Op de keerzijde van den titel bovenaan de "Namen van de acht Maets die
van 't Eylandt Coereé af gekomen zijn." en "De Namen van de Maets die
noch daer zijn." Daaronder begint--in Gothische letter--het Journael,
dat ook de volgende 14 bladzijden geheel vult. In afwijking van den
hiervoor beschreven druk is de eerste tekstbladzijde in Gothische
letter; verder komen beide overeen. Ook hier is het laatste stuk met
heel kleine Romeinsche letter gedrukt.
De beschrijving van Corea ontbreekt ook in deze uitgaaf.
Exemplaar in de Bibliotheek der Universiteit van Amsterdam. Van den
titel ontbreekt een stuk, waardoor ook enkele tekstregels aan de
keerzijde verlies geleden hebben.
JOURNAEL, // Van de Ongeluckige Voyagie van 't Jacht de Sperwer/
van // Batavia gedestineert na Tayowan/ in 't Jaar 1653. en van daar
op Japan; hoe 't selve // Jacht door storm op 't Quelpaarts Eylant
is ghestrant/ ende van 64. personen / maar 36. // behouden aan 't
voornoemde Eylant by de Wilden zijn gelant: Hoe de selve Maats door //
de Wilden daar van daan naar 't Coninckrijck Coeree sijn vervoert/
by haar ghenaamt // Tyocen-koeck; Alwaar zy 13. Jaar en 28. daghen/
in slavernije onder de Wilden hebben // gesworven/ zijnde in die
tijt tot op 16. na aldaar gestorven/ waer van 8. Persoonen in // 't
Jaar 1666. met een kleen Vaartuych zijn ontkomen/ latende daar noch
acht // Maats sitten/ ende zijn in 't Jaar 1668. in 't Vaderlandt
gearriveert. // Als mede een pertinente Beschrijvinge der Landen/
Provin-//tien/ Steden ende Forten/ leggende in 't Coninghrijck Coeree:
Hare Rechten/ Justitien // Ordonnantien/ ende Koninglijcke Regeeringe:
Alles beschreven door de Boeck-//houder van 't voornoemde Jacht de
Sperwer/ Ghenaamt // HENDRICK HAMEL van Gorcum. // Verciert met
verscheyde figueren. // [houtsnee: de schipbreuk van de Sperwer]
// Tot Rotterdam, // Gedruckt by JOHANNES STICHTER/ Boeck-drucker:
Op de Hoeck // van de Voghele-sangh/ inde Druckery/ 1668.