EEN EN TWINTIGSTE TOONEEL.

Kniertje. De Boekhouder.

MATHILDE (onzichtbaar). Kaps! Kaps! (De boekhouder staat op, verdwijnt

een oogenblik, keert terug met ’n schaaltje en een geëmailleerd

pannetje).

DE BOEKHOUDER (goedig). Of je de schale bij gelegenheid anreikt – en of

je Zaterdag weer wil komme schoonmake. (Zij staart voor zich uit.

Vrindelijk legt hij haar willooze handen om schaaltje en pannetje,

sloft naar z’n kruk. Een stilte. Kniertje zit onbewogen,

smartelijk-versuft, mumt met de lippen, staat moeilijk op, strompelt

het kantoor uit)... ’n Oproeping voor de krante (glimlachend komt hij

naar den voorgrond, leunt op Bos’ schrijfbureau, leest)... „Weldadige

landgenooten! Wederom doen wij met den vriendelijksten aandrang een

beroep op uwen weldadigheidszin ten behoeve van een aantal

hulpbehoevende weduwen en weezen. De logger Op Hoop van Zegen...”

(Doek).

Op Hoop van Zegen: Spel van de Zee in 4 Bedrijven · 第 74 / 76 题