270. Rubiaceae.

Bloemen 4- of 5-, zelden meertallig met een onderstandig vruchtbeginsel

dat meest evenveel, zelden minder hokjes heeft als bloemkroonslippen;

tweeslachtig, zelden éénslachtig, regelmatig, zelden min of meer

zygomorf; kelk meest open; bloemkroonslippen in de knop met de randen

over elkaar liggend of tegen elkaar liggend of gedraaid; hokjes van

het vruchtbeginsel met 1 tot talrijke zaadknoppen; stijl 1, met een

meest onvertakte stempel; vrucht zeer verschillend; kruiden of houtige

planten met kruisgewijs tegenoverstaande bladeren en steunbladeren,

die soms zeer groot zijn.

Zakflora voor Suriname [Deel I] Bulletin van het Koloniaal Museum te Haarlem No. 47. · 第 733 / 793 题