15 November.

Lieve Vadertje Langbeen,

Luister eens naar wat ik vandaag weer heb geleerd:

De ruimte van de bolle oppervlakte van de kegels van een regelmatige

pyramide is het halve product van de som van den omtrek van zijn basis

en de hoogte van elk van zijn trapeziums.

Het klinkt niet erg waarschijnlijk, maar het is tòch zoo en ik kan het

bewijzen ook.

Ik heb nog nooit over mijn kleeren gesproken, wel Vadertje? Nu, hoor dan

eens:

Ik heb zes japonnen, allemaal nieuw en mooi en extra voor mij gekocht en

niet eerst voor een ander, die er nu uitgegroeid is. Misschien begrijp

je niet eens, wat voor een punt van belang dat wel in het leven van een

John Grier-Home-kind uitmaakt. Ik heb ze alle zes van jou gekregen en

ik ben er je heel, heel dankbaar voor. Het is een zalig gevoel een

goede opleiding te krijgen maar toch is het niets, vergeleken bij het

overstelpend genot, de eigenares van zes nieuwe japonnen te zijn.

Juffrouw Pritchard, die zooals je weet een geregelde bezoekster van

het J. G. H. is, heeft ze voor me uitgezocht—gelukkig niet Juffrouw

Lippett! Ik heb een avondjapon, zacht roze voile op roze zijde gewerkt

(als ik die aan heb, ben ik heusch mooi) en een blauwe japon om naar de

kerk te gaan en een japon voor 's avonds aan tafel, roode voile met een

mooie Liberty rand (net een Zigeunermeisje is kleine Judy dan) en weer

een andere met een roze zijden ceintuur en een grijs mantelcostuum en

een daagsche japon om onder de les te dragen. Julia Rutledge Pendleton

zou het niet veel bijzonders vinden, maar voor Jerusha Abbott is het een

schat!

Nu denk je zeker: wat is ze toch een dom, frivool klein ding en waarvoor

heb ik haar nu eigenlijk naar College gestuurd.

Maar kijk eens, Vadertje, als je, zooals ik, je heele leven lang geruite

katoenen jurken hebt moeten dragen, zou je wel kunnen begrijpen wat ik

nu voel. En toen ik naar de middelbare school ging, brak er voor mij een

nog veel erger tijd aan dan die met de geruite jurken.

Toen kreeg ik de afleggers van de kinderen uit mijn klas.

O, je weet niet hoe vreeselijk ik het vond in die afleggertjes op school

te komen! Ik was er zeker van, dat ik in de klas naast het meisje moest

zitten, dat mijn kleeren eerst had opgedragen en ik voelde, dat ze zou

gaan gichelen en fluisteren en ginnegappen met de anderen en er pret

over zou maken. Het was zoo vernederend, de afgedragen kleeren van die

nesten te moeten dragen, waaraan je zoo het land hebt, en het toch niet

anders te kunnen! Al kon ik mijn heele verdere leven zijden kousen

dragen, dan zou dat toch niet het verdriet uitwisschen, dat ik toen op

school heb geleden!

Laatste oorlogsbulletin!!

Nieuws van het slagveld!

Bij de vierde rondte op Donderdag 13 November dreef Hannibal de

voorhoede der Romeinen op de vlucht en leidde de Carthagers over de

bergen in de vlakte van Casilinum. Een krijgsbende van licht gewapende

Numidiërs kwam in botsing met het voetvolk van Quintus Fabius Maximus.

Twee veldslagen en een kleine schermutseling. Na zware verliezen trokken

de Romeinen zich terug.

Vadertje Langbeen · 第 18 / 103 题