236. Myrsinaceae.

Bloemen tweeslachtig of eenslachtig, regelmatig, 5-4-tallig met

vergroeidbladige bloemkroon; meeldraden 5-4, zelden met staminodiën;

vruchtbeginsel bovenstandig tot onderstandig, 1-hokkig met vele

zaadknoppen aan de grondstandige zaadlijst; stijl 1; vrucht meest een

steenvrucht; met 1 tot weinige zaden; houtige planten met verspreide,

vaak ongedeelde bladeren zonder steunbladeren.

1a. Bloeiwijzen zeer kort en gedrongen, weinigbloemig, dikwijls aan

takken gezeten, waarvan de bladeren reeds zijn afgevallen. Bloemkroon

vergroeidbladig, helmknoppen zittend; stijl ontbrekend Rapanea.

Zakflora voor Suriname [Deel I] Bulletin van het Koloniaal Museum te Haarlem No. 47. · 第 644 / 793 题