15a. Lip geheel vrij 16

15b. Lip aan den basis met de zuil tot een bekertje vergroeid. Stengels

met lange en dunne geledingen en lange bladeren, sommige geledingen

vaak een weinig verdikt tot een lange smalle luchtknol. Nieuwe

spruiten aan het eind van die luchtknollen. Bloemen in eindelingsche,

weinig-bloemige korte trossen, met vele schubben omgeven Hexisea.

16a. Lange met bladeren bezette, verdikte stengels; onderste bladeren

ten deele afgevallen. Tros eindelings, veelbloemig, bloemen geel

tot groen Orleanesia.

16b. Bloemen alleenstaand of in kleine groepjes aan het eind van de

weinig verdikte geleding van den stengel naast de nieuwe stengel,

zoodat de bloeiwijze schijnbaar zijdelings staat; soms ook zitten de

bloemen in de oksels der bladeren 17

17a. Zuil zonder voet. Zijdelingsche kelkbladeren met een eenigszins

hoekig verlengde basis, zoodat er schijnbaar een kin gevormd wordt;

bloemen klein; lip wigvormig met lijsten op de plaat Tetragamestus.

17b. Zuil met een duidelijke voet; zijdelingsche kelkbladeren een

normale, doch soms kleine kin vormend 18

18a. Zuil kort; stuifmeelklompjes zijdelings samengedrukt; bladeren

2-vele. Bloemen groenachtig met bruine streepen en vlekken Ponera.

18b. Zuil lang, stuifmeelklompjes niet samengedrukt maar eirond tot

bolvormig. Geledingen van den stengel verdikt met telkens 2 bladeren

aan het eind. Bloemen violet Scaphyglottis.

Zakflora voor Suriname [Deel I] Bulletin van het Koloniaal Museum te Haarlem No. 47. · 第 340 / 793 题