Anno 1700 Johannes Chrysosotimus Vijfhuizen, die alhier in 1729
overleed en opgevolgd werd in
1729 door pastoor Hubertus de Vos, in wiens plaats Ao.
1768 kwam de eerw. heer pastoor Theodorus van Hagenouwe die van hier
in 1797 vertrok en na 1814 in Oosterhout is overleden.
In 1797 was pastoor Godefridus Spruyt van Schiedam naar hier
gekomen. Achtereenvolgend heeft hij tot kapelanen gehad, de Heer H. de
Jong die van hier als pastoor naar Gouda vertrok en P. van Wijk die
van hier ging om de pastorie van Hilversum te bedienen (die beiden
daar nog in bediening zijn.)
Pastoor Spruyt van zijne pastorie afstand gedaan hebbende, is elders
gaan wonen, en in
1813 opgevolgd door Franciscus Johannes Guddee, die van Hilversum
naar hier is gekomen en overleden is den 3 Augustus 1854 na 41 jaren
in zijne gemeente te hebben geleeraard [194]. Tijdens zijne ziekte
is als noodhulp alhier geweest de eerw. heer C. A. Harderwijk die nu
pastoor van Culenborg is.
1854. De eerw. heer Henricus Theodorus Verhoeff, bedient sedert het
voorschreven jaartal nu de kerk aan de markt.
De oude kerk der Roomsch Catholijken.
Volgens de Heer van Kinschot was dit kerkje der beschouwing van binnen
waardig.--Uit een zekere bron weten wij echter, dat het buiten meer
gelijkenis met op een schuur dan op een kerk gehad heeft.--Hoewel
deze kerk insgelijks zooals nog de tegenwoordige aan het Heilig leven
stond, was hare standplaats echter niet zoo digt aan de Kapelstraat
als de tegenwoordige:
De tegenwoordige kerk der Roomsch Catholijken.
Zij heeft even als de twee vorige zeer weinig aanzien, dat voor een
kerk-dicteert, twee ingangen verschaffen den gemeentenaren toegang
in dezelve, de eene van uit de Kapelstraat de andere langs het Heilig
leven; haar van de laatste zijde naderende, kan men in den gevel het
volgende in hardsteen uitgehouwen opschrift bemerken