LOGEMENTEN.

Wanneer de reiziger, die soms te Vianen deszelfs nachtverblijf zoude

willen houden, in de stoomboot of op de diligence, met Frontin mogt

hebben gezongen:

«Qu'on est heureux de trouver en voyage,

Un bon souper et surtout un bon lit.»

zal hij, wanneer hij, in de Roos, het Zwijnshoofd, het Hof van

Brederode, of het Roode Hert, zijnen intrek mogt hebben genomen, aan

zijnen wensch voldoening erlangen, en, hoezeer hij in die logementen

wel niet die comforts zal aantreffen, welke te Baden-Baden zum

Zähringer Hof, te Londen in het Hôtel Mivart, te 's Gravenhage in

den Ouden Doelen, of te Antwerpen au Grand Laboureur gevonden worden,

niettemin, wanneer hij eenen smakelijken avondmaaltijd heeft gehouden,

of op een goed bed uitgerust, van de billijke prijs der gemaakte

vertering zeer tevreden zijn en zijne reis vrolijk en opgeruimd

vervolgen.

Een Vluchtige Blik op het oude en hedendaagsche Vianen · 第 24 / 28 题