25 October.

Lieve Vadertje Langbeen,

Ik ben in het Korfbal twaalftal en ik wou dat je de rozet op mijn

linkerschouder eens kon zien. Ze is blauw met bruin en binnen in een

klein oranje knoopje. Julia Pendleton wilde ook in het twaalftal komen,

maar ze kwam er lekker niet in. Hoera!

[Illustratie: Judy op het Korfbalveld]

Nu zie je eens, wat een min schepseltje ik ben.

O, ik vind het hier hoe langer hoe prettiger. Ik houd van de meisjes en

de leeraressen en de lessen en de openluchtspelen en ook van het eten,

dat we hier krijgen. Zeg, we krijgen twee keer in de week roomijs en

nooit meer maismeelpap. Je wou eigenlijk maar één keer in de maand van

me hooren, is het niet, en ik overstroom je elk oogenblik met mijn

brieven. Maar denk eens aan, Vadertje, wat heb ik niet veel nieuws

beleefd in dien korten tijd! Ik ben zoo opgewonden, dat ik er wel met

iemand over _moet_ spreken en jij bent de eenige dien ik ken. Erger je

dus maar niet als ik het je zoo erg vaak lastig maak. Ik zal wel gauw

weer tot bedaren komen en als mijn geschrijf je verveelt, wel, dan kun

je mijn brieven altijd verscheuren en ze in je papiermand gooien. Ik

beloof je plechtig, je nu niet meer te schrijven voor midden November.

Dag,

Je kleine babbelzieke

Judy Abbott.

Vadertje Langbeen · 第 17 / 103 题