VII.

Doch zelfs zulk een afgezonderd plaatsje als Cheasing Eyebright kon,

bij de steeds toenemende drukte die er over het Voedsel gemaakt werd,

niet lang volharden in de theorie van Overvoeding--besmettelijk

of niet. Weldra kwam het tot pijnlijke ophelderingen voor juffrouw

Skinner--ophelderingen die haar slechts sprakeloos deden mummelen

op haar eenigen tand--verklaringen, die uit haar haalden wat

er uit te halen was, die haar als 't ware doorzòchten, en haar

ontmaskerden--totdat zij zich ten laatste genoodzaakt zag haar

toevlucht te nemen tot de waardigheid van een ontroostbaar weduwschap,

om de zich steeds ophoopende blaam te ontgaan. Zij sloeg haar oog--dat

ze steeds in een waterigen toestand hield--op de burchtvrouwe, en

veegde het zeepsop van haar handen.

"U vergeet, barones, waar ik onder gebukt ga."

En zij liet op deze waarschuwing, met lichtelijk uitdagende stem

volgen:

"Aan 'em denk ik, nacht en dag."

Zij perste de lippen samen en haar stem werd zachter en haperde:

"En nog wel opgegeten en wel."

En zich aldus op dit standpunt geplaatst hebbend, herhaalde zij de

verklaring die de barones eerst niet had willen aannemen. "Ik 'ad niet

méér idee wat ik an 't kind gaf, dan ieder ander mensch zou 'ebben."

De barones richtte hare gedachten op hoopvoller dingen, doch vergat

niet Caddles natuurlijk flink de les te lezen. Afgezanten, vol van

diplomatieke bedreigingen, kwamen plotseling in de bewogen levens

van Bensington en Redwood. Zij verschenen in den vorm van leden van

den parochialen raad van bestuur, dom vasthoudend als een speeldoos

aan hun vooraf in elkaar gezette bewerinkjes.

"Wij beschouwen u als aansprakelijk, mijnheer Bensington, voor al het

nadeel dat onze parochie ondervonden heeft. U draagt hiervan alleen

de schuld."

Een advocaten-firma, met een arglistigen stijl--zij noemden zich

Banghurst, Brown, Flapp, Codlin Tedder en Snoxton, en verschenen

onveranderd in den vorm van een rood, er-listig-uitziend heertje

met een spitsen neus--zei vage dingen over schadevergoeding, en dan

was er nog een erg gepolijst personage--de agent der barones, die

Redwood plotseling op zekeren dag overviel en vroeg: "Nu, mijnheer,

wat denkt u te doen?" Waarop Redwood antwoordde dat hij van plan was

het verstrekken van het "Voedsel" aan het kind te staken, als hij of

Bensington nog verder over iets lastig gevallen werden. "Ik geef het

toch al gratis," zei hij, "en als u ophoudt het 't voedsel te geven,

zal het uw dorp omvèr schreeuwen vóór het sterft. Jullie hebt dit kind

nu eenmaal, en jullie moet het houden. Lady Wondershoot kon niet altijd

Lady de Milde en Aardsch Voorzienigheidje spelen in haar parochie

zonder zoo nu en dan eens een verantwoordelijkheid tegen te komen."

"Het kwaad is geschied," besliste Lady Wondershoot toen men haar

mededeelde--met de noodige afkortingen en zuiveringen--wat Redwood

gezegd had.

Hoewel inderdaad het kwaad pas bezig was een aanvang te nemen.

Het voedsel der Goden en hoe het op Aarde kwam · 第 54 / 103 题