138a. Lianen of kruiden. Vruchtbeginsel min of meer 3-kantig met 3
korte stijlen; bladeren meest hart-pijl-vormig of gelobd met eenige
evenwijdige hoofdnerven 43. Dioscoreaceae.
138b. Parasieten. Vruchtbeginsel niet 3-kantig met 1 stijl
67. Loranthaceae.
139a. Bloemdek 5-bladig, vaak een weinig zygomorf; vruchtbeginsel
3-kantig met 3 tweespletige stijlen. Kruiden 208. Begoniaceae.
139b. Bloemdek 8-deelig met 4 klieren van binnen; stijl 1; boomen
met hartvormige bladeren 103. Hernandiaceae.
139c. Bloemdek 4-5-deelig; stijl 1; bladeren niet hartvormig; heesters
221. Combretaceae.