170. Vitaceae.

Kenmerken van de vorige familie, maar vrucht een bes; bloembladeren

vaak van boven vergroeid en te samen afvallend; vruchtbeginsel

bovenstandig, 2-6-hokkig; klimmende heesters met ranken die tegenover

de bladeren staan.

Bloemen steeds 4-tallig, tweeslachtig of polygaam. Kelk vergroeidbladig

met korte tanden; bloembladeren uitgespreid. Meeldraden voor de

bloembladeren staand. Schijf 4-lobbig. Stijl met uiterst kleine

stempel; vrucht een 1-4-zadige bes. Planten, die meest met ranken

klimmen, soms ook heesters zonder ranken Cissus.

Zakflora voor Suriname [Deel I] Bulletin van het Koloniaal Museum te Haarlem No. 47. · 第 550 / 793 题