1 November, 1883. H.

Zoomin als bij de elkander schielijk opgevolgde 15de, 16de, 17de,

18de en 19de, heeft de Schrijver, bij deze 20_ste_ uitgave, aan

het bovenstaande iets toe te voegen dan de verzekering, dat hij ook

voor haar zijne beste zorgen heeft overgehad; en de herinnering,

dat aan de reeds bij het schrijven der Voorrede voor de 6de

gevoelde en sedert steeds "dringender" gebleken "behoefte", in het

najaar van 1887, door zijn "_na vijftig jaar_, _Noodige en overbodige

Opheldering van de Camera Obscura_", naar vermogen voldaan is. Een

_tweede, geheel herziene druk_ zag daarvan in het voorjaar van 1888

het licht. (Haarlem, De Erven F. Bohn.)

Camera Obscura · 第 7 / 64 题