47. Verwelken--verdorren.

_Zijn frischheid verliezen._

~Verdorren~ wil zeggen: alle levenssappen verliezen, zoodat het sterven

noodzakelijk moet volgen. _Deze boom is bijna ~verdord~._

~Verwelken~ ziet meer op het verliezen van frischheid, kleur of geur.

_Een ~verwelkte~ bloem. De bladen ~verwelken~ bij droog weder, en, als

zij niet begoten worden, ~verdorren~ zij ten laatste._

* * * * *

Deze plant staat te --; zij moet noodzakelijk water hebben.

Door den invloed van de nabijgelegen gasleiding schijnt deze beuk te --.

De koolplanten staan reeds te --; als het niet spoedig regent, zullen

zij moeten --.

Deze zangeres is een -- schoonheid.

Keur van Nederlandsche Synoniemen Ten gebruike bij de studie voor de hulp- en hoofdacte en op inrichtingen voor M.O. · 第 55 / 279 题