Het voorgaande hoofdstuk bestaat uit de woorden van Confucius,
overgeleverd door den filosoof Tsĕng. De volgende tien hoofdstukken,
die het verduidelijken, zijn de opvatting van Tsĕng, zooals die
neergeschreven is door zijne discipelen. In oude exemplaren van dit
werk zijn nogal eens de tabletten verward. [56] (en is dus verwarring
in de hoofdstukken. Vert.) Nu heb ik, volgens wat de filosoof Chʼing
heeft vastgesteld, en na nog eens den klassieken tekst te hebben
bestudeerd, het werk als volgt gerangschikt:
Evenals bij „Choeng Yoeng” zien wij ook hier weder, dat het eerste
hoofdstuk eigenlijk reeds de geheele Leer in essentieelen vorm is.
Eene geheele filosofie in 204 chineesche karakters! De volgende
hoofdstukken, niet ééne aaneengeschakelde logica vormende, zijn
slechts fragmenten en toespelingen ter verduidelijking.