Bij de verschijning van dit boek is het mij een aangename plicht,
mijn hartelijken dank te betuigen aan den Heer G. J. HONIG, den op
het gebied der Zaanlandsche Historie bekenden Bibliothecaris van
de Zaanlandsche Oudheidkamer te Zaandijk. Deze toch heeft mij niet
alleen met de grootste welwillendheid uit zijne boekerij de noodige
bronnen verschaft, om mij voor het schrijven van dit boek te kunnen
voorbereiden, maar mij tevens na de lezing van het handschrift
opmerkzaam gemaakt op een tal van kleinigheden, die toch voor de
juiste behandeling van mijn onderwerp van het grootste belang waren,
en waarvan ik een dankbaar gebruik heb gemaakt. Hij heeft mij daardoor
in de gelegenheid gesteld, werkelijk historische personen ten tooneele
te voeren en hunne lotgevallen naar waarheid te vermelden. Ook de
jongens, die in dit verhaal voorkomen, hebben voor het meerendeel
geleefd, doch hunne lotgevallen berusten op fantasie. Echter niet
geheel, want ook daarbij heb ik het gebeurlijke niet uit het oog
verloren. De wonderbare redding b.v. van Nicolaas Calff is geput uit
Het Boek der Opschriften van Mr. J. van Lennep en J. ter Gouw, zie
het tweede deel, bldz. 163. Ook wat Jacob Willemsz. den Commandeur
Jonge Kees navertelt, is historisch, terwijl bij de beschrijving
van het vergaan van het Bonte Calff het verzinken van het schip de
Bleeker in 1670 tot exempel heeft gediend.
De volgende werken zijn door mij geraadpleegd:
J. Honig Jsz. Jr. Studiën.
J. Honig Jsz. Geschiedenis der Zaanlanden.
A. Loosjes. Zaanlandsche dorpen.
F. Martens. Vojagie naar Groenland en Spitsbergen.
C. G. Zorgdrager. Bloeyende opkomst der Groenlandsche Visscherij.
G. J. Honig, Pieter Michaeloff, een tooneelstuk, dat opgevoerd
is te Zaandam bij gelegenheid van de Czaar-Peter-feesten in 1897.