Slamat.—berg op Midden-Java. (Zoekt op!)

Soemenap.—op Madoera. Laat uw onderwijzer u iets vertellen van de

zoutmakerijen.

Sarang.—loshangend lendenkleed. Wat batikken is, weet uw onderwijzer

wel.

Tropen.—„Troop” wil zeggen: keerwoord. Als een woord gebruikt wordt in

een andere beteekenis dan die, welke het gewoonlijk heeft, dan spreekt

men van een troop. Eén der tropen is de prosopopeia, waarbij het

levenlooze als levend en als persoonlijk wordt gedacht. ’t Geweld wordt

in staat geacht, een erf te verwoesten, de laster, een kleed te verven,

enz.

(Ga nu voor uzelf de andere prosopopeia—of persoonsverbeeldingen—na!)

Tirailleur.—soldaat die strijdt in de voorste verspreide linie.

Daarachter staat de meer gesloten afdeeling.

Van Vlinders, Bloemen en Vogels.—Dit boek was toen eigenlijk nog niet

verschenen. De lezer vergeve den schrijver deze tijdrekenkundige fout,

terwille van het goede doel: de aandacht nog eens te vestigen op dit

uitstekende en leerzame boek en zijn jongere broertjes.

Voorvechter.—iemand, die zich bij een gevecht ter dood heeft gewijd. De

voorvechters kleeden zich ten teeken hunner gelofte in het wit. ’t

Behoeft niet te worden gezegd, dat het de meest geduchte strijders zijn

en dat ze het langst standhouden.

Blank en Bruin · 第 34 / 35 题