165. Sapindaceae.

Bloemen tweeslachtig, of éénslachtig, typisch 5-tallig, zelden

regelmatig, meest scheef zygomorf; met een vaak eenzijdige schijf

buiten de meeldraden; bloembladeren 5-3 of ontbrekend; vaak met

schubben aan de binnenzijde; meeldraden meest 8, zelden 10, 5 of

talrijk; vruchtbeginsel 2-3-hokkig met meest 1, zelden 2 zaadknoppen

in ieder hokje, vrucht een doosvrucht, een noot, een steenvrucht of

een splitvrucht; meest houtige planten met verspreide, ongedeelde of

gevinde bladeren.

1a. Klimmende kruiden of heesters, in het bezit van ranken, meest

aan de bloeiwijzen 2

Zakflora voor Suriname [Deel I] Bulletin van het Koloniaal Museum te Haarlem No. 47. · 第 542 / 793 题