IV.

Op een afstand van een uur gaans ligt in het dal het klooster

Marienburg. Achter zijn muren vond Angela rust. Tusschen Sterrenberg

en Liebenstein verhief zich na verloop van eenige maanden een dikke

muur, als stil bewijs van de vijandschap der beide broeders.

In het nieuwe slot volgde het eene feest op het andere. De mooie

Grieksche vrouw vierde daar, te midden der ridders van den Rijn,

de triomfen harer schoonheid.

Op burcht Sterrenberg heerschte diepe droefheid. Het was den ridder

niet gelukt het besluit der jonkvrouw te veranderen. Sedert haar

verdwijnen verminderden zijn krachten. Aan den voet van den berg liet

hij een klooster bouwen en trok de monnikspij aan. Weinige maanden

daarna ontsliep hij. Op denzelfden dag, zoo beschikte het lot, dat hen

gescheiden had, luidden, de doodsklokken van het klooster Marienburg

en verkondigden den dood van de verloren geliefde.

De heer van Liebenstein mocht zich niet lang in een duurzaam geluk aan

de zijde van de verleidelijke vrouw verheugen. De hartstochtelijke

Grieksche vrouw schond de echtelijke trouw en vluchtte met haar

geliefde, een bevriend ridder, die gastvrijheid op Liebenstein genoten

had. Overstelpt van smart en schaamte, stortte de burchtheer zich

van de tinnen van zijn vesting in de diepte.

De burchten vervielen aan den ridder Brömser van Rüdesheim. Kerk en

klooster staan nog altijd in het dal en worden jaarlijks door duizenden

pelgrims bezocht. De beide vestingen zijn reeds lang vervallen. Terwijl

beneden in het klooster Bornhofen dagelijks de klokken luiden en de

plechtige gezangen van de bedevaartgangers weerklinken, heerscht boven

tusschen de verlaten ruïnes, nog heden in de volkstaal "de Broeders"

genaamd, treurige rust. Slechts dan, zoo heeft de Lorelei ons verraden,

wanneer de volle maan in den zomernacht haar bleeke stralen werpt,

hoort men op den smallen weg, die de vestingen scheidt, de zwaarden

van de vijandige broeders kletteren.

Sagen van den Rijn(#15163) · 第 62 / 114 题