Arme, waterige absinth-oogen van den Leeuw

- Gelooft u, meneer? aarzelt, groenbleek, de Leeuw.

Maar André heeft zijn jasje al uitgetrokken, zijn broek, zijn hemd:

hij staat--stel u gerust!--op een zwart onderbroekje na, zoo als God

hem schiep en deed groeien. Neen ... zoo staat hij niet. André heeft

veel aan zichzelven gewerkt. Of liever verwerken laten. André

staat ... niet als een mensch, maar als een kunstvoorwerp. Want André

is geheel en al getatoueerd!

André heeft iets van een prentenboek. Onder het publiek zijn kreten

van pleizier en aardigheid om André uitgestooten. Allen omringen hem

om hem beter te zien.

Het is moeilijk u een katalogus te geven van alles wat op André's

forsche muskulatuur al zoo te zien is. Laat mij het echter beproeven.

André's guitige, een beetje bestiale, maar bruut-mooie kop,--donker

haar en vleezig lacherig gezicht, met lacherige oogen en lachenden

mond--staat op een massieven nek, die breed aflijnt naar kolossale

schouders. Zijn vierkante borsten, zijn ijzerharde bicepskogels,

geheel zijn naakte tors, zijn bult-dijen en enorme kuiten zijn één en

al illustratie, blauw-zwart op zijn jongroze vleesch. Om zijn hals is

getatoueerd een slang, die als een snoer neêr hangt, staart gekronkeld

om kop. Om zijn bovenarmen slingeren ook twee slangen, als vreemde

braceletten. Op zijn borst zijn twee, ik zal maar zeggen,

pornografische figuurtjes ingeprikt, maar zoo kunstig, dat ze mij

laten denken aan de geheime muzeum-zaal in Napels, met de kleine

obscene bronsjes uit Pompeï. Het is heusch "kunst" en geen

pornografie, zoû een aesthetisch aangelegd rechter moeten beslissen.

Het is zoo geestig en fijn geteekend, als ik nooit nog en nimmer

gezien heb. Een vogel vecht met een kreeft. Een kat zet zijn rug op

tegen een hond. Alle kleine vleeschplekjes tusschen de drie slangen

en de twee Pompeïaansche tafereelen zijn ingenomen door keurig

bewerkte détails: rozetten en arabesken. Geheel dat athletenlichaam is

één bezienswaardigheid.

Het publiek heeft André dicht omringd: iedereen wil zien en de vrouwen

strijken met de vingers over de illustraties, om te voelen of het

perspectief wel glad is.

- Ja, zegt André: alles is glad, mijn huid is als zij! Strijk maar!

- Vooruit, vooruit! brult het publiek. André le Pêcheur, contre

Theophile, le Lion du Littoral!

Cirkel wordt uitgebreid. In een kist is zaagsel en de beide lutteurs

wrijven zich de handen droog. Zij groeten elkaâr met het professionale

gebaar vol waardigheid. Gladiatoren in een antieke arena. ... Maar modern

is het schouwspel om hun zwarte onderbroekjes, en om het publiek, nu kop

aan kop.

Een jongentje dat den Lion bijstaat, gaat rond met een bakje; de sous

regenen en klikklakken neêr.

Leeuw en André grijpen elkaâr aan.

Het schijnt of zij elkander aaien.

Maar het is niet aaien, het is wederzijdsche kracht aanvoelen en schatten.

Ik zie aan des Leeuws oogen ... dat hij er inloopt.

Zij schitteren, des Leeuws wateroogen ... want hij meent, dat André

niet zoo geweldig is als hij wel dacht.

De Leeuw spant zich in; hij wil André afmatten.

In gewicht zullen zij beiden ongeveer het zelfde wegen: 108, 110 kilo.

Daar valt de Leeuw, onder André's pressie, maar hij valt op de knieën.

En blijft als een rots.

Het gaat mij weêr interesseeren, als altijd--tòch weet ik, ditmaal

beter dan ooit--dat het "chiqué" is; dat André--veél sterker en

volhoudender dan den Leeuw--moét verliezen, omdat ik het verkies.

Hoe zal het gaan?

Het publiek is eén spanning, ik ook.

- Vooruit, Leeuw! roep ik. Leg hem! Leg hem! Hoû je flink!

Het publiek stemt in.

André poogt den Leeuw omver te halen, op den rug. ...

Hij glimlacht, André: hij gluurt even naar mij, Ik weet het: hij werkt

met halve kracht.

Hij zoû den Leeuw dadelijk hebben, op zijn rug, als hij, André, het

verkoos.

Hij werkt en schudt en hijgt. ...

Mooi zoo: hij truqueert goed. ...

In het publiek wordt gewed.

Wedt maar op, oude jongens, maar weet, dat de duc de Voorzienigheid

was!

André doet zelfs de verboden trucs!

Hij strekt zich uit, zwaar op den rug van den Leeuw, en poogt hem zijn

armen te wrikken.

De Leeuw blijft onverwrikbaar.

Men applaudisseert den Leeuw!

Het doet mij pleizier voor hem!

André probeert een cravate; André probeert een ceinture; de Leeuw

blijft als een blok.

André, schijnbaar razend, ranselt met de zij van de hand op des Leeuws nek.

Publiek brult, jouwt André uit.

Denk aan de bouillabaisse, André!

Plotseling richt de Leeuw zich op de knieën, slaat zijn armen achterom

en sluit zijn handen als een schroef om André's nek. Eén beweging... hij

is òpgestaan, en de Leeuw slingert geheel André's geïllustreerde

muskulatuur over zijn leeuwenhoofd. Het lichaam van André beschrijft

een huiveringwekkenden cirkel en ligt ... op het tapijtje.

Met beide schouders gedrukt! Hoezee!!

De strijd heeft drie minuten geduurd.

- De Leeuw heeft André gelegd! De Leeuw heeft André gelegd!

Publiek is dol, juicht, schreeuwt. ...

De sous regenen, klikklakkeren op het bakje van den kleinen jongen.

De Leeuw heeft overwonnen.

Hij drukt André, die is opgestaan, de hand.

De Leeuw glimt van zweet, en straalt van trots, in den glans der

acetyleenlamp.

Hij buigt en groet met de hand links en rechts.

Een voldoening vonkt in zijn wateroog.

Hij heeft gemeend, dat hij heusch André te sterk is geweest, want,

daar is hij zeker van, André zou zich nooit laten vinden voor een

"chiqué."

De Leeuw weet niet, hoe dol André is op bouillabaisse en kelkjes

anisette, vooral als de duc die betaalt!

- Leeuw, zegt de duc; je bent bewonderenswaardig!!

En de duc schudt des Leeuws klauw.

- Ja meneer, zegt de Leeuw fier; u ziet: heelemaal gedaan is het nog

niet met den Leeuw--!

De Leeuw is zoo blij, en de duc is blij--!

De worstelaars kleeden zich aan; het publiek verspreidt zich. Vol

commentaar.

Nogmaals afscheid van den Leeuw, die verrukt is.

Daar zie ik André, met zijn leuke smoel, knipoogen hier en knipoogen

daar, en onder het nog aanwezig publiek smoezen ze, om mij, en hoor ik

waarachtig fluisteren:

- Dat is de duc; die heeft er de hand in!

- André! sis ik. Ik vermoord je, als je je mond niet houdt. ...

Ik sleep hem meê, terwijl bewonderaars den Leeuw meê voeren naar den

bistro.

Het jongentje vouwt het tapijtje op; een paar voyou's zeulen des

Leeuws gewichten hem in de buvette.

De Leeuw wordt getracteerd: hij is populair!

- Honderd franc moet ik hebben! roept André goedsmoeds, toch wel

joviaal om de grap!

- Niets anders dan een bouillabaisse krijg je! is het hertogelijk

antwoord.

* * * * *

Een half uur later, aan zee, in de Réserve, soupeer ik met André, die

guitiger is dan ooit en zich een bult buldert om dien verwaanden Leeuw.

- Wat een vent! schatert André over de oranje bouillabaisse heen.

- Arme kerel! zeg ik verteederd.

- Alleen duc, zegt André; eén ding moet je nog doen??

- En dat is. ...

- Straks, in den Rocher de Cancale, mij op een kelkje anisette trakteeren

en ... Bébert op een brandende punch??

Hij kijkt mij smeekend aan en vouwt guitig zijn pootige klauwen.

Nu ... dàt wil de duc dan wel doen.

Korte Arabesken: Bébert le Boucher en André le Pêcheur · 第 5 / 5 题