Mijn Meester, de filosoof Chʼing zegt: „Zonder overneiging zijn is
Choeng; zonder verandering zijn is Yoeng.” Choeng is de rechte Tao van
alles onder den Hemel; Yoeng is het vaste principe van alles onder den
Hemel. Dit Boek is de overgeleverde wet van het hart [41] uit de school
van Confucius. Tszʼ Szʼ, vreezende dat zij op den duur verkeerd zou
(overgebracht) worden, schreef haar neer in een Boek, dat hij aan Meng
Tszʼ [42] overhandigde. Dit Boek spreekt eerst van het ééne principe;
dan spreidt het dit uit, en het omvat alle dingen; ten laatste keert
het terug en vereenigt ze (weer) tot één principe. Ontrol het, en het
vult het Heelal; rol het op, en het keert terug, en verbergt zich in
mysterie. Het genot er van is onuitputtelijk. Het is alles waarachtige
leering. Als de aandachtige leerling het met genot heeft gelezen en
begrepen, zal hij hebben, wat niet kan worden uitgeput.