Rhys, Sir John, schrijver van "Studies in the Arthurian Legend",
XI; 95.
Rience van Wallis, Koning, trekt Arthur's rijk binnen, 101, 107;
wordt door Balin en Balan verslagen en naar het hof van Arthur
gebracht, 110-112.
Riol, vazal van den graaf van Bretagne, 299; belegert zijn leenheer,
300; wordt door Tristan gedood, 302.
Rivalin van Ermonie, vader van Tristan, begeeft zich naar het hof
van Koning Mark, 196-200; vat liefde op voor Blanchefleur, 204-209;
neemt haar mede naar zijn land, 210, 211; valt in den strijd, 212;
Koning Mark verneemt dat R. de vader van Tristan was, 226-228.
Robert, Broeder, vervaardiger van eene Noorsche proza-bewerking der
Tristan-sage, 187.
Rohand, neemt het bestuur over Rivalin's graafschap op zich, 197;
wordt pleegvader over Tristan, 212-217; gaat zijn pleegzoon zoeken
en vindt hem te Tintagel, 224-226; deelt den koning het geheim van
Tristan's geboorte mede, 227, 228.