81. Overrompelen--overvallen--verrassen.

_Onverwachts aanvallen._

Bij ~verrassen~ komt vooral de snelheid uit, waarmee de onverwachte

aanval geschiedt. In den regel wordt een of andere krijgslist gebruikt,

waarop dus de vijand niet gerekend heeft, zoodat hij zich moet

overgeven. (_Ras_ = snel.) _Het vijandelijk convooi werd door een paar

in hinderlaag liggende Boeren ~verrast~._

~Overvallen~ ziet meer op de heftigheid, men zou haast zeggen de

onbesuisdheid, waarmee de onverwachte aanval geschiedt, zoodat de

aangevallene voor een goed deel weerloos is. Toch kan hij misschien nog

den aanval afslaan, wat ~verrassen~ niet onderstelt. _De vijand werd bij

nacht ~overvallen~ en verloor vele dooden._ Figuurlijk: _Wij werden door

den regen midden op de heide ~overvallen~._

~Overrompelen~ heeft het bijdenkbeeld, dat door den onverwachten

aanval verwarring ontstaat; de aangevallene weet dus niet, wat te doen,

en zoo maakt de aanvaller zich des te zekerder van hem meester. _De

Utrechtsche Patriotten trachten in den nacht van 29 op 30 Juli 1787 het

paleis Soestdijk te ~overrompelen~, maar de bezetting werd nog tijdig

gewaarschuwd._

* * * * *

Keur van Nederlandsche Synoniemen Ten gebruike bij de studie voor de hulp- en hoofdacte en op inrichtingen voor M.O. · 第 93 / 279 题