Met erkentelijkheid gewaag ik van de welwillende beoordeeling, die
mijn arbeid mocht ten deel vallen. De geleverde kritiek was niet
van dien aard, dat zij tot wijzigingen van eenig belang aanleiding
gaf. Trouwens, nog slechts weinige maanden verliepen, sedert de eerste
druk verscheen, zoodat het zeer wel mogelijk is, dat meer en ernstiger
kritiek nog volgt. In welken geest deze echter ook moge uitvallen,
dit kan met voldoening geconstateerd worden, dat uit den thans reeds
noodig geworden tweeden druk blijkt, hoezeer het werkje voorziet in de
sedert lang gevoelde behoefte aan een beknopte, populaire beschrijving
van het lichaam in het algemeen en van den bouw, de ligging en de
verrichting der vrouwelijke geslachtsorganen in het bijzonder.
Amsterdam 1899. A. H. J.