnenste uit een wijdere buis bestaande, tweeslachtig;

alle of bijna alle fertiel. Omwindsel klokvormig, met zeer smalle

blaadjes, de buitenste geleidelijk korter wordend. Hoofdjes niet

talrijk, in een bijscherm Conyza.

32a. Planten geheel tweehuizig, d. w. z. de eene plant heeft alleen

hoofdjes met zeer dunne, bijna draadvormige, vrouwelijke buisbloemen,

de andere plant alleen hoofdjes met mannelijke bloemen, waarvan de

bloemkroon een wijdere buis is. Vruchten met 10 ribben. Planten met

verspreide bladeren Baccharis.

32b. Alle bloemen tweeslachtig en fertiel. Vruchtpluis langer

dan de vrucht, in 1 rij staande. Omwindselbladeren in meerdere

rijen, verschillend van vorm. Vrucht 5-hoekig. Hoofdjes

5-100-bloemig. Bladeren, vooral de onderste, bijna steeds

tegenoverstaand Eupatorium.

Zakflora voor Suriname [Deel I] Bulletin van het Koloniaal Museum te Haarlem No. 47. · 第 790 / 793 题