32a. Bloemen alleenstaand en eindelingsch 33

32b. Bloemen in veelbloemige bijschermen. Kelk klein, bekervormig,

5-tandig, blijvend. Bloemkroonbuis zeer lang. Meeldraden weinig uit

de buis uitstekend. Stijl even lang als de buis Tocoyena.

33a. Vruchtbeginsel 1-hokkig; kelkslippen meestal 5, spits en smal,

aan den voet verbonden. Kroon 2-3 maal zoo groot als de kelk met

5-6, een weinig scheeve slippen. Meeldraden aan den mond van de buis

ingehecht. Vrucht lang en dun Gardenia.

33b. Vruchtbeginsel 2-hokkig. Overigens als de vorige, doch de

kroonslippen kleiner ten opzichte van de lengte van de buis en de

vrucht eirond Randia.

Zakflora voor Suriname [Deel I] Bulletin van het Koloniaal Museum te Haarlem No. 47. · 第 753 / 793 题