GENOEGH IS MEER.

(_Spreuk van Anna Visscher._)

Het daaglijksch brood--

Wat gift, hoe groot,

O Opperheer!

Genoeg is meer!

Is hij slechts rijk,

Wiens woekrend slijk,

Al hooger klimt,

Al heller glimt?

Hij arm, wie niet

Dien goudberg ziet?

Wiens eerlijk zweet

Hem kleedt en reedt?

o Gij, beslis,

Ervarenis!

Uw wijze stem,

heeft kracht en klem:

"Tevredenheid,"

Zegt zij, "bereidt

"Het beste deel,--

In weinig veel!"

Het daaglijksch brood,

Wat gift, hoe groot,

O Opperheer!

Genoeg is meer!

De Liereman · 第 33 / 62 题