FABRIEKEN.

Oliën- en Smeerfabriek van J. P. Jannette Walen en Comp.

In de maand December 1848, werd in Vianen door J. P. Jannette Walen,

onder de firma Van Walen en Comp., opgerigt eene fabriek van Oliën en

Smeren. Aan deze fabriek is naderhand bij brevet van Zijne Majesteit,

Koning Willem III toegekend den titel van Koninklijk Nederlandsche

en de vergunning geschonken, het Koninklijk Nederlandsch wapen te

voeren. De genoemde oliën en smeren zijn bestemd ten gebruike van

stoomwerktuigen, spinnerijen, ijzergieterijen en alle soorten van

vervoermiddelen, voorts worden in dezelve vervaardigd harts-oliën,

gezuiverde hartsen, zoo mede fijnere oliën voor Horologiemakers,

enz. enz.

Dat het debiet van deze artikelen en de verzending van dezelve, zoowel

naar vele oorden in ons Vaderland, als buiten hetzelve aanzienlijk

is, spreekt van zelve; de fabriek vereischt veler handen arbeid en

verschaft aan menigen handwerksman den kost, zoodat men dezelve als

eene belangrijke bron van welvaart voor de stad Vianen mag beschouwen.

Hoepmakerij of fabriek van Hoepels van den heer Johan Cambier.

Even buiten de stad Vianen is door den heer Johan Cambier, sedert

een aantal jaren, eene fabriek van hoepels opgerigt. Deze fabriek

heeft bijzonder veel vertier. Het fabrikaat wordt, even als dat uit

de bovenvermelde, zoowel binnen- als buitenlands verzonden, zoodat ook

deze fabriek onder de nijvere volksklasse, veel welvaart verspreidt.

De Vrouwen-Vereeniging Arbeid en Liefde, bestierd door de Jonkvrouwen

Fabricius en Wincler.

Ziet gij daar, in dat huishoudelijk vertrek die jeugdige echtgenoote,

te midden van zoo vele edele maagden, rondom den gezelligen

arbeidsdisch gezeten, en zich vlijtig onledig houdende met het

vervaardigen van kleedingstukken voor behoeftige vrouwen en kinderen.

Thans tot dit weldadig doel bij één vergaderd zijn het nu niet meer

de bevallige dochteren van Terpsichorè, die zoo onlangs nog in de

danszaal op ligte brozen door rappe jongelingen ten reie werden geleid;

het zijn de deugdzame en van menschenliefde doordrongene kinderen van

Tabittha Dorkas, die waardige discipelinne der apostelen, die in de

heilige schrift staat aangeteekend, als vol zijnde van goede werken

en aalmoesen, die zij uitdeelde.

Hoe verheven is niet het oogmerk, hetwelk zij trachten te bereiken;

arbeid en liefde zijn hare leuze; zij arbeiden vlijtig voort, ten

einde te kunnen geraken tot die uitoefening van liefde, die het

verlangen is van hare harten; de zegen des Heeren rust op haar! De

schamele weduwe, het naakte weesje worden door haar gekleed, en in de

hutten der armen weergalmt het lied der dankbaarheid en der vreugde,

ter harer eere gezongen.

Op welk een eerbiedwaardig standpunt staat niet de vrouw, wanneer

zij zich harer bestemming waardig gedraagt, voorzeker aan haar,

die zoodanig eene bestemming bereikt heeft, mag Engelenwaarde worden

toegeschreven.

Op zulke vrouwen mag worden toegepast hetgeen Schiller zingt:

«Ehret die Frauen, sie flechten und weben

Himmlische Rosen in 's irdische Leben.»

Verre van ons die wufte dochteren Eva's, die alleen met ervaring weten

te spreken van het jongste blijspel, hetwelk zij hebben bijgewoond,

die aan eene dubbelzinnige charade eene juiste uitlegging weten te

geven, en, vervuld met den roman van den dag, van niets dan van ijdele

begoochelingen droomen kunnen, terwijl zij de wezenlijke pligten

verzuimen, die aan het meisje, zoo als het zijn moet, zijn opgelegd.

Maar zulke dochteren worden in Vianen niet aangetroffen; eenvoudigheid

van zeden en reine deugd kenmerken dezelve, en de jeugdige schoone,

die in den gezelligen kring, in beschaafdheid van manieren en goeden

toon uitmunt, kan men niet zelden in hare woning aantreffen, eene

verstandige bezorging van het huishoudelijke pligtmatig ter harte

nemende, en, wanneer het pas geeft, zich werkzaamheden getroostende,

over welke eene hoovaardige salet-juffer zich schamen zoude. Moge

nimmer eenige verbastering van zeden eene treurige ommezijde van

dit Tafereel zien geboren worden, maar daarvoor waarborgt ons de

goede genius, die hier ter stede over de opvoeding der jeugd steeds

wakende is.

Een Vluchtige Blik op het oude en hedendaagsche Vianen · 第 22 / 28 题