TWEEDE TOONEEL.

Jo. Kniertje. Clémentine.

CLÉMENTINE. Hoe me vader zòo’n boekhouer wil hebben, begrijp ’k niet –

doof – nijdig – smaakt ’t?...

KNIERTJE. Asjeblief juffrouw. – U mot uw moeder wel bedanke...

CLÉMENTINE. Dat zal ’k wel làten... Pa en ma zijn koppig. De herrie met

je zoons zijn ze nog niet vergeten... Mond dicht... anders krijg ’k ’n

standje. Mag Jo effen mee gaan kijken na de zee?... Ze is nog nooit zoo

hóóg geweest!...

JO. Ik wil wel, juffrouw...

KNIERTJE. Nee, laat me nou niet alleen... Is dat weer om na ’t strand

te gaan – (een gekraak) Hè!

JO. Wat wàs dat?

CLÉMENTINE. ’k Heb iets hooren breken.

Op Hoop van Zegen: Spel van de Zee in 4 Bedrijven · 第 42 / 76 题