60a. Batidaceae.
Bloemen éénslachtig, tweehuizig; de mnl. bloemen in de oksels van
vierrijig gerangschikte, schubvormige schutbladeren met een bekervormig
bloemdek, 4 meeldraden en evenveel spatelvormige staminodiën(?);
vrl. bloemen naakt, met een oorspronkelijk 2-hokkig vruchtbeginsel,
in ieder hokje 2 zaadknoppen, alle vrl. bloemen van een aar met elkaar
vergroeid; strandplant met tegenoverstaande vleezige smalle bladeren;
de aren in groepen in de bladoksels. Eenig geslacht Batis.