Dagregister Japan.
Ao 1644. December. 19e. ... in de nanacht omtrent ten 3 uijren is bij
ons een Commeet Starre, hebbende een vierige roede, die sigh naer't
Westen streckte, gesien, maer alsoo den dagh--naer dat deselve langen
tijd hadde nagesien--begoste aen te breken, wierde door het licht
sijn schijnsel ende gesicht benomen; voor de middagh quamen eenige
Tolcken op het Eijlandt; het voorverhaelde haer bekendt makende,
doch hetselve was voor henlieden gantsch niet vremts ende seijde
deselve al voor ettelijcke dagen gesien te hebben.
20e ... hebben den voorleden nacht naer het opkomen van de
voorschreve starre sitten wachten, die sich tusschen 1 a 2 uijren
in't Z.O. t. O. vertoonde, hebbende de staert voor uijt naer 't
Westen ende eijndelijck denselven tegen het aankomen van den dagh
in't S.W. verloren.
21e en 22e ... dese nachten bevonden voorschreve Starre sijn voorgaende
kours is houdende, dogh alle avonden 3/4 uijrs sich vroeger vertoonde.
26e Is door ons nogh al sneedigh na de Commeet Starre uijtgekeken,
bemerckende dat deselve door het wassen vande Maen wierde verdooft,
onder en tusschen bespeuren dat sijn Staert sigh geheel naer 't
Westen keert.
29e voorleden morgen, hebben de Commeet Starre weinigh kunnen sien,
maer nogh al ondervonden deselve alle avonden 3/4 uijrs vrouger
opquam ende sijn staert was draijende, soo datse alsnu voorbij't
Westen naer't N.W. gekeert is.
Januarij 1665. 3e tot den 9e ... niet sonderlings voorgevallen, als
alleenlijck dat de Commeet Starre alle 24 uijren seer afneemt ende
met sijn staerdt nu al omtrent het N.O. uijtstreckt.
10e ... weten de Tolcken te verhalen tijdinge uijt Jedo gekomen te
sijn, dat voorgemelte Commeet aldaer gesien was, oock verscheijden
malen eenige vierballen bij nacht souden gevallen sijn.
20e ... dese avondt is de Commeet starre bij ons niet langer gesien
konnen werden.
April 1665. [Op de hofreis naar Jedo]. 11e Des smorgens met mooij weder
omtrent ten 4 uijren uijtreijsden ende een commeet starre sagen die
hem omtrent het oosten weijnigh boven den horison opgaende vertonende
was, ... quamen des namiddags in de Keijserlijcke Stadt Jedo.
* * * *
Op den 2 Januari 1665 ... alhier in de Baij van Cadix ... vertoonde hem
een Komeet-ster, die wij inde Straat al hadden gezien, hebbende een
vierige staart naar 't Noord oosten. (Reisen van Nicolaus de Graaff,
1701, bl. 66).
* * * *
Den 15 ditto [Dec. 1664] des morgens sagen een ster met een langhe
sterdt, sagen hem wel 4 ueren lang indt oosten op en die sterdt was
mede indt oosten.
Den 16 ditto des morgens sagen hem weer 6 uer voor dag en die ster
zijn sterdt draaide alle met teit nae het oosten dat wij sien konden.
Den 17 ditto sagen hem over 4 uer voor dagh. (Opperstuurman
Michiel Gerritsz Boor in het Jacht Vlaardingen, tusschen Formosa en
Amoij. Handschrift Alg. Rijks Archief, Kolon. Aanwinsten no. 58).