G.

Gomarus, Over de uitdrukking: unio sacramentalis IV, 235.

Gotti, Over het wezen Gods II, 81.

Gregorius, Magnus I, 77.

Gregorius v. Nyssa, Over de verhouding van wezen en eigenschappen

Gods II, 86;

over het onderscheid der eigenschappen Gods II, 92;

zijn Realisme in de Trin. leer II, 271.

Grotius, Zijn voldoeningsleer III, 325, 358;

over de verkiezing van kerkedienaren IV, 122.

Günther, I, 95;

over de bewijsbaarheid der Trin. II, 306.

Gereformeerde dogmatiek. Vierde deel · 第 42 / 83 题